De prestaties van de Nederlandse industrie in de afgelopen vijftien jaar geven genoeg vertrouwen om te geloven dat ze ook deze crisis wel te boven komt.
Ontslagen, instortende export, afnemende bedrijvigheid en stokkende kredietverlening: de negatieve berichten over de industrie volgen elkaar de laatste weken in hoog tempo op. Gisteren meldde de Nederlandse Vereniging van inkoopmanagement een nieuw dieptepunt in de industriële bedrijvigheid en trok de mode- en textielindustrie aan de bel wegens moeilijkheden door terughoudende banken en kredietverzekeraars.
Toch is er volgens hoogleraar industriële ontwikkeling en innovatiebeleid Dany Jacobs geen reden tot pessimisme. De prestaties van de Nederlandse industrie in de afgelopen vijftien jaar geven genoeg vertrouwen om te geloven dat ze ook deze crisis te boven komt. Dat een metaalbedrijf als Corus problemen heeft, is volgens Jacobs vervelend, maar gezien de omstandigheden niet abnormaal. Die moeilijkheden zijn conjunctureel, niet structureel.
Jacobs: „Een bedrijf als General Motors in de Verenigde Staten is al twintig jaar een voorbeeld van hoe het niet moet. Daar zijn niet de juiste lessen uit het verleden getrokken. Iets dergelijks is in Nederland niet aan de hand. Kijk naar Philips, dat vijftien jaar geleden op omvallen stond. Dat is hersteld en er is geïnvesteerd in innovaties. Het bedrijf heeft nu weliswaar problemen door de crisis, maar het staat zeker niet op omvallen. Dat geldt volgens mij voor geen van de Nederlandse bedrijven die nu in het nieuws komen.”
Wel is het bedrijfsleven het vertrouwen tijdelijk kwijt, denkt Jacobs. Een sector als de bouw werd jaren gekenmerkt door optimisme. Dat er zoiets als conjunctuur bestaat, leek men even vergeten. Wanhoop om economische neergang is volgens Jacobs dan ook niet terecht.
Ook Geert de Raad, voorzitter van de Industriële Kring Twente (IKT, met 1200 ondernemingen) toont zich niet pessimistisch. Ja, orders worden uitgesteld, waardoor de productie wordt vertraagd, en er zijn bedrijven die werknemers moeten laten gaan. En nee, niemand verwacht dat de neergang binnen een jaar voorbij is.
De Raad: „Toch moeten we elkaar niet de put in praten. Als commissaris bij verschillende bedrijven en voorzitter van de IKT zit ik bij veel overleggen met ondernemers en de teneur is nergens negatief. Zeker driekwart van de bedrijven neemt nu de tijd om mensen bij te scholen. In de regio Twente zitten met name toeleveringsbedrijven en die hebben te maken met uitstel van orders, bij mijn weten nog niet met afstel. De productie draait nu niet meer op volle toeren. Men gunt zich tijd om na te denken over innovaties die de concurrentiepositie van het bedrijf kunnen versterken.”
In Twente zijn verschillende industriële sectoren (voedsel, textiel/ kunststof, bouw en metaal) vertegenwoordigd. De meeste pijn zit hem in uitstel van orders, waar vooral de bouw en de metaalindustrie door worden geraakt. Verwante bedrijven als Wavin, Europees marktleider in kunststof buizen, merken daarvan de gevolgen. Bij voedselproducenten als Bolletje, Johma en Grolsch daarentegen is weinig neergang te merken. Kleine bedrijven in de hightechhoek passen zich volgens De Raad snel aan en komen ongeschonden uit de strijd.
Dat bedrijven, bijvoorbeeld kleine aannemers, over de kop gaan, sluit De Raad niet uit. Er zullen banen verloren gaan. „Als je laag opgeleid bent, is dat geen goed nieuws, maar om hoger opgeleiden vechten industriële regio’s als Twente, Limburg en Noord-Brabant. Als er weer groei geboekt wordt, moeten bedrijven klaar zijn om de concurrentie aan te gaan. Personeel klaarstomen voor die innovaties is nu van groot belang.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.