In de Weekly Addresses laat Obama zien dat hij meer is dan een uitstekende spreker. Hij is een sluwe strateeg.
Obama bindt veel aanhangers aan zich met zijn sprekerstalent. Hij toont dat talent in de wekelijkse speeches waarin hij via radio en YouTube de Amerikanen toespreekt. Een nadere analyse van deze Weekly Addresses laat zien dat vooral zijn sluw gekozen strategie zorgt dat zijn verhaal nog steeds beklijft.
In de Addresses bespreekt Obama zijn beleid. Hij schetst echter steeds de glorieuze boodschap van hope en change, die zijn overwinning kenmerkte. Maar als je naar de filmpjes kijkt, klinkt deze boodschap allang niet meer zo overtuigend als tijdens de verkiezingstijd. Dat de Addresses keer op keer toch vertrouwen wekken, komt vooral door de wijze waarop Obama de boodschap brengt.
De plannen die Obama presenteert, helpen – volgens zijn laatste Address – de economie er bovenop en bieden tegelijkertijd oplossingen voor grotere vraagstukken, zoals de klimaatverandering, het onderwijssysteem en het zorgstelsel. Interessant is dat deze thema’s tijdens alle uitzendingen naar voren komen, maar dat de presentatie van de plannen verschuift.
Zo verkoopt Obama in zijn eerste speeches zijn Recovery and Reinvestment Plan door steeds te hameren op de louter positieve gevolgen van dit herstelplan. Obama: „Het is een plan dat in de komende paar jaar drie tot vier miljoen banen zal scheppen.” En elders: „Het is een eerste betaling voor Amerika’s toekomst te investeren in energieonafhankelijkheid en onderwijs, betaalbare gezondheidszorg en infrastructuur.”
Het Congres nam Obama’s Recovery and Reinvestment Plan aan. Toch was Obama’s argumentatie niet eens zo bijster sterk. Hij wees puur op de wenselijke gevolgen van zijn plan: als we dit plan aannemen, dan zorgen we voor meer banen, een goede infrastructuur enzovoorts. Maar die gedroomde toekomst, daar is nu nog steeds geen sprake van.
Om toch te overtuigen kiest Obama voor een perspectiefwisseling in zijn laatste speeches. Hij schetst het plan niet langer als een stap in het besluitvormingsproces, maar definieert het plan als ’Because of what we did’. Daarmee suggereert Obama dat het plan een actie is, die inmiddels tot het verleden behoort.
Een mooi voorbeeld hiervan is zijn speech op 21 februari 2009: „Door hetgeen wij samen deden, zullen er nu spaden in de grond en kranen in de lucht zijn en zullen arbeiders onze vervallen wegen en bruggen herbouwen en onze gebrekkige dijken repareren.” Met deze perspectiefwisseling omzeilt Obama precies de vraag die iedere criticus de afgelopen weken stelde: Hoe nu verder? Wanneer gaan we resultaten zien?
Op zichzelf een terechte vraag. Maar Obama wuift deze strategisch weg. Nu het plan aangenomen is, dendert de trein volgens Obama vanzelf voort. Sterker: de gevolgen zijn allemaal al zichtbaar. „De scheppen gaan nu de grond in, de wegen en de infrastructuur worden gerepareerd.” Door deze voorstelling van zaken houdt iedereen vertrouwen in Obama’s plannen. Maar dat vertrouwen is niet gebaseerd op feiten – hoeveel scheppen staan er dan al in de grond? – , maar puur op de presentatie van zijn argumenten.
In zijn laatste Address heeft Obama het niet langer over de gevolgen, maar bespreekt hij tal van nieuwe plannen. Wederom een strategische move: Obama start als het ware dezelfde cyclus. Eerst zal hij wijzen op de positieve gevolgen van zijn plannen, en zodra deze verkocht zijn, doet hij alsof de gewenste ontwikkelingen al plaatsvinden. De zon gaat niet morgen pas schijnen, hij verwarmt ons vandaag al! Niets is echter minder waar. Iedere dag keldert de beurs verder, verliezen Amerikanen hun baan, verlaten mensen noodgedwongen hun huis. Desondanks houdt iedereen hoop en heeft iedereen vertrouwen in Obama. En dat komt vooral door ’s mans sluwe pragmatische presentatie: het wordt niet beter, het is al beter. Alleen moet u nog even geduld hebben om dat zelf te kunnen zien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.