*

 

Megaschip brengt hoop in de haven

Gerrit Post − 17/03/09, 00:00

Een enorm schip ligt in Scheveningen om daar het evangelie aan de man te brengen. De Logos Hope doet dat overal op de wereld. „Het evangelie zorgt voor hoop en hulp brengt de bemanning door bijvoorbeeld waterputten te slaan.”

  • (Trouw)
  • In een van de gangen van het schip bidden enkele bemanningsleden. (FOTO'S ROBIN UTRECHT, ANP)
  • De kennis zit in de boekwinkel aan boord van de Logos Hope. (Trouw)

’Hij past precies tussen de kademuren.” Voor Jan Lagas uit Den Haag is dat genoeg reden om een kijkje te nemen aan boord van het enorme zendingsschip Logos Hope dat in de haven van Scheveningen ligt.

Bemanningslid Celina Naaijen heet bezoekers enthousiast welkom. Ze werkt anderhalf jaar bij zendingsorganisatie Operatie Mobilisatie (OM). Naaijen verzorgde de papierwinkel rond het aanmeren. „Nederland is het enige land waar we een vergunning moesten aanvragen om te flyeren op straat.”

Het schip evangeliseert in havens en biedt ’kennis, hoop en hulp’. „De kennis zit in de boekwinkel aan boord, waar naast christelijke lectuur ook educatieve boeken te koop zijn. Het evangelie zorgt voor hoop en hulp brengt de bemanning door bijvoorbeeld waterputten te slaan.

„Een Afrikaan kocht aan boord een boek over motoren. Toen het schip vier jaar later terugkwam, stond hij op de kade met het boek in zijn handen. Hij had een garage opgezet. Uiteindelijk werd hij ook christen.”

Volgens Naaijen doet OM niet aan hit and run. „We werken altijd samen met lokale organisaties, we willen een impuls geven aan zendingswerk. Dat waarderen mensen. Een paar jaar later komen we terug. We zien dan vaak groei.”

Neem, zegt Naaijen, de hulp aan prostituees in Stockholm. „Een kerk biedt al hulp. Wij ondersteunden dat door een luisterend oor te bieden aan prostituees. Eentje moest huilen. Dat raakte me. Ze had nog nooit een knuffel van iemand gehad die er niets voor terugwilde.”

In Nederland gaat de bemanning van de Logos Hope onder meer naar Delft om daar te evangeliseren.

Celina Naaijen: „Mensen die naar buiten lopen moeten zich afvragen: Wat geeft mij hoop?’’

De 350-koppige bemanning bestaat uit vrijwilligers. Henrik en Carlijn Wiltink bewonen hut 744: twaalf vierkante meter, met bedbank, bureau en een aanrecht, plus een kleine badkamer. De Wiltinks – het enige echtpaar aan boord – zien het evangelie als hun levensdoel. Ze zetten zich in voor ’de wereld, omdat er overal nood is’.

Carlijn (24) wilde altijd al ’zielige kindjes’ helpen, een ’strijdpunt in onze relatie’. Want Henrik (27) vond evangelisten ’geitenwollensokkentypes’. De ontmoeting met een bevriend echtpaar dat onder Braziliaanse straatkinderen werkte, bracht de omslag. Henrik: „Die man wilde eerst óók niet, maar hij was compleet veranderd. Hij was er helemaal vol van.”

Na een korte periode Brazilië volgde een ’oriënterend gesprek’ met OM. Dat verliep bevredigend, maar de schepen van de organisatie wilden geen echtpaar aan boord hebben. Hendrik : „Dan weet je niet wat je overkomt. We hadden het idee dat God ons hierheen geleid had.” Uiteindelijk konden ze aanmonsteren.

Het leven aan boord is niet altijd even leuk, zeggen ze. Carlijn Wiltink studeerde Personeel & Arbeid en werkte twee jaar bij de belastingdienst, maar die expertise werd niet benut. „Ik moest vier maanden schoonmaken. Heel frustrerend. Maar ik dacht: ik ben hier geplaatst en God is er blij mee.”

Bij het schoonmaakwerk kwamen ook duidelijk de problemen aan het licht die de 45 verschillende culturen aan boord met zich meebrengen. Carlijn: „Sommige culturen weten niet hoe ze een westers toilet moeten gebruiken. Dan hurken ze boven de pot en heb je voetafdrukken op de bril staan. Of Sri Lankanen die de ene hand gebruiken om hun kont af te vegen en met de ander eten.”

Henrik: „Maar het normale leven is ook niet altijd rozengeur en manenschijn. Als ik zie hoe God ons gebruikt, ben ik erg blij dat we hier zitten. Op straat staan is nog steeds niet mijn ding. Maar je hoeft niet heilig te zijn, anders kan niemand hier aan boord zitten.”

In de boekwinkel lopen de Haagse vriendinnen Henriëtte Degueldre en Carla van de Berg. Dat het schip in Scheveningen ligt, noemen ze uniek. „Dit schip bouwt alleen maar op. Ik heb niets met het christendom, maar zolang ze het met liefde vertellen heb ik er geen problemen mee.”

mailIcon print |