*

 

’Wat vindt uw man ervan?’

Paul van der Steen − 09/01/09, 00:00

Ahmed Aboutaleb werd deze week de eerste allochtone burgemeester van een grote stad. Ruim zestig jaar geleden kreeg de eerste vrouw de ambtsketen om.

In het Brabantse plaatsje Oost-, West- en Middelbeers droeg de familie Smulders al ruim een eeuw de ambtsketen, toen burgemeester Jan Smulders in 1945 overleed. Om de dynastie voort te zetten en het ambt voor haar oudste zoon veilig te stellen, solliciteerde zijn weduwe, Truus Smulders-Beliën, naar de opengevallen post.

Zij werd de eerste vrouwelijke burgemeester van Nederland. Populair was ze al in de gemeente en dertien jaar ervaring als burgemeestersvrouw moest de rest doen.

Geheel in de geest van die tijd was ze echter altijd zorgvuldig buiten de zaken gehouden. Legendarisch werd de anekdote over hoe ze bij haar eerste binnenkomst als burgemeester – kennis van het bestuurdersjargon suggererend – zei: „Leg mijn jas maar efkes op het kadaster.”

Damesbladen en katholieke periodieken toonden veelvuldig belangstelling voor de vrouwelijke burgemeester uit het Brabantse. Stereotypen werden niet geschuwd. Vaak stond Smulders-Beliën met een schort voor op foto’s.

Ze hield het lang vol. Al ontstonden er in de loop der jaren twijfels over de vraag of ze voldoende meeging met de nieuwe tijd, in haar gemeente werd ze over het algemeen op handen gedragen. Ze had hart voor de burgers. Na 21 jaar burgemeesterschap stierf ze in 1966 na een kort ziekbed. Zonder overigens te worden opgevolgd door een nieuwe Smulders.

Vrouwelijke burgemeesters voelen een extra last, bovenop de normale verantwoordelijkheid van het ambt, zegt Lien Vos-van Gortel. In april 1981 werd zij de eerste vrouwelijke burgemeester van een grote stad: Utrecht. „Dan weet je: dit is nieuw en mensen gaan kijken hoe het gaat. Als het fout loopt, raakt het meer mensen dan jou alleen. Je werkt ook voor de vrouwen die na jou komen.”

Ingelijste enveloppen of andere komisch dan wel grimmig bedoelde cadeaus kreeg Vos, inmiddels 77, niet bij haar aantreden. „Ik herinner me wel dat ik in het begin werd uitgetest. Zoals bij de maiden speech van een volksvertegenwoordiger niet geïnterrumpeerd hoort te worden, zo zijn ook installatievergaderingen van burgemeesters vooral rituele bijeenkomsten. In mijn geval werd er meteen een amendement ingediend. Dan is het zaak dat je daar volgens de plaatselijke gewoonten op reageert.”

Vos had ervaring met pionieren. In 1974 werd de VVD’ster de eerste vrouwelijke wethouder van Den Haag, met een portefeuille die niet direct met een vrouw geassocieerd werd: financiën, organisatie en automatisering. „Een prachtige plek, omdat die goed inzicht geeft in hoe het bedrijf werkt.”

Eenmaal burgemeester in Utrecht, kwam ze in gezelschappen terecht die geen vrouwen gewend waren, bijvoorbeeld tijdens bijeenkomsten waar de openbare orde werd besproken. „Het voordeel is dat dat soort clubs zo vaak bij elkaar komen, dat je elkaar snel leert kennen. Dan wordt het gauw gewoon.”

Als ze al een raad mee wil geven aan Aboutaleb, dan is het dat hij snel en intensief kennis moet maken met Rotterdam. Zo wordt hij snel ’de burgemeester’ in plaats van ’de eerste burgemeester van allochtone komaf’.

Vos solliciteerde niet voor Utrecht. Ze werd gevraagd door de toenmalige commissaris van de koningin van de provincie Utrecht. Haar vrouw-zijn speelde daarbij een rol. Uiteindelijk werd de voordracht doorgestuurd naar Den Haag, waar de toenmalige minister van binnenlandse zaken Hans Wiegel de zaak in het kabinet beklonk.

Ze was, als ze het zich goed herinnert, de elfde vrouwelijke burgemeester. Ook Vos kon rekenen op de belangstelling van Margriet en Libelle. „En andere media kwamen met vragen die mannen nooit zouden krijgen. ’Wat vindt uw echtgenoot er nu van?’ en dat soort werk.”

In belangenverenigingen van burgemeesters liet ze zich, vanwege haar pioniersrol, gelden. Later in de jaren tachtig volgden meer benoemingen van vrouwen in grote steden: Elizabeth Schmitz in Haarlem, Ien Dales in Nijmegen. De laatste maakte, nadat ze in 1989 minister van binnenlandse zaken werd, flink werk van benoemingen van vrouwen. Vos nam kort daarna afscheid en werd lid van de Raad van State.

Deze rubriek verschijnt vanaf vandaag iedere vrijdag op deze plek.

mailIcon print |