El Salvador zet opnieuw een streep onder de voormalige burgeroorlog. De partij die voortkwam uit de guerrillabeweging levert de president.
Een televisiejournalist die ooit voor CNN verslag deed van de burgeroorlog in El Salvador, zal op 1 juli worden beëdigd als de president. Met Mauricio Funes krijgt het land een staatshoofd afkomstig uit het Farabundo Marti Nationaal Bevrijdingsfront (FMLN), dat tot 1992 een van de twee strijdende partijen was in een burgeroorlog.
Funes was nooit een guerrillastrijder, maar zijn vicepresident, Sánchez Cerén, was dat wel, in de periode van twaalf jaar dat het FMLN probeerde de rechtse regering in El Salvador omver te werpen. Toen de aanstaande president in jasje en wit overhemd zondag zijn overwinningstoespraak hield, hoorden veteranen van de gewapende strijd hem aan in hun rode bloezen. De keus van het FMLN voor Funes is beslissend te zijn geweest. Het stelde die kiezers gerust die er genoeg van hadden de rechtse partij Arena aan de macht te zien, maar ook de oud-strijders van het FMLN niet vertrouwden.
Funes noemde zijn verkiezing zondag ’het tekenen van een nieuw vredesakkoord’, verwijzend naar de akkoorden die in 1992 werden gesloten om de strijd te beëindigen. „Een verzoening van het land met zichzelf.” En als om dat te onderstrepen prees hij het leger voor zijn werk op de verkiezingsdag, maar citeerde hij ook bisschop üscar Romero. De bisschop werd vermoord in 1980 nadat hij het leger had opgeroepen geen burgers meer te doden, toen die opriep om de zorg voor de armen voorrang te geven. „Dat zal ik doen: steun geven aan de armen en de uitgeslotenen.”
De overwinning van het FMLN was krap, 51 tegen 49 procent. Tijdens de campagne lag Funes verder voor op zijn Arena-tegenstander Rodrigo Avil, een voormalig politiecommissaris. Maar de Arena wist de achterstand bijna in te lopen door een felle campagne, waarin Funes werd afgeschilderd als een zetbaas van de Venezolaanse president Hugo Chávez. In reclamespots werd daarbij de nadruk gelegd op de chaos die er in Venezuela zou zijn.
Arena waarschuwde ook dat een overwinning van het FMLN de betrekkingen met de Verenigde Staten zou schaden. Die zijn voor El Salvador erg belangrijk, want terwijl het land zelf 6,5 miljoen inwoners telt, wonen er 2,5 Salvadoranen in de VS. Het geld dat zij naar huis sturen is een belangrijke – maar in deze tijden slinkende – bron van inkomsten.
Een ander strijdpunt tijdens de campagne was de aanpak van de benden of maras. Ook die komen uit de VS, om precies te zijn uit de gevangenissen in dat land. Salvadoranen die daar terecht kwamen en daarna naar El Salvador werden teruggestuurd, namen de bendecultuur uit die gevangenissen mee. El Salvador heeft mede daardoor het hoogste aantal doden door geweld in heel Latijns-Amerika.
Achtereenvolgende Arena-regeringen hebben geprobeerd de bendes met keihard politieoptreden te bestrijden. Tot dusver heeft dat geen resultaat gehad. Funes mag het nu proberen met een op armoedebestrijding gericht beleid. Daarbij zal hij met rechtse partijen moeten samenwerken, want in het parlement heeft de FMLN geen meerderheid.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.