De saamhorigheid, nodig om de economische crisis te bestrijden, is tanende. In Davos vallen China en Rusland de hegemonie van de dollar aan.
Ieder voor zich, of een plan voor ons allen. Voor die keuze staan de wereldleiders bij de bestrijding van de ergste crisis sinds de Tweede Wereldoorlog. Tijdens het World Economic Forum in Davos, dat dienst doet als sanatorium voor de zieltogende mondiale economische wereldorde, wordt de keuze niet gemaakt.
Davos – waar de Amerikaanse president Barack Obama niet verscheen, maar wel de Chinese premier Wen Jiabao en zijn Russische ambtgenoot Vladimir Poetin – blijkt vooral een plaats te zijn geworden voor het verteren van de zich als een olievlek over de wereld verspreidende crisis.
Consensus is er over de oorzaken van de crisis en de noodzaak tot ingrijpen. Over de mate van urgentie is zo ongeveer iedereen het wel eens: de wereldeconomie scheert langs de afgrond en wat er de afgelopen tien jaar in ontwikkelingslanden aan welvaart is opgebouwd, wordt rap ingeleverd. Maar daarna stokt het denkproces.
In oktober, op de jaarvergadering van IMF en Wereldbank, kwamen de 185 leden van die instellingen nog tot een slotverklaring waarin gezamenlijk optreden als grootste kans op succes werd genoemd. Tijdens de daarop volgende top in november van de G20, de 20 landen die het mondiale raamwerk voor de economie vormen, wisten de leiders de saamhorigheid nog te bewaren.
Sindsdien lijken de wegen vooral te scheiden. WTO-topman Pascal Lamy heeft inmiddels meermalen gewaarschuwd voor de opkomst van desastreus protectionisme. Hij ziet vrijwel overal maatregelen die de eigen industrie beschermen en ten koste gaan van die van de buren.
Nu nog, zo oordeelt hij, is de gekozen vorm van steun niet strijdig met de regels van de vrijhandelsorganisatie, maar ze naderen de grens wel. Internationaal wordt met zeer gemengde gevoelens gekeken naar de VS. Daar begon de crisis en daar moet een belangrijk deel van de oplossing vandaan komen. Maar als die oplossing heet Buy Made in USA, dan zit de de wereld daar niet op te wachten.
De premiers van China en Rusland, Wen en Poetin, haalden in Davos, soms in duidelijke bewoordingen en soms zonder namen te noemen, stevig uit naar de VS. Voor Poetin staat vast dat te grote afhankelijkheid van de dollar een bedreiging vormt voor de wereld. Hij pleit voor de opkomst van regionale munten die de invloed van de dollar als ’s werelds enige reservemunt moeten neutraliseren.
Wen riep op het toezicht op de belangrijkste munten in de wereld aan te scherpen. De gemeenschappelijke noemer in hun verhaal is de vrees dat straks Washington er wel in slaagt de vele miljarden dollars te kunnen lenen om de Amerikaanse economie vlot te trekken en zij alleen nog tegen steeds hogere rentepercentages geld kunnen lenen op de internationale kapitaalmarkt.
Wen waarschuwde de VS geen confrontatie met China te zoeken als het gaat om een opwaardering van de Chinese munt. De VS vinden dat China via het kunstmatig laag houden van de yuan de Amerikaanse economie schaadt en overwegen zelfs een klacht in te dienen bij de Wereldhandelsorganisatie (WTO). Als dat gebeurt, zijn er volgens Wen twee verliezers: de VS en China.
Het IMF, normaal gesproken aan de zijde van de VS, ziet niets in de Amerikaanse klacht en vreest dat een Chinees-Amerikaans conflict over de munten een oplossing voor de mondiale crisis in de weg gaat zitten.
Of het nu het IMF is, de ILO (VN-organisatie voor arbeid), de WTO met topman Pascal Lamy voorop of vooraanstaande economen als Kenneth Rogoff, zij allen roepen op tot internationaal gecoördineerde actie. In de ’behandelkamers van sanatorium Davos’ wordt daar wel aan gewerkt. De resultaten moeten in april en juli tijdens de vergaderingen van de G20 en de G8 (de zeven rijkste landen en Rusland) zichtbaar worden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.