Tv-maker Prem Radhakishun maakt in zijn omstreden programma ’De school van Prem’ een terecht punt, vindt hoogleraar Paul Leseman.
„Hij legt de vinger op de zere plek”, zegt de Utrechtse hoogleraar orthopedagogiek Paul Leseman over televisiemaker Prem Radhakishun. „Wij doen in ons onderwijs niet genoeg voor kinderen die een speciale behoefte hebben.”
Om die reden haalde Radhakishun tien leerlingen van een commercieel bijlesinstituut en probeert hen zelf klaar te stomen voor de Citotoets. Wekelijks zijn hun vorderingen te volgen (elke donderdag om 22.15 uur bij de NPS op Nederland 1).
De leerlingen uit groep 8 hebben een leerachterstand van tussen de vier en vijftien maanden. Van hun school hebben ze te horen gekregen dat ze naar een lage vorm van vervolgonderwijs moeten. Tegelijk hebben ze grote dromen: de een wil piloot worden, een ander dierenarts. Radhakishun vindt dat ze die droom waar moeten kunnen maken. De achterstand die ze hebben, is veroorzaakt door de basisschool, stelt hij.
Binnen het onderwijs is er inmiddels fikse kritiek op zijn programma losgebarsten. Het onderwijs en de kinderen worden gebruikt voor amusement en onterecht zwartgemaakt, vinden bijvoorbeeld onderwijsbonden. Bovendien is de toets geen examen en hoort er niet extra voor geoefend te worden, stelt toetsontwikkelaar Cito uit Arnhem zelf. De Citotoets behoort slechts een meting te zijn die een advies oplevert voor vervolgonderwijs.
Hoogleraar Leseman daarentegen prijst de programmamaker. De leerlingen in Prems school hebben extra aandacht nodig om goed te presteren en daar is het onderwijssysteem niet op ingericht, zegt Leseman.
Terecht, vindt hij, is het onderwijsbeleid erop gericht om leerlingen zo lang mogelijk in het reguliere basisonderwijs te houden en alleen naar het speciaal onderwijs te sturen als het echt niet anders kan. Maar dit mooie principe wordt in de praktijk niet waargemaakt met extra zorg voor deze leerlingen. „Zij verdienen meer aandacht, maar krijgen die niet, waardoor de school er niet uit haalt wat erin zit.”
Gebrek aan geld is een van de redenen dat de scholen niet in staat zijn leerlingen met een achterstand goed te begeleiden, denkt Leseman.
Minister Plasterk van onderwijs noemt het programma van Radhakishun misleidend. „De realityshow is gestoeld op de aanname dat het goed is dat kinderen een advies voor havo of vwo krijgen en dat een vmbo-advies slecht voor ze is. Ik vind dat een verkeerde moraal, want twee derde van de Nederlandse kinderen gaat naar het vmbo en wordt daar opgeleid voor prachtige beroepen, van meubelmaker tot buschauffeur”, reageerde hij eerder.
Hoogleraar Leseman heeft naast veel waardering ook een bedenking bij de formule van Radhakishun: „Wat gebeurt er met deze kinderen als het programma en de extra aandacht wegvalt, als Prem niet meer in de buurt is?”, vraagt hij zich af. „Stel, ze komen op een hoger niveau terecht, dan is de volgende hobbel het einde van de brugklas. Hoe doen ze het dan? Zij hebben voortdurend extra steun nodig, maar het systeem is daarop niet ingericht. Daar zie ik voor deze groep wel een gevaar.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.