*

 

Koerdisch parlement en de pers

Judit Neurink − 03/02/09, 16:17

weblog Wie is journalist? Wat zijn taboes in de Nederlandse pers? En als het over de staatsveiligheid gaat? Koerdische parlementariers vuurden hun vragen af op twee Nederlandse ex-collega’s.

  • (Judit Neurink)
  • (Judit Neurink)
  • (Judit Neurink)

Ze waren in grote getalen komen opdagen. Ondanks de vroege aanvang na de twee extra vrije dagen in verband met de Iraakse verkiezingen (,,Normaal beginnen we na vrije dagen niet om negen maar pas om tien uur’’), bleken bijna dertig Koerdische parlementsleden geinteresseerd in een workshop over de relatie tussen politiek en pers. Twee Nederlandse ex-kamerleden waren ervoor naar Koerdistan afgereisd.

Gerrit Valk (PvdA) en Jan Dirk Blaauw (VVD) hebben iets dergelijks, maar dan veel uitgebreider in 2006 ook al voor het Iraakse parlement in Bagdad gedaan. Ook dat in Kosovo heeft van hun adviezen kunnen profiteren, en hun cv vermeldt nog tal van andere op de Balkan en in voormalige Sovjet-republieken.

De combinatie van een liberaal en een sociaal-democraat die gezamenlijk en vriendschappelijk optrekken, en soms openlijk van mening verschillen – dat was op zich al leerzaam voor de leden van KNA (Kurdistan National Assemblee). Want hier is er soms zo’n vijandschap tussen leden van verschillende partijen, dat ze nauwelijks met elkaar praten.

Maar de reden om Valk en Blaauw uit te nodigen was een andere vijandigheid: die tussen politici en de pers. Die een deel van mijn inspanningen voor een betere kwaliteit van de Iraakse media vergeefs zou kunnen maken. Daarom moet een project met meerdere onderdelen (zie ook www.imckiraq.com) politici ervan overtuigen dat media niet de vijand zijn, maar dat je die juist moet gebruiken om de burger te bereiken. Dat ,,de burger er recht op heeft te weten wat partijen en politici willen en van plan zijn’’, zoals Blaauw het verwoordde. ,,En als je niet doet wat je de burger belooft, verlies je z’n vertrouwen. Dus als het om een goede reden niet lukt, moet je dat via de media uitleggen.’’

Het regende vragen. Niet alleen over media, en de praktische omgang ermee. ,,Hier kan je moeilijk een onafhankelijke pers hebben, want we zijn begonnen in de bergen’’, verkondigde een van de parlementsleden, refererend aan het verzet van KDP en later ook PUK tegen Saddam vanuit de Koerdische bergen. Koerdistan heeft inmiddels een viertal onafhankelijke kranten en bladen (al deel ik sommige daarvan liever in onder het kopje ‘oppositie’, maar dat komt vooral doordat er vanuit het parlement geen echte oppositie komt). Veel Koerdische parlementariers hadden weinig positieve ervaringen met journalisten, ,,ik wil niet zeggen dat ze onprofessioneel zijn, maar wel dat ze te weinig weten’’.

Maar verrassend genoeg kwamen er ook veel vragen over parlementair werk. Het stellen van kamervragen – in Nederland een voor pers en politiek aangename manier van nieuws maken – bleek een novum. Maar ook coalitievorming, de rol van oppositie (die in Koerdistan maar een paar zetels bezet en nauwelijks bestaat, omdat de samen regerende KDP en PUK de meeste bezetten), al dan niet werken naast het parlement (waar ze in Koerdistan met maar enkele plenaire sessies per maand nog tijd voor hebben), voorkeurstemmen, en fractiediscipline bij het stemmen.

Geduldig en eerlijk kregen ze antwoord. Waarvoor de trainers na afloop omstandig werden bedankt. En een enkeling kondigde aan morgen weer te komen. Hoewel het dezelfde workshop is die drie ochtenden draait, om zoveel mogelijk van de 111-leden de kans te geven erbij te zijn.

mailIcon print |