*

 

Langzaam helen of nu de pijn nemen

Wilma van Meteren − 03/02/09, 00:00

De meeste pensioenfondsen staan er financieel beroerd voor. Dat voedt een verhit debat over hoe ze uit het moeras kunnen komen.

Nu de pijn nemen, met het risico in een dieper economisch dal te raken. Of langzaam helen zodat die pijn – misschien – beter te dragen is. Voor dat dilemma stelt de barre financiële situatie bij pensioenfondsen Nederland.

Bij monde van de invloedrijke Vereniging Bedrijfstakpensioenfondsen (VB) pleiten de pensioenfondsen voor meer hersteltijd. Nu staat er drie jaar voor. Binnen die tijd moet hun dekkingsgraad – de verhouding tussen vermogen en pensioenverplichtingen (ook naar de verre toekomst) – weer op peil zijn. Dat wil zeggen: boven de wettelijke minimumgrens van 105 procent uitkomen. Het merendeel van de fondsen zit daar nu onder.

De vraag om meer tijd lijkt logisch. Veel pensioenfondsen komen klem te zitten als ze al in 2012 de boel op orde moeten hebben. Vooral omdat ’we nog midden in de mist van de crisis zitten’, zoals minister Donner van sociale zaken het vorige week beschreef. De financiële gezondheid van de pensioenfondsen hangt grotendeels af van de opbrengst van de beleggingen en de rentestand. Het laat zich moeilijk voorspellen wanneer die weer aantrekken. Blijft over dat ze alleen door hun pensioenuitkeringen te verlagen of premies te verhogen, op kortere termijn de situatie kunnen verbeteren. Pijnlijke maatregelen die het economisch herstel kunnen ondermijnen, waarschuwt de VB. Ze tasten de koopkracht van miljoenen burgers aan.

Er is geen peil op te trekken hoe de huidige crisis zich ontwikkelt. VBdirecteur Riemen spreekt over ’rariteiten’ in de financiële markten. Die maken elke prognose wiebelig. Maar in hun herstelplannen die pensioenfondsen die onder het minimum zijn gezakt, voor 1 april bij De Nederlandsche Bank (DNB) dienen in te leveren, moeten ze zich wel daarop baseren.

DNB reageert als toezichthouder terughoudend en legt de bal bij de politiek. De termijn waarbinnen de fondsen hun zaken weer op orde moeten hebben, is door de lobby van pensioenbeheerders al opgerekt, onderstreept een woordvoerder. De nieuwe pensioenwet geeft nu drie jaar in plaats van de voorgestelde twee jaar. Die termijn moet voorkomen dat fondsen hun tekort te ver doorschuiven.

De wet voorziet in een uitzonderingssituatie. Maar als 200 fondsen daar een beroep op willen doen, dan is er geen sprake meer van een extreem geval, meent DNB. Daarover moet volgens haar de politiek een uitspraak doen. Het kabinet zit tussen twee vuren: de regels strikt handhaven én ervoor waken dat de beloofde koopkrachtverbetering niet teniet wordt gedaan door hogere pensioenpremies en lagere uitkeringen.

De regels zijn er niet voor niets. DNB waarschuwde een jaar gelden al voor de negatieve ontwikkelingen op de aandelenmarkt en de gedaalde rente. „Het bevestigt nog eens het belang van een goed onderbouwd premie-, toeslag- en beleggingsbeleid dat dergelijke ontwikkelingen kan doorstaan”, aldus de brief aan de pensioenfondsbesturen. Blijft de vraag in hoeverre die zich deze waarschuwing hebben aangetrokken.

In slechte tijden is er al snel de neiging de noodklok te luiden. Begin deze eeuw kwamen pensioenfondsen ook in een precaire situatie door kelderende beurzen. Ook toen was er geklaag over de ’rigide’ regels. De meeste waren echter binnen een paar jaar op de been en konden zelfs ’repareren’ – een extra uitkering doen aan gepensioneerden die lagere uitkeringen hadden ontvangen.

Daar wijst de Consumentenbond ook op. Die vindt het onverstandig om fondsen uitstel te geven. „Mensen moeten weten waar ze mee af zijn”, benadrukt een woordvoerster. „Het is beter nu de pijn te nemen dan over een aantal jaren. Mensen hebben dan nog tijd bij te spijkeren.”

mailIcon print |