Ajax lijkt na een 0-1 nederlaag tegen Heerenveen af te haken in de titelstrijd met AZ. Onder coach Van Basten is geen progressie geboekt ten opzichte van de voorgaande seizoenen.
Hoor Marco van Basten praten na de cruciale én niets verhullende 0-1 nederlaag tegen Heerenveen, waarmee Ajax lijkt te hebben afgehaakt in de titelstrijd met AZ. Hij kan, vindt de trainer van Ajax, zijn jongens een compliment maken omdat ze ’kei- en keihard’ hebben gewerkt.
Zo zegt hij het werkelijk, en met een flinterdunne glimlach benadrukt hij zelf dát hij het zo zegt. Het is een subtiele vorm van zelfspot waarmee hij zich nog enigszins poogt te distantiëren van al die andere trainers die dit wekelijks zeggen – als het goed is gegaan of als het, zoals nu, fout is gegaan en er in arren moede toch íets gezegd moet worden.
Dat neemt niet weg dat Van Basten, een van de beoogde hoofdrolspelers van dit seizoen en misschien wel de voornaamste, op de mogelijk beslissende avond ervan klinkt als een gewone trainer, om niet te zeggen een doodgewone trainer. Nieuw is dat gevoel niet. In zijn periode als bondscoach had het zich al herhaaldelijk opgedrongen. Het was vooral vanwege de persoonlijkheid van Van Basten en de ontwikkeling daarvan een interessant tijdvak. Maar als coach verraste hij niet – niet met een ingreep die kon beklijven, niet met een visie van een hogere orde.
Als verzachtende omstandigheid kon gelden dat hij geen of, later tijdens zijn vierjarige bewind bij Oranje, weinig ervaring had. In dat licht mocht het curieus heten dat Ajax hem aanstelde, te meer vanwege de situatie waarin dat gebeurde. Na een aaneenschakeling van mislukkingen was Ajax doorgelicht door de commissie-Coronel, die twee coachmodellen aanbeval waarin Van Basten naar de letter beschouwd niet paste. Toch werd hij kennelijk capabel geacht als trainer met vergaande bevoegdheden, de optie waarvoor werd gekozen. Daarmee lag, in dit prille stadium nog van Van Bastens carrière, een hachelijke vorm van overschatting op de loer.
En hier zit hij dan. Het is de laatste dag van januari, en de strijd om de landstitel lijkt al verloren. Als Ajax geen kampioen wordt, kan dat als nog pijnlijker worden aangevoeld dan in de afgelopen jaren, die van de hegemonie van PSV. Zelfs nu PSV als enige resterende topclub onder de concurrenten ver is teruggevallen, lijkt het niet te lukken in Amsterdam. En in zijn bovenbeschreven almacht had Van Basten toch relatief fors mogen investeren in nieuwe spelers, voor een slordige 30 miljoen euro.
Daarmee geconfronteerd wijst Van Basten erop dat er hogere inkomsten tegenover staan. Dat klopt, na de financieel profijtelijke verkoop van Heitinga en Huntelaar. Toch klinkt het als een uitvlucht van een gewone trainer. De handelsbalans mag op orde zijn, na het vertrek vorig seizoen al van Sneijder en Babel, en het zou er anders hebben uitgezien als al die talenten nog in Amsterdam hadden gespeeld, zoals Van Basten óók stelt. Maar dat is de handicap van een coach van Ajax, en van elke Nederlandse topclub. Misschien niet meer vanwege de mythe, die bij Oranje al was doorgeprikt, maar dan toch als clubicoon werden juist van Van Basten de intelligentie en de inventiviteit verwacht om desondanks een representatief en weerbaar team te kunnen formeren.
Dat lukt (ook) hem vooralsnog niet, in elk geval niet over een langere periode. Van Basten bracht, evenals bij Oranje, nog niets verrassends. De recordaankoop van de Servische momentenvoetballer Sulejmani typeerde hem in hoge mate. Zijn filosofie als bondscoach was grofweg aldus samen te vatten geweest: Als er maar genoeg goede, technische voetballers staan opgesteld, moet het uiteindelijk goed komen. Maar het kwam niet goed, op het WK 2006 noch op het EK 2008, waar Oranje én Van Basten in de beslissende stadia niet op vurige tegenstand berekend bleken.
Desondanks is er in de kern niets veranderd. Ingrijpende maatregelen heeft Van Basten niet getroffen om de essentiële disbalans bij Ajax tussen aanvallende en verdedigende mogelijkheden te verhelpen. Hij probeerde iets door (ook weinig prikkelend) verdediger Wielaert tussentijds aan te trekken, maar de dertiger draait voorlopig obligaat mee. Zo herhaalt zich bij Ajax het patroon van Van Bastens Oranje. Clubtopscorer Suarez en in veel mindere mate Sulejmani tonen soms aardige staaltjes, maar als het eens niet lukt en de tegenstander is energieker, zoals een week eerder FC Groningen (1-0) en zaterdag Heerenveen, blijkt het geraamte te broos.
Ver achter het stabiele AZ ligt Ajax op het schema van de voorgaande twee seizoenen, met één punt meer in dit stadium dan in 2008 onder interim-coach Koster en één punt minder dan een jaar daarvóór onder Ten Cate. Waaruit mag blijken dat er geen progressie is geboekt – én hoe gewoon Van Basten ondanks de irreële verwachtingen vooralsnog als trainer is.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.