*

 

Rommelbank moet bankbalansen zuiveren

Jan Kleinnijenhuis − 24/01/09, 00:00

Wereldwijd zien overheden zich gedwongen opnieuw de banken te hulp te schieten. Daarbij komen ook eerder verworpen oplossingen weer in beeld.

Wouter Bos wil nog niets uitsluiten. Ook de volledige nationalisatie van het Nederlandse bankwezen als oplossing voor de voortmodderende problemen bij banken is nog niet verlaten. De minister van financiën wil er maar mee zeggen dat hij zal doen wat noodzakelijk is, tegelijkertijd laat het de onduidelijkheid zien waarin de toekomst van de bankensector nog is gehuld.

Bos was deze week niet de enige die radicale opties opperde om de al anderhalf jaar durende crisis bij de banken aan te pakken. Sterker nog, in een week tijd spraken opvallend veel ministers van financiën over de mogelijkheid een zogenoemde ’slechte bank’ op te richten. De nieuwe minister van financiën in de Verenigde Staten, Timothy Geithner, zei woensdag in het Congres serieus te overwegen zo'n rommelbank op te richten. Europese ministers van financiën in België, Duitsland en Engeland spelen eveneens met het idee.

Dit nieuw te vormen bedrijf zou alle slechte leningen bij de banken moeten weghalen. Dan gaat het om al die gestructureerde producten en gevallen beleggingen waarvan niemand weet wat ze waard zijn, maar die banken in een verlammende greep houden. De onduidelijkheid over de waarde van de eigen bezittingen zorgt ervoor dat banken terughoudend zijn met kredietverstrekking, en elkaar ook niet vertrouwen.

Het idee van die slechte bank is op verschillende manieren uit te voeren. In één variant is de overheid degene die de nieuwe bank opricht en alle slechte leningen van banken opkoopt. Een andere is dat elke bank zelf een aparte dochter opricht en daar alle slechte leningen instopt. De overheid garandeert vervolgens (een deel van) de verliezen die op de beleggingen worden geleden. In beide gevallen zijn de banken geschoond van hun slechte kredieten en kunnen zij zich weer richten op het uitgeven van kredieten.

In beide gevallen zal de overheid weer flink geld moeten inleggen om de banken overeind te houden. Maar nu in Europa regeringen telkens rondes van kapitaalinjecties bij de banken moeten doorvoeren om ze overeind te houden, komt langzaam de vraag op wat er meer gaat kosten: eindeloos nieuwe kapitaalinjecties, of in één keer alle slechte leningen opkopen.

Het oprichten van een rommelbank is zeker geen nieuw idee. Het oorspronkelijke plan van de afgezwaaide Amerikaanse minister van financiën Paulson was erop gericht voor 700 miljard dollar aan slechte leningen op te kopen. De vraag tegen welke prijs de overheid de leningen zou moeten opkopen bleek uiteindelijk een te groot struikelblok. Immers, wanneer de overheid te weinig betaalt komen de banken in nog grotere problemen dan ze al zaten. Betaalt de overheid te veel, dan worden de banken beloond voor de slechte investeringen. Dat is onaantrekkelijk voor de schatkist en niet uit te leggen aan de kiezers. Toen veel Europese landen ervoor kozen direct geld in de banken te steken, gooide ook Paulson zijn plan over een andere boeg.

Een studie van de Wereldbank uit 2002, die de financiële crises van de afgelopen 50 jaar onderzocht, concludeert echter dat de nu gekozen maatregelen als garanties voor de spaarders en terugkerende kapitaalinjecties de kosten én de duur van de crisis vaak verlengen. Directe nationalisatie, apart zetten van slechte leningen en snelle doorverkoop van de banken zijn op korte termijn duur en vaak moeilijk uit te leggen, maar maken aan de crisis wel snel een eind. Na anderhalf jaar kredietcrisis beginnen overal ministers van financiën wat aan dat idee te wennen.

mailIcon print |