*

 

’Gehandicaptensector dumpt lastige cliënten’

Wilfried van der Bles − 19/02/09, 00:00

De gehandicaptenzorg is in opspraak: is de sector bezig lastige of dure cliënten te dumpen? Directeur Bruning van de brancheorganisatie geeft weerwoord.

  • Zorginstellingen mogen niet zomaar kwetsbare cliënten verwijderen (de mensen op de foto komen niet in het verhaal voor). (FOTO TON BORSBOOM, ANP)

En opeens is er een schandaal. Een ouderechtpaar uit Utrecht spant een kort geding aan tegen het blindeninstituut Bartiméus vanwege het opzeggen van het zorgcontract met hun verstandelijk en visueel gehandicapte dochter. De ouders verweten het instituut verwaarlozing van hun dochter en bestookten de zorgverleners met e-mails en telefoontjes. De leiding van Bartiméus vond dat de zorgverleners het werken onmogelijk werd gemaakt en besloot tot een paardenmiddel: opzegging van het zorgcontract. De ouders willen dat dat besluit wordt teruggedraaid.

Een dergelijk kort geding – morgen is de uitspraak – is niet uniek in de gehandicaptenzorg. Cliënten wordt vaker de deur gewezen, als de zorgrelatie om welke reden dan ook onmogelijk is geworden. Maar dit kort geding heeft een venijnig staartje gekregen. Sinds juni vorig jaar bestaat er namelijk een ’handreiking’ van de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) over hoe te handelen, wanneer zich een dergelijke lastige situatie voordoet. De handreiking, getiteld ’Bezinnen over beginnen of stoppen’ was tot dan toe vrijwel onopgemerkt gebleven, maar de ouders van de gehandicapte vrouw uit Utrecht meenden zich te herkennen in een gevalsbeschrijving (’wangedrag familie in de instelling’) in de handreiking. En opeens staat de handreiking in het brandpunt van de belangstelling. Cliëntenorganisaties die door de VGN destijds niet zijn geraadpleegd, verwijten de sector stiekem lastige of dure bewoners te willen dumpen. Vandaag debatteert de Tweede Kamer over de kwestie.

VGN-directeur Hans Bruning erkent dat hij een steekje heeft laten vallen. Overleg met de cliëntenorganisaties is er niet geweest. „Maar de suggestie dat wij de handreiking bewust geheim hebben willen houden, slaat nergens op. Het stuk is naar de Tweede Kamer gestuurd en naar de staatssecretaris. En het is op ons ledennet te raadplegen door 5.000 mensen. Ook wisten de cliëntenorganisaties van het bestaan.”

Bruning zegt dat hij de plotselinge opwinding niet goed begrijpt. Maar het is toch wel invoelbaar dat er woede ontstaat over een handreiking voor instellingen die af willen van lastige bewoners? Het gaat om de meest kwetsbaren in de samenleving.

Bruning: „Het beeld dat wij ons gemakkelijk willen ontdoen van lastige cliënten is niet terecht. Volgens de handreiking moet je, als zich een nieuwe cliënt aandient, als instelling zorgvuldig nagaan of je wel de expertise in huis hebt om die persoon op te vangen. Soms kan iemand beter elders terecht. Verder beschrijft de handreiking aan welke zorgvuldigheidseisen een instelling moet voldoen alvorens een zorgcontract kan worden verbroken. Daar is jurisprudentie over. Een instelling moet er alles aan hebben gedaan om verwijdering van een cliënt te voorkomen. En er moeten zeer ernstige redenen voor zijn: bijvoorbeeld fysiek geweld van de cliënt of zijn familie.”

Heeft een zorginstelling niet de plicht iedere cliënt te aanvaarden die zich aandient? Bruning: „Dat is een misverstand. De formele zorgplicht ligt bij de verzekeraars. Dat geldt voor de hele zorg, niet alleen de gehandicaptenzorg. Vindt de politiek dat de zorgplicht wel bij de instellingen berust, dan hangt daar een prijskaartje aan.”

Bruning betreurt het dat bij cliëntenorganisaties het beeld is ontstaan dat de VGN de positie van de cliënten wil verzwakken. „Wij proberen alleen maar zorgvuldig te handelen. We gaan die handreiking zeker niet intrekken. Want het is een beschrijving van de bestaande praktijk. Zonder handreiking zullen de problemen heus niet verdwijnen.”

mailIcon print |