Op de eerste dag van het liquidatieproces in Amsterdam moest rechtbankvoorzitter Lauwaars meteen optreden: „Ik bepaal de orde.”
Als om precies kwart voor tien ’s morgens de vouwgordijnen in de rechtszaal omhoog gaan, ziet het publiek vanaf de tribune een prachtig decor. Bodes, bewakers, advocaten, verdachten, rechters, officieren van justitie, rechercheurs, ze zijn er allemaal, ieder in zijn rol.
Aan het begin van het liquidatieproces in de bunker in Amsterdam brengt voorzitter Frits Lauwaars van de rechtbank een korte groet. „Een speciaal welkom aan de nabestaanden van de slachtoffers”, laat de president zich van zijn menselijke kant zien. Dan leest hij elf namen voor van de verdachten en streept aan wie er wel en niet zijn. Vijf zijn aanwezig, onder wie Peter la Serpe, verdacht van moord maar als kroongetuige van het Openbaar Ministerie (OM) vooral de man, met wie dit proces inhoudelijk valt of staat.
La Serpe is, in de letterlijke betekenis, volledig onzichtbaar. Voor zover de blikken van de rechter te volgen zijn, zit hij achter een soort kogelvrij glas, achter zwarte gordijnen, links gezien vanaf de pers- en publieke tribune. Zijn rol is voorlopig beperkt. Zoals altijd bij grote zaken staan de eerste uren in het teken van wederzijds aftasten. Voorzitter Lauwaars laat meermalen blijken dat hij zich goed heeft voorbereid. Als een schoolmeester wijst hij raadslieden, die hem om de haverklap interrumperen, terecht. „U moet mij laten uitpraten, ik bepaal de orde.” Advocaat Jan-Hein Kuijpers begrijpt de boodschap. Hij steekt een vinger op als hij een vraag heeft.
Nog minder te spreken is Lauwaars over opmerkingen en vragen van advocaten over de wijzigingen in de rechtbanksamenstelling. Weliswaar zijn veranderingen toegestaan en gebruikelijk, maar na 25 pro forma zittingen in het liquidatieproces vinden enkele advocaten het vreemd dat er, met Lauwaars, nu zelfs een nieuwe voorzitter is. Niets bijzonders, heeft eerder het rechtbankbestuur geantwoord. Daar zijn niet alle advocaten van overtuigd.
Zij willen dat er een ’verschoningskamer’ wordt ingesteld waarin de voorganger van Lauwaars uitlegt waarom hij zich heeft teruggetrokken. „Ik proef hieruit een ernstig gevoel van wantrouwen”, zegt de huidige voorzitter. „Dat vind ik erg jammer. Het rechtbankbestuur heeft gezegd dat het terugtrekken van mijn voorganger niets te maken heeft met deze zaak. Het is een persoonlijke afweging en dat moet u geloven.” Het verzoek om een verschoningskamer in te stellen, wijst de rechtbank af.
Meer inhoudelijk is het verhaal van officier van justitie Betty Wind. Er zit, maakt zij duidelijk, heel veel werk in dit ’Passageproces’. Er zijn vijftig gerechtelijke vooronderzoeken geopend, 257 getuigen gehoord, dertig verdachten verhoord, vijfhonderd telefoonlijnen getapt, 170.000 gesprekken opgenomen, tienduizend processen-verbaal opgemaakt, 250 dossierordners samengesteld en per rechercheur zijn er vorig jaar 262 overuren gemaakt.
La Serpe heeft verklaringen afgelegd over veertien liquidaties. Het betreft acht ’voltooide’ liquidaties, waarbij elf dodelijke slachtoffers vielen. Daarnaast zijn er zes zaken met pogingen tot liquidatie. Door de verklaringen van de kroongetuige zijn ook schijnbaar zekere liquidaties voorkomen, zegt Wind. Het proces wordt vandaag voortgezet.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.