Drie jaar na de vorige gascrisis is tussen Rusland en Oekraïne opnieuw een conflict uitgebroken. Net als in 2006 wisten de twee landen niet tot overeenstemming te komen over een nieuw contract. Bovendien betaalde Oekraïne zijn rekening erg laat en weigert het land de boete te betalen die het Russische gasbedrijf Gazprom daarvoor in rekening brengt. Een akkoord is nog niet in zicht.
Anders dan in 2006 blijven de effecten voor de EU-lidstaten tot nu toe beperkt. De EU krijgt ongeveer een kwart van haar gas van Gazprom en daarvan wordt tachtig procent via Oekraïne naar Europa gepompt. Maar waar in 2006 de EU-landen de gasdruk in hun leidingen plotseling met dertig procent zagen dalen, zijn alle partijen nu beter voorbereid. Er zijn voorraden aangelegd en Rusland pompt via andere routes extra gas naar de EU.
Hoewel er harde woorden worden gesproken, zullen Oekraïne en Rusland er dit jaar uiteindelijk wel uitkomen. Rusland is immers nu nog afhankelijk van Oekraïense pijpleidingen voor het transport van gas naar zijn belangrijkste afnemers in de EU. Dat betekent dat Oekraïne scherp kan onderhandelen over de prijs, en een eventueel hogere prijs voor gas (deels) kan compenseren met een hogere belasting op doorvoer. Beide landen kunnen niet zonder elkaar.
Op langere termijn wachten echter grote problemen, met name voor Oekraïne. Dat profiteerde lang van zijn status als voormalige Sovjetrepubliek en kon Russisch gas op een koopje krijgen. Nu met name de Oekraïense president Joesjtsjenko zich van Moskou afkeert en probeert aansluiting te krijgen bij de Navo en de EU, voelt Rusland weinig meer voor commerciĆ«le mildheid. En dat is ook wel te begrijpen.
Het grootste probleem is dat Oekraïne tot op het bot is verdeeld. De leidende politici gunnen elkaar het licht in de ogen niet en zijn, zelfs nu hun land in diepe economische crisis dreigt te raken, voornamelijk met hun onderlinge strijd bezig. Dat betekent dat cruciale economische hervormingen en een coherent buitenlands beleid uitblijven.
Rusland werkt in samenwerking met Europese landen aan alternatieve pijleidingen – om de oude Sovjetstaten heen, direct naar de belangrijkste afzetmarkt. Die zijn mogelijk in 2012 klaar. Die geopolitieke toekomst zou de Oekraïners tot daden moeten dwingen. De EU kan en moet het land helpen door het technisch en financieel bij te staan, maar het zijn vooral de Oekraïense politici zelf die zich op die toekomst moeten voorbereiden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.