Het bange Irak-beleid van Den Haag is schadelijk, zeggen Iraakse zakenlieden.
Nederland, handelsnatie bij uitstek, laat een belangrijk handelsgebied liggen. Waar Duitsland in drie maanden tijd 300 visa aan Irakezen verstrekte en Tsjechië, Italië en Frankrijk het afgelopen jaar honderden, hebben Iraakse zakenlieden grote moeite om papieren voor Nederland te krijgen. Terwijl in Irak zoveel zaken te doen zijn, zegt Lokman Abdoela Kadir, voorzitter van de Iraqi-Holland Business Union.
Op zijn grote bureau staat een Nederlands vlaggetje, erachter hangen een kaart van Nederland, een foto van de Koerdische leiders Barzani en Talabani en van koningin Beatrix. De bond is drie maanden geleden begonnen in de Koerdische hoofdstad Irbil. Doel: de relatie tussen Irak en Nederland verbeteren, vooral op het vlak van handel. Vijftien grote bedrijven in de Koerdische regio zitten in het bestuur en die zoeken een zelfde aantal leden in Nederland. „We willen in Koerdistan de poort naar de rest van Irak zijn”, zegt Lokman.
Groot struikelblok is het feit dat de Nederlandse ambassade in Irak geen visa afgeeft, en dat geldt dus ook voor het consulaat in Irbil. Alle aanvragen gaan via Turkije, Syrië of Jordanië. Visa-aanvragen uit Irak worden door Nederland streng bekeken uit angst voor asielzoekers. Tussen de aanvraag en de toekenning zitten op z’n best drie weken, maar dat kan oplopen tot twee maanden. Zelfs Koerdische en Iraakse ministers moeten deze weg volgen.
„We zijn rijke zakenlieden, er is geen enkele kans dat we in Nederland asiel aanvragen. We willen goederen importeren, Nederlandse investeerders uitnodigen”, zegt Lokman. Er is veel te doen in Irak: de landbouw en veeteelt moeten worden ontwikkeld, er zijn waterwerken te verrichten, er moet veel worden gebouwd, wegen worden aangelegd, energieprojecten zijn nodig. De zakenlieden willen Nederlandse zakenpartners zoeken, via conferenties, seminars en ontmoetingen. Ze willen in Irbil een zakencentrum openen waar Nederlandse bedrijven zich kunnen presenteren. Waarom Nederland? „Koerdistan heeft landbouw nodig en experts op het gebied van irrigatie. Nederlandse bedrijven staan daar bekend om.”
Het kantoor is volgelopen met zakenlui die strak in het pak zoete hapjes en fruit eten. Ze komen hier iedere middag, als het werk gedaan is. Vrijwel allemaal zijn ze al wel eens in Nederland geweest, sommigen hebben de Nederlandse nationaliteit. Trots houden ze een rondleiding door het aan de buitenzijde deels oranje geverfde gebouw, dat boven slaapruimte heeft voor bezoekende zakenlieden.
Een politieke beslissing is nodig, stellen ze. De Nederlandse ambassade in Irak moet worden opgewaardeerd, zodat die visa kan afgeven. De Haagse politiek moet de realiteit accepteren dat Koerdistan veilig is, al is Irak dat nog niet. „We hebben hier geen bommen en geen ontvoeringen.” Zelfs de Amerikanen zijn daarvan overtuigd; de Amerikaanse ambassadeur voor economische wederopbouw, Marc Wall, bracht vorige week twaalf Amerikaanse zakenlieden mee op bezoek aan Irbil.
Den Haag moet groen licht geven voor een bezoek van een Nederlandse delegatie „om te zien wat de mogelijkheden zijn en dat het hier veilig is”, zegt Lokman. De Nederlandse autoriteiten „moeten bedrijven aanmoedigen, zodat we die andere landen voorbijstreven.” Maar de animo voor zo’n bezoek is in Den Haag niet groot. „Op de handelsbeurs in Irbil vorig najaar stond helaas geen enkel Nederlands bedrijf’’, stelt een van de leden van de unie vast.
Uit alles wat de heren zeggen, blijkt dat ze vinden dat Nederland zich ten onrechte door angst laat leiden. Het wordt daardoor gepasseerd door moediger Europese landen. „Italië heeft ieder jaar een handelstentoonstelling. Er zijn al twaalf bedrijven uit Duitsland actief in Koerdistan. Drie Duitse bedrijven investeren in German Village, een luxewoonwijk.”
De zakenlieden spreken hun verbazing uit dat zelfs oliemaatschappij Shell het laat afweten, terwijl er nog zeven blokken vrij zijn in het olieveld van Kirkoek. „Shell zit wel in Basra, niet hier. Het bedrijf heeft een goede reputatie, de Noren hebben die niet. Toch zijn Noorse oliebedrijven hier nu de grootste.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.