Nieuws over de Gazastrook komt vooral van het Israëlische leger en van Hamas, beide niet vies van propaganda. Trouw-medewerkster Soehair Karam, opgesloten in haar huis, probeert niettemin verslag te doen.
Al elf dagen zitten de meeste mensen in de Gazastrook thuis opgesloten. De stroom is uitgevallen, winkels zijn gesloten. De Hamas-televisie mag dan nog werken, tv kijken is er niet bij zonder stroom, behalve dan voor de enkeling die over een generator beschikt. Het ’nieuws’ wordt via-via doorgegeven, per telefoon (maar gisteren deden de vaste lijnen het nauwelijks nog) en via de lokale radiostations waar mensen inbellen.
Op de radio van de islamitische beweging Al-Aksa roept Ahmed Aboe Rnaim gillend om hulp. Zijn huis is getroffen door een raket en staat in brand. Hij en zijn acht familieleden zitten binnen gevangen, ze kunnen er niet uit. „God, help ons, mijn huis staat in brand”, klinkt het door de ether. „We gaan allemaal dood.” De presentator van Al-Aksa vraagt hem de precieze locatie van het huis, zodat hij de Rode Halve Maan en de brandweer te hulp kan roepen.
Alle radiozenders zenden haast continu de nummers uit van de hulpdiensten en dringen er bij de luisteraars op aan die voor noodgevallen op te schrijven. Ze raden de mensen ook aan thuis te blijven en nooit naar een plek te gaan die onder vuur is genomen. Mensen met extra voedsel, kleren en dekens wordt dringend gevraagd ze te doneren aan families die door de Israëliërs gedwongen zijn hun huizen te verlaten in het noorden van de Gazastrook en die nu in scholen schuilen.
Terwijl de Israëlische Apaches en bommenwerpers hun beschietingen voortzetten, nemen de noodkreten op de radio toe. Mensen bellen ook om hulp te vragen voor familieleden en buren die onder het puin bedolven zijn. De lokale zenders zijn dag en nacht in de lucht met nieuws, maar ook met hun commentaren.
De radio van de Islamitische Djihad haalt fel uit naar de buitenwereld: „Israël bombardeert ons en de wereld kijkt toe en rechtvaardigt het uitmoorden van de burgerbevolking”. De zender van het Volksverzetcomité Sawt al-Sjaab (Stem des Volks) vertelt de luisteraars dat alle Palestijnse facties nu gezamenlijk de vijand bestrijden met alle middelen die ze hebben, hoewel die middelen niet te vergelijken zijn met de militaire macht van Israël. Er volgen patriottische liederen waarin ook uitgehaald wordt naar de Arabische wereld: „Jullie Arabieren zwijgen, terwijl Palestina in opstand is. Jullie Arabieren, horen jullie niet de roep van de Al-Aksamoskee?”
Sommige commentatoren vertellen dat Israël in deze oorlog is verslagen. Zo zegt een politiek commentator vanuit de Westoever dat het Israël niet is gelukt de raketaanvallen te stoppen, en dat „ondanks zijn grondoffensief, Israël er niet in geslaagd is tot diep in Gaza door te dringen”. Daarna volgen opnieuw meldingen over de slachtoffers en smeekbedes om hulp – vanuit de gehele Gazastrook.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.