*

 

Huisman doet alleen wat hij moet doen

Fred Troost − 09/01/09, 00:00

De jonge marathonschaatser Sjoerd Huisman beklom gisteren de hoogste tree van het ereplatform als nieuwe marathonkampioen op natuurijs.

Onderweg had Huisman meer dan eens de moed in de schaatsen voelen zakken: „Ik heb tussendoor wel viermaal gedacht dat ik de slag gemist had”, steunde hij na zijn winnende sprint. Waarna de lach op zijn gezicht doorbrak: „Ik ben helemaal naar de kloten, maar het was voor een goed doel.”

Terugkijkend zal Huisman zich realiseren dat het een gevolg van zijn tactiek was als hij inderdaad op het einde van de wedstrijd geen goede uitgangspositie zou hebben gehad. De 22-jarige rijder uit Andijk hield zich de hele rit gedeisd in het peloton, waar hij wel bereid was werk te verzetten, maar niet om een riskante uitlooppoging te doen. Ook het herstelwerk om een opgelopen achterstand van het peloton op vermetele uitlopers goed te maken, liet hij aan anderen over.

Een van de sleurders aan de kop van het peloton was Henk Angenent, winnaar van de laatste Elfstedentocht (1997). De 40-jarige spruitjeskweker had jaren gewacht op een nieuwe aansprekende kans op natuurijs, maar nu het zover was, gaf hij tevoren al aan dat winst voor hem er niet inzat. Zijn credo luidde: „Je moet je niet gek laten maken, het hoofd fris houden.” En dan maar zien hoever je komt. Dat was niet ver; hij werd 56ste.

Een andere bijna-veteraan is Jan Maarten Heideman. Ook hij had zich laten verlokken door de mystiek van het schaatsen op natuurijs, dat – zeggen de liefhebbers – zo heel anders is dan het glijden over kunstijs.

Heideman had zichzelf een jaartje rust gegund, een ‘time-out’ genomen zoals hij zelf zei, maar hij had er geen rekening mee gehouden dat er na twaalf jaar weer een NK op natuurijs zou zijn. Dus stond hij tot veler verrassing aan de start. „Hier kun je niet wegblijven”, sprak hij daarom ferm. Om tijdens de wedstrijd te laten zien dat hij inderdaad aanwezig was. Daarmee vormde hij een opvallend contrast met de eerste drie uit de rangschikking. Na zijn inspanning om de wedstrijd spanning en elan in te blazen eindigde Heideman anoniem in de achterhoede (52ste), maar dat hij genietend aanwezig was kan niemand ontgaan zijn.

Tegenover de emotionele gedrevenheid van de oude stoempers uit het rijdersveld staat de zakelijke aanpak van de jonge generatie, zo leek gisteren de wedstrijd aan te tonen. Daarin zouden de vergaande ploegafspraken, beter is te spreken van ploeginstructies, tot een geestdodend belangenspel leiden. De dood in de pot, volgens de romantici.

Zonder romantiek lijkt het marathonschaatsen inderdaad ten dode opgeschreven. Daarom kwam het wel goed uit dat het Nederlands kampioenschap zich gisteren afspeelde in het passende decor van berijpt riet in ondoorzichtige mist. Dat was voor veel toeschouwers een deceptie; zij kregen voor hun geïnvesteerde tien euro entreegeld niet meer dan een veel te beperkt zicht op het wedstrijdtoneel. Wanneer lichten uit de mist opdoemden, betekende dat de komst van de motor die de groep begeleidde. Het peloton schoof vervolgens vliegensvlug en op te grote afstand door het beperkte gezichtsveld, waarna de kijkers weer aan vijf minuten wachten waren overgeleverd. Pas na tweeën, op de helft van de koers, brak af en toe een schraal zonnetje door. Dan waren de contouren van de overzijde van de plas te zien, maar de wedstrijd was er nauwelijks beter door te volgen.

Toch horen zulke omstandigheden bij natuurijs. Juist een te zakelijke omgeving leidt tot ontmythologisering en dat is het laatste wat de stoere mannen willen. Schaatsen op kunstijs bij een winters zonnetje is in hun ogen voetbal op kunstgras in een stadion met een dak erop. Romantiek vereist lijden, pijn, onvoorspelbaarheid. Daarom is het hoopvol dat de winnaar van gisteren, hoe zakelijk ingesteld ook, geen geloof hecht aan tevoren bedachte plannetjes: „Een scenario is er niet. Nooit. Je kunt bedenken wat je wilt, maar na vijf kilometer kunnen alle scenario’s de prullenbak in.”

mailIcon print |