*

 

Prinsen boekt eindelijk succes

Antal Crielaard − 22/01/09, 00:00

Jarenlang lukte het Tom Prinsen niet om zich voor een toernooi te plaatsen. Maar nu stond de achterdeur open en glipte de schaatser naar binnen. Hij is er straks bij op het WK allround in Hamar.

Het zijn van die momenten waarop ineens duidelijk wordt hoe groot een sport is –of hoe kneuterig, het is maar net hoe je het bekijkt. Gistermiddag deden tal van schaatsers in Thialf hun best om zich te plaatsen voor een WK of een wereldbekerwedstrijd. Er zat een plukje toeschouwers op de tribunes in Heerenveen en langs de rand van de baan schreeuwden opgewonden coaches hun pupillen naar nóg betere tijden. En op het middenterrein maakten de leerlingen van een Friese school plezier –op schaatsen uiteraard.

Toen alle deelnemers hun rondjes hadden voltooid, legde ook bondscoach Wopke de Vegt het schaatsovaal af. Hij duwde een soort sneeuwruimer voor zich uit en verzamelde de rode blokjes die de twee baanhelften van elkaar scheiden. Tussen de moegestreden vedetten, die al naar gelang hun prestatie opgetogen dan wel teleurgesteld oogden, stroomden tal van liefhebbers de hal binnen. Geamuseerd bekeken ze de professionals, strikten de veters, knikten nog eens vriendelijk en stapten zelf het ijs op.

De skate-off was toen al afgelopen en de bescheiden prijsjes waren eerlijk verdeeld. Het ging gistermorgen in Thialf voornamelijk om twee startbewijzen voor het wereldkampioenschap allround, begin volgende maand in Hamar. Bij de vrouwen werd de strijd om het laatste ticket voor dat toernooi veroverd door Jorien Voorhuis, bij de mannen ging de eer naar Tom Prinsen –beiden in dienst van de bescheiden schaatsploeg van VPZ. „Dat is mooi”, zei coach Erik Bouwman na afloop. „Dat wij ons plaatsen voor dat soort toernooien is namelijk geen vanzelfsprekendheid.”

Vooral de prestatie van Prinsen was er één die tot de verbeelding sprak. De schaatser stond ooit te boek als een groot talent, maar slaagde er de laatste jaren maar niet in om dat talent ook om te zetten in klinkende prestaties. In 2004 plaatste hij zich voor het WK allround – toevallig ook in Hamar – en eindigde daar op de zesde plaats. Een grote carrière lonkte, maar kwam maar niet van de grond.

De nu 26-jarige Prinsen kreeg te maken met tal van blessures en persoonlijk leed. De bloedvaten in de liezen bleken vernauwd, in totaal werd hij twee keer aan die kwaal geopereerd. Ook overleed zijn moeder en scheurde hij een beenspier. „Of het verloren jaren zijn geweest? Nee, zeker niet. Ik ben er veel wijzer van geworden. Zowel mentaal, technisch als lichamelijk.”

Dat Prinsen zich gisteren plaatste voor Hamar was eigenlijk een wonderlijke samenloop van omstandigheden, want hij had eigenlijk geen recht op een skate-off. Maar door de afzeggingen van Bob de Jong en Koen Verweij en de valpartij van Erben Wennemars op het WK sprint was Prinsen de afgelopen dagen toch van de partij in Heerenveen. „Als mens vond ik het heel erg voor Erben dat hij viel, maar voor mijzelf was het mooi. Diep in mezelf heb ik zelfs even gejuicht.”

De geboden kans pakte hij gisteren met twee handen aan. Hij versloeg in Heerenveen zijn directe tegenstanders redelijk overtuigend. Door een aangepast trainingsregime maakte hij de afgelopen maanden flinke progressie. „Ze noemden mij altijd een V8, een man met een mooie motor. Maar als de kleppen niet goed staan afgesteld, heb je er niets aan. Ik ben echt dolblij dat het er nu een keer uitkomt. Dat is ook al die jaren mijn motovatie gebleven. Ik wist altijd dat ik beter kon. Gelukkig mag ik het nu weer een keer op een groot podium laten zien.”

mailIcon print |