opinie Uit een bliksemonderzoek onder het kijkerspanel van EénVandaag (7000 man/vrouw) bleek de helft ervan overtuigd dat de commissie-Davids de waarheid over de Nederlandse politieke steun aan de oorlog tegen Irak niet aan het licht brengt. Achttien procent had geen enkele behoefte aan onderzoek en de rest was bereid de oud-president van de Hoge Raad en zijn commissie het voordeel van de twijfel te geven.
De betekenis van zo’n onderzoek is problematisch. Betekent dit dat het panel deze commissie op voorhand afdoet als een onderonsje van het establisment? Of is men ervan overtuigd dat zelfs zo’n zware commissie niet in staat zal zijn om een vinger te krijgen achter de kuiperijen van inlichtingendiensten en/of de manipulaties van politici van het type Bush/Blair? En los daarvan: wat is waarheid? Sinds Pilatus deze vraag stelde is er nimmer een overtuigend antwoord op gevonden.
Persoonlijk geloof ik er ook niet in dat deze commissie zoiets alomvattends als dé waarheid boven tafel haalt. Daarentegen geloof ik wel in het bestaan van oprechte pogingen tot waarheidsvinding. En ik geloof ook dat er methoden bestaan waarmee we de waarheid bijna kunnen betrappen. Eén zo’n methode is het door de eeuwen beproefde rechtsproces met zijn checks en balances, met zijn gegarandeerde hoor- en wederhoor, met een onafhankelijke rechter en vooral niet te vergeten met zijn eis dat de rechtspraak in de volle openbaarheid dient plaats te vinden, zodat iedereen de gang van zaken kan meebeleven en controleren.
Wat me stoort is dat in de Nederlandse politiek deze vorm van waarheidsvinding niet erg populair is. De autoriteiten hier grossieren liever in door henzelf geregisseerde lezingen van de waarheid, die de gekozen volksvertegenwoordiging van commentaar mag voorzien. Maar het moet niet ontaarden in het instellen van eigen onderzoek, om dat ’onheil’ af te wenden stelt het kabinet kwesties liever in handen van een commissie van wijze mannen. Alles is beter dan een parlementair onderzoek, want daar komt alleen maar narigheid van.
Nou twijfel ik er geen seconde aan dat de commissie-Davids in dit geval uitstekend werk zal leveren. Ik acht het zelfs niet uitgesloten dat zij (om Wouter Bos te citeren) zelfs beter in staat is om tot de waarheid door te dringen dan het parlement. Mijn probleem is echter dat het resultaat ook dan relatief is. Het spijkerharde bewijs dat De Hoop Scheffer zijn Navo-chefschap te danken heeft aan zijn wel/of niet coöperatieve opstelling zal nooit geleverd worden. Evenmin zal de commissie het bewijs kunnen leveren of Nederland (in afwijking van Engeland en de VS) deze oorlog gesteund heeft louter en alleen omdat Saddam Hoessein VN-resoluties aan zijn laars gelapt heeft.
De commissie-Davids zal een rationele waarheid presenteren, gebaseerd op nota’s, rapporten van veiligheidsdiensten en getuigenverklaringen achter gesloten deuren. Dat alles brengt ons ongetwijfeld een stap dichter bij de waarheid. Maar in dit stadium is de natie vooral geïnteresseerd in het verhaal achter de feiten. Wat we willen weten is welk gezicht De Hoop Scheffer trekt als hij met feiten en omstandigheden wordt geconfronteerd. Zoals we ook de geloofwaardigheid willen proeven van de ’gebedsmolen’ van Balkenende dat je een oorlog al mag beginnen op basis van verouderde resoluties.
Zo’n vorm van waarheidsvinding is alleen maar mogelijk op basis van een parlementaire enquête met verhoren die zich afspelen in de schijnwerper van de volle openbaarheid. Dat dwingt tot echte verantwoording, die we in de rapportage van Davids node zullen missen. Mijn voorspelling is daarom dat die enquête er uiteindelijk toch komt. Dan lijkt het wel zo verstandig om meteen maar door de zure appel heen te bijten. Terwille van de geloofwaardigheid.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.