*

 

Badplaats in verval hoopt op betere tijden

Bart Zuidervaart − 20/01/09, 00:00

Scheveningen raakt verder in verval. „Er zijn hier slechte dingen gebeurd”, zegt de wethouder. Ingrijpende plannen moeten het tij keren.

Kruip even in het hoofd van de wethouder. U beschikt over een bescheiden haven, kilometers strand en een boulevard vol horeca. Met jaarlijks veertien miljoen bezoekers mag uw badplaats zich de populairste van Nederland noemen.

Kijk, dat klinkt mooi. Maar wacht even.

Die toeristen blijven steeds korter. En ze geven minder geld uit. Intussen mopperen de omwonenden over hardnekkige verkeersproblemen en mislukte bouwprojecten. Eigenlijk heeft die geliefde kustplaats haar glans al lang geleden verloren. U moet iets doen.

De verantwoordelijk wethouder Marnix Norder (bouwen en wonen) weet wat er nodig is, zegt hij. Op zijn kantoor in het Haagse stadhuis schetst hij de toekomst van Scheveningen. Het moet dé badplaats van Noordwest-Europa worden. „Strandje pakken, tot diep in de nacht uitgaan, winkelen, lekker eten, meisje versieren. Dat hoort allemaal hier, in Scheveningen.”

Marnix Norder ziet nu een badplaats in verval. Het is er betonnerig en rommelig. Het horeca- en winkelaanbod is verschraald. Hij noemt de gebouwen rond het Kurhaus, het hart van de badplaats, ’een gruwel’. „Er zijn hier slechte dingen gebeurd. Maar we hebben Scheveningen herontdekt.”

Dat werd tijd, vindt Axel Rosendahl Huber, voormalig bestuurslid van een bewonersorganisatie in Scheveningen. In zijn woning, om de hoek van het Kurhaus, zegt hij: „De gemeente was hier decennialang de regie kwijt. Er is veel gesloopt en weinig moois voor teruggekomen. Dat heeft Den Haag goed gevonden. Ik ben het met Norder eens dat hier dringend wat moet gebeuren, maar ik wil hem waarschuwen: word niet de Sloper van Scheveningen. Je weet nooit zeker dat je weer kunt opbouwen zoals je wilt.”

’Op’ het Dorp, dat tegen het bad-gedeelte is aangeplakt, woont Arina van der Zwan, het enige raadslid van de Politieke Partij Scheveningen (PPS). In de Haagse raad kan ze de plannen van Norder hooguit ’wat bijsturen’. Volgens Van der Zwan hebben de bewoners zelf niet veel behoefte aan verandering. „Hier heerst de rust. De toerist komt op het lawaai af. Wordt dat niet nog erger, vragen wij ons hier af. En de grootste ergernis zal met de nieuwe plannen niet verdwijnen: de parkeerproblemen. Dat vinden de Scheveningers pas belangrijk.”

Marnix Norder kent de gevoeligheden tussen ’Bad’ en ’Dorp’. „Er zit spanning tussen de bewoners en de economie van Scheveningen. Maar het Dorp, als karakteristiek vissersplaatsje, blijft intact. Dat versterken we zelfs. En die parkeerproblemen worden we wel de baas. In de kuststeden Marseille en Genua is het ook gelukt.”

Eigenlijk, zegt Scheveninger Rosendahl Huber, ligt de droom van de wethouder niet in de toekomst, maar in het verleden. Honderd jaar geleden wás Scheveningen de belangrijkste badplaats van Noordwest-Europa.

„In 1907 kreeg Scheveningen een eigen treinstation. In Sint-Petersburg kon je er een treinkaartje naartoe kopen. Sindsdien is hier veel verpest. In theorie is dit de mooiste plek van Nederland. Het combineert de voordelen van Schiermonnikoog met de voordelen van de grote stad. Ik hoop dat de wethouder daadwerkelijk iets verbetert. Ik wens hem het allerbeste.”

mailIcon print |