„Ik word belazerd", zegt de verdachte, een Hagenaar (eind twintig) van Turkse komaf, tegen de politierechter. „Ik heb altijd alles voor m’n vrouw gedaan. En nu dit."
Hij doelt op de aangifte die zijn vrouw tegen hem deed. Volgens zijn echtgenote heeft hij haar geschopt, geslagen en aan haar haren door de kamer gesleurd.
„Ik heb haar niet mishandeld. Ik heb juist goed voor haar gezorgd. In 2001 zijn we getrouwd. Ze komt uit Turkije, ik heb haar gestimuleerd Nederlands te leren, om zo een sociaal isolement te voorkomen. Ik heb haar rijbewijs gefinancierd en een huis gekocht”, zegt de verdachte, die een baan heeft als financieel controller.
„Er ligt een gedetailleerde aangifte”, zegt de rechter. „En in het dossier zitten foto’s van uw vrouw met een bont en blauw gezicht.”
De huisarts heeft een röntgenfoto van haar hoofd laten maken, omdat hij een fractuur vreesde. „Hoe kwam ze dan wel aan al die verwondingen?” wil de rechter weten.
„Geen idee”, antwoordt de man. „Toen ik het zag, was ik geshockeerd. Ik vroeg haar hoe het kwam, maar kreeg geen respons. Ze wilde er niet over praten.”
„Het Openbaar Ministerie is ook wel een beetje geshockeerd”, begint de officier van justitie zijn requisitor. „Uw vrouw is in elkaar geslagen en u heeft geen flauw idee hoe dat gekomen is. Volstrekt ongeloofwaardig.”
De aanklager rekent het de verdachte zwaar aan dat zijn driejarige zoontje aanwezig was bij de mishandeling. „Die praat daar nog vaak over met zijn moeder: ’papa heeft mama geslagen’.”
De aanpak van huiselijk geweld is een speerpunt van het OM, vervolgt de officier. Hij eist vijf maanden cel waarvan twee voorwaardelijk.
Speerpunt goed en wel, zegt de advocaat van de man. „Maar het OM draait de bewijslast om: verdachte heeft geen verklaring voor het letsel, ’dus zal hij het wel zelf gedaan hebben’. Zo werkt het natuurlijk niet. Het bewijs dat mijn cliënt heeft geslagen, is er gewoon niet.”
De rechter vindt van wel. Er liggen uitgebreide verklaringen: van de huisarts en ook van de ouders van verdachte, die beamen dat er die avond ruzie was tussen het stel.
De man vreest dat hij zijn baan verliest als hij wordt veroordeeld. Op zijn werk weten ze niet dat hij in voorarrest zit; hij heeft verlof genomen voor onbepaalde tijd. De rechter heeft begrip: „Als u uw baan kwijtraakt, komt u nog verder in de problemen.” De man krijgt een celstraf gelijk aan zijn voorarrest (zodat hij meteen vrij komt). Plus 35 dagen voorwaardelijk en zestig uur werkstraf. Een echtscheidingsprocedure is al in gang gezet, laat de man weten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.