*

 

De Holocaust vanuit kinderlijk perspectief

Jann Ruyters − 08/01/09, 00:00

De Engelse regisseur Mark Herman maakte eerder films als ’Brassed Off’ en ’Little Voice’, nostalgisch getinte, wat sentimentele films over een brassband en een nachtclubzangeres.

De overstap naar de Holocaust is een grote stap, des te groter nu dit holocaustverhaal – gebaseerd op een roman van John Boyne – verteld wordt vanuit het perspectief van het achtjarige zoontje van een kampcommandant.

Deze Bruno is met zijn vader, moeder en zus in een groot huis naast een concentratiekamp beland. Het kamp lijkt gemodelleerd naar Theresienstadt, zo suggereren de stukjes propagandafilm die we in de film te zien krijgen, maar er zijn wel gaskamers en die werden in Theresienstadt niet gebruikt.

De eenzame Bruno weet niet wat er gaande is achter het prikkeldraad en houdt de barakken voor een boerderij en de dunne mensen in hun gestreepte pyjama’s voor boeren. Als hij door het prikkeldraad vriendschap sluit met de angstige Shmuel, die zijn meegebrachte etenswaren gretig opschrokt, begint hem langzaam iets te dagen, maar niet genoeg.

]]>

De Holocaust vanuit kinderlijk perspectief herinnert aan Roberto Benigni’s ’La vita e bella’, een omstreden film die in de loop der jaren in mijn herinnering ook steeds stuitender is geworden. Er schuilt ook iets stuitends in ’The Boy in the Striped Pyjamas’. Je kunt het een filosofische insteek noemen – een niet begrijpend kind laten worstelen met dat wat ooit de meest onbevattelijke misdaad is genoemd – maar hier ontaardt het in gemakzucht.

Bruno’s kinderlijke blik neemt louter stereotypen waar: enge nazi vader, depressieve, angstige moeder, zieke, witte gevangenen. Het zijn wezenloze karikaturen. Zeker komt het schokkende einde hard aan. Maar die schok hebben we nu ook wel gehad. Zestig jaar na dato zou een filmmaker die zich aan de Holocaust waagt toch naar scherper en dieper inzicht moeten streven.

mailIcon print |