*

 

Burgemeester oordeelt over eigen besluit

Perdiep Ramesar − 29/01/09, 00:00

Gemeentelijke commissies die bezwaren van burgers behandelen, zijn vaak niet onafhankelijk. Volgens deskundigen is procederen zo zinloos.

Leden van gemeentelijke bezwaarschriftcommissies zijn in veel gevallen partijdig, omdat ze vaak verbonden zijn aan de gemeente.

Een voorbeeld van een bezwaarschriftencommissie waar vragen bij kunnen worden gesteld, is die van Alkmaar. De burgemeester is daar voorzitter van de commissie, waarin hij bezwaren behandelt tegen besluiten die hij zelf heeft genomen.

Hoogleraar bestuurskunde Michiel de Vries van de Radboud Universiteit in Nijmegen noemt dit een ’extreme schijn van belangenverstrengeling’. „De burgemeester beslist hier over zijn eigen handelen.”

Hoogleraar gemeenterecht Hans Engels van de Rijksuniversiteit Groningen en Universiteit Leiden noemt deze gang van zaken ’uiterst bizar’. „Dit zou volgens het bestuursrecht helemaal niet moeten mogen.”

Jaarlijks worden in Nederland vele duizenden bezwaarschriften behandeld. Burgers die een gemeentebesluit willen aanvechten, moeten volgens de regels eerst bezwaar maken bij de gemeente en kunnen pas daarna naar de rechter. Volgens De Vries is deze tussenstap in een procedure zinloos als er een schijn van belangenverstrengeling is.

Uit een inventarisatie van Trouw blijkt dat er in Nederland vier soorten gemeentelijke bezwaarschriftencommissies bestaan. Bij drie is de onafhankelijkheid in het geding.

De experts hebben vooral kritiek op commissies die worden voorgezeten door de burgemeester of wethouders. De overige leden zijn vaak ambtenaren die de voorzitter ondersteunen. In andere gemeenten zitten naast een onafhankelijke voorzitter, raadsleden uit de betreffende gemeente. Leiden en Den Haag kennen zo’n commissie. Dit is de meest voorkomende variant.

Het derde soort commissie is die waarin ambtenaren van dezelfde gemeente zitten die niets met het bestreden besluit te maken hebben, zoals in Amsterdam. Hier oordelen ambtenaren over het werk van hun collega’s. In de vierde categorie, die het minst voorkomt, zitten louter onafhankelijke leden – meestal juristen – die geen belang hebben bij het besluit noch betrokken zijn bij de gemeente, zoals in Delft. Dat is zoals het zou moeten, vinden beide hoogleraren.

mailIcon print |