*

 

Koekje van Gods genade

Door: redactie − 20/02/09, 00:00

Ze smelten op de tong, deze Tsjechische boí milosti (Gods genade), en worden ter gelegenheid van Vastenavond gebakken. Ze zijn natuurlijk het hele jaar door heerlijk, maar het is hogere bakkunst, waarvoor tijd en aandacht nodig is.

Met andere woorden: feestkoekjes. We kregen het recept van Maria Bartonikova, een in Veselí nad Moravou befaamd koekjesbakster en zeer royale gastvrouw. Halveer de hoeveelheden als u geen tientallen gasten ontvangt!

Meng de 500 g bloem met de suiker en het zout. Kneed er met de hand of in de keukenmachine eidooiers, bier en suiker door tot u een soepel, niet klevend deeg krijgt. Rol het deeg op een met bloem bestoven werkvlak uit, leg de ’baksteen’ erop en vouw het deeg eromheen. Rol het deeg iets uit, vouw het in drieën en laat het deeg 30 minuten rusten. Herhaal uitrollen, vouwen en rusttijd nog twee keer.

Snijd het deeg in drie porties en rol die uit tot rechthoekige lappen van 2 à 3 mm dik. (Als u het deeg in één keer uitrolt, wordt de lap onhandelbaar groot).

Snijd met een gekarteld deegwieltje een lap in repen van 2,5 cm breed en snijd die repen in stukken van 7,5 cm. Snijd de rechthoekjes deeg in het midden in de lengte in.

Verhit in een grote diepe bakpan een laag van 5 cm zonnebloemolie.

Haal een uiteinde van een deeglapje door de snee in het midden, zodat een soort knoop ontstaat. Rek het in zichzelf verknoopte lapje iets uit en leg het in de hete olie. Werk snel en bak er een stuk of acht tegelijk (afhankelijk van de grootte van de pan). Draai ze om zodra de onderkant iets gekleurd is en laat ook de andere kant kleuren.

Laat ze uitlekken op keukenpapier en bestrooi ze, terwijl ze nog warm zijn, flink dik met poedersuiker (gemengd met vanille of kaneel). En maak u geen zorgen als de baksels er niet allemaal precies hetzelfde uitzien. De koekjes zijn een paar dagen houdbaar, maar proef ze vooral vers. Alsof er een engeltje... enzovoort.

mailIcon print |