*

 

Soderbergh op zoek naar Che

Jann Ruyters − 19/03/09, 00:00

’Che 1’ en ’Che 2’ van Steven Soderbergh zijn niet de eerste twee Che’s in de geschiedenis. Miljoenen posters, T-shirts, vlaggen, tatoeages, tassen, twee dagboeken, een stapel biografieën, wat romans, documentaires en drie speelfilms gingen Soderberghs tweeluik voor.

  • Scene uit 'Che1', een film overh et leven van de revolutionair Ernesto Che Guevara. (Daniel Daza)

Toch kwamen velen nooit veel verder dan dat in talloze variaties gereproduceerde beeld van ’s werelds meest legendarische revolutionair Ernesto ’Che’ Guevara: de knappe jongeman met baret die zijn vastberaden blik iets omhoog op de utopische verte richt.

Steven Soderbergh ging op zoek naar ’de man achter het T-shirt’. Wie was deze Argentijnse revolutionair die uitgroeide tot het symbool van alle mogelijke rebellie tegen alle mogelijke gevestigde ordes? Na het zien van Soderberghs epos van 4,5 uur weet je hoe dat ongeveer ging, dat ronselen van boeren en innemen van provinciesteden. Op gitaarklanken en revolutionaire kreten deinde je mee door de jungle en op vreemde manier raakte je gehecht aan die ernstige, logge (want astmatische) kolos die Benicio del Toro neerzet. Maar over de mens achter dé revolutionair en hét icoon ben je weinig wijzer geworden. Soderbergh is ergens in de sigaretten, laarzen en baarden (macho attributen gelijk de strakke, glanzende pakken in Soderbergs ’Ocean’s Eleven’), in wapens, poëzie en muziek, en in zijn eigen anachronistisch aandoende bewondering blijven steken.

Toch is het vrij eentonige ’Che’ (mannen, kampvuurtjes, gevechten) wel fascinerend. Soderbergh splitst zijn visie op Che’s revolutionaire leven op in twee elkaar spiegelende delen, en concentreert zich daarin op de daden eerder dan de idealen erachter waarvan we slechts wat losse kreten – ’individualisme moet verdwijnen!’ – horen.

Deel een toont de opmaat – de mars in de jungle tussen 1956 en 1959 – naar de geslaagde revolutie in Cuba. Deze opmars mengt Soderberg met zwart-wit beelden van Guevara’s bezoek aan de Verenigde Naties in 1964. De man in uniform met sigaar oogt misplaatst tussen de kostuums, buiten zijn natuurlijke ’habitat’.

Deel twee verhaalt over de mislukte revolutie in Bolivia, waar de dan 39-jarige Guevara op 9 oktober 1967 in La Higuera de dood vindt. Veel van wat in het eerste deel goed uitpakt, vindt in het tweede deel haar keerzijde. De Cubaanse boeren stappen vrijwillig in de strijd, de Bolivianen moeten eerst geïntimideerd worden voor zij de guerrillero’s willen helpen.

Het is een hopeloze expeditie. Guevara onderkent niet het gebrek aan revolutionair verlangen bij de bevolking, hij onderschat de rol van de Amerikanen. Soderberg ziet die fouten, maar hij lijkt ze Guevara niet te willen aanrekenen. Zijn Che groeit door de ontberingen van honger, astma en afvalligheid uit tot een martelaar van Christus-achtige allure.

De belangrijkste kwaliteit van een revolutionair is de liefde’, zegt hij ergens. L’amor! Kijk, dat werkt. Je zou er de mitrailleurs, de executies en intimidaties bijna door vergeten.

Soderbergs film biedt zo een wat verwarrende mix van romantisch beeld en realistisch filmen; hij is goed in het proces, maar ontbeert visie op wat erop volgde. Zie het filmaffiche en je mag je verbazen over die te bombastische pose, de historische Guevara én zijn beroemde foto onwaardig eigenlijk.

mailIcon print |