Ouders van kinderen van bijna vier jaar staan voor een belangrijke keuze: naar wat voor basisschool stuur ik mijn kind? Vierde deel van een serie in de krant en op de website van Trouw: de vrijeschool.
In de gang van de Michaëlschool in Leeuwarden gooien twee 9-jarige leerlingen elkaar een bal toe. De worp gaat telkens gepaard met het opgeven van een som. Zes keer zeven is... en de bal vliegt weg, 42 klinkt het als hij aan de andere kant gevangen wordt. „Dit”, zegt directeur Marie-Marth Prins, „is nu typisch vrijeschool. Bewegen bij het leren, daar gaat het om.”
De tafels leren is een cognitieve bezigheid, maar door erbij te klappen, stampen of elkaar de bal toe te spelen, maak je er ook een fysieke oefening van. „Kinderen die beeldend denken, kunnen bijvoorbeeld door te klappen of te stampen beter onthouden. Een van mijn eigen kinderen is juist erg cognitief en die helpt het weer bij het ontwikkelen van zijn motoriek.”
Al snel doet zich een nieuw voorbeeld voor van wat ’typisch vrijeschool’ is. De leerlingen moeten even opzij, want er komt een zingende kleuterklas voorbij, hand in hand, de juf voorop. Ze zingen over stralende sterren en zijn op weg naar de les euritmie, eveneens bewegingsonderwijs.
Daar speelt een medewerkster van de school piano en de juf vertelt er een verhaaltje bij, waarop de kinderen in een rondje lopen. Het gaat over een huisje in een bos. De kinderen springen over denkbeeldige takken.
De afwisseling van rust en bewegen staat centraal op de vrijeschool, zegt Prins. „Ook in de gewone les taal of rekenen, ja. Na tien minuten klappen en stampen met elkaar in een kring, volgt bijvoorbeeld 30 minuten klassikaal les aan tafeltjes, waarbij de juf uitlegt of de leerlingen gaan zelfstandig aan de slag.”
De Michaëlschool, met 148 leerlingen, is een van de krap honderd vrijescholen in Nederland. Leerlingen komen soms van meer dan 50 kilometer ver, omdat hun ouders bewust voor deze onderwijsvorm kiezen.
Vrij, is al snel duidelijk, betekent allerminst dat de kinderen vrij zijn te doen wat ze willen. Het betekent dat de school vrij is om het onderwijs te geven dat ze wil, legt leerkracht Hetty van Rijn uit.
Toch is de onderwijsinspectie de laatste jaren begonnen streng toe te zien op de vrijescholen, die met regelmaat op de lijst met zeer zwakke scholen belandden. De leerlingen worden niet goed gevolgd, er zijn te weinig toetsen om te bekijken of ze wel goed leren lezen, schrijven en rekenen, vond de inspectie.
Dat heeft tot aanpassingen geleid. De Michaëlschool volgt de leerlingen weldegelijk, toetst ze ook en doet mee aan een door de inspectie goedgekeurde eindtoets in groep 8, vertelt directeur Prins.
De inspectie controleert de uitkomsten van het onderwijs, maar de wijze waarop kinderen iets leren, dat bepalen scholen zelf. De boeken en methodes die op de meeste basisscholen de basis van de les vormen, zijn op de vrijescholen niet leidend. „Wij hebben onze eigen leermethoden”, legt Prins uit.
Ouderwets, het is een beetje een Balkenende-achtig woord, vindt zij, maar het past wel bij veel van wat er op haar vrijeschool gebeurt. Zo zijn er gewoon nog kleuterklassen voor de jonge leerlingen en is de eerste klas wat tegenwoordig elders groep 3 heet. De basisschool is hier niet ingevoerd. „Je bouwt zo een heel stabiele ondergrond voor kinderen en die hebben ze nodig om groot te worden.”
Maar dat betekent weer niet dat de kinderen niks leren in de kleuterklas, vervolgt Prins. Zo wordt er bijvoorbeeld geregeld koper gepoetst door de kleuters. „Dat sluit aan bij hun behoefte om mee te helpen bij het verzorgen van hun omgeving. Juf, kijk, ik heb nu een gouden kandelaar zeggen ze dan, dat vinden ze prachtig. Je geeft ze zo de kwaliteit van het mooi maken. Maar ze leren ook om zich te concentreren tijdens het poetsen.”
Pas na de kleuterjaren komen de kinderen op de echte school en leren ze vakken als taal en rekenen. Er zijn vanaf de eerste klas vakdocenten voor niet alleen gym, maar ook vormtekenen, boetseren, muziek, Engels, Duits en Fries.
Er is meer dat aan vroeger doet denken op de vrijeschool. De kinderen zitten in de klas, altijd van één leerjaar, keurig in rijtjes van twee en de meerderheid van de tijd is er klassikaal les.
Leerlingen houden hier verder drie jaar lang dezelfde juf of meester. De juf leest veel sprookjes voor en vertelt over oude sagen. Plastic wordt geweerd, de juf schrijft gewoon met krijt op het bord en de schoolbanken zijn van hout. Geen tl-verlichting in de klas, wel hanglampen die een zacht licht verspreiden.
De resultaten van dit onderwijs zijn beter dan de gemiddelde andere reguliere school, zegt Prins. De overgrote meerderheid van de leerlingen gaat na de zesde klas naar de havo of het vwo. Die bovengemiddeld hoge score komt ook, geeft de directeur toe, doordat de vrijeschool vooral door kinderen van witte, hoogopgeleide ouders wordt bezocht. „Ik ken geen onderwijsconcept dat zoveel aan de wereldgodsdiensten doet als de vrijeschool. Maar om mohammedanen hier in de school te krijgen dat is nog een item. Het is wel een van mijn doelen om toch de schoolbevolking meer een afspiegeling te maken van de bevolking.”
Voor de overige afleveringen kijk op www.trouw.nl/basisschoolkeuze
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.