Toen Lasantha Wickrematunga 8 januari naar zijn redactie reed, werd hij al een tijdje gevolgd. De rit zou hem noodlottig worden.
Gemaskerde mannen op een motor hielden de auto van Wickrematunga tegen en schoten hem door de voorruit in hoofd en borst. Hij overleed in het ziekenhuis. Hij was een van de meest uitgesproken Srilankaanse journalisten. Hij onthulde schandalen waarbij politici – ongeacht hun partij – betrokken waren.
Daarbij maakte hij geen vrienden. Er zijn verschillende pogingen geweest om zijn krant, The Sunday Leader, het zwijgen op te leggen, en Wickrematunga is gedurende zijn carrière vaak bedreigd, gevolgd en zelfs zijn huis is beschoten. Toen de risico’s hem een keer te groot werden week hij met zijn gezin – vrouw, drie kinderen – uit naar AustraliĆ«.
Wickrematunga kwam uit de gegoede burgerij. Zijn vader was locoburgemeester van de hoofdstad Colombo. Hijzelf studeerde rechten in Londen, maar kwam terug naar Sri Lanka om de journalistiek in te gaan. Hij werkte hard en werd al snel adjunct-chef nieuws bij The Island.
Gamini Weerakoon, toen adjunct-hoofdredacteur van die krant, noemt hem ’een geboren journalist’ met een scherpe pen, weinig ontzag voor autoriteiten en een grote vasthoudendheid.
Na enige jaren bij The Island besloot Wickrematunga de politiek in te gaan. Hij werd niet verkozen en kreeg een baan als secretaris van oppositieleider Sirima Bandaranaike.
Omdat de journalistiek toch bleef trekken stapte hij over naar de Sunday Times. In 1994 richtte hij samen met zijn broer The Sunday Leader op, een krant met een provocatieve stijl die onafhankelijk, onthullend en sensationeel nieuws wil brengen. Het motto van het blad weerspiegelt Wickrematunga’s karakter: ’Met opgeheven hoofd en zonder angst’.
Hij opereerde in een door intimidatie vergiftigd landschap. In Sri Lanka, waar het regeringsleger al 25 jaar vecht tegen de rebellen van de Tamil Tijgers, zijn sinds 2006 zeker elf medewerkers van diverse media gedood. Vooral kritische journalisten worden afgeschilderd als sympathisanten van de Tamil Tijgers en als vijanden van de staat.
De moord op Wickrematunga is breed veroordeeld. De Verenigde Staten, Canada en de Europese Unie spraken van ’een zware klap voor de onafhankelijke media’ in Sri Lanka. Beroeps- en mensenrechtenorganisaties beschuldigen de Srilankaanse regering er al langer van dat zij een sfeer creĆ«ert waarin moordenaars ongestraft hun gang kunnen gaan.
Wickrematunga voorvoelde zelf dat zijn einde eraan zat te komen en gewelddadig zou zijn. Toch weigerde hij zich te laten beveiligen, ’omdat ik mijn moordenaar wil laten weten dat ik niet zo’n lafaard ben als hij’, schreef hij kort voor zijn dood in een onthutsende brief, die na zijn overlijden in The Sunday Leader werd gepubliceerd. Vanuit zijn graf hief Wickrematunga de vinger naar de overheid. Met name president Mahinda Rajapaksa, ooit zelf mensenrechtenadvocaat en ooit een goede vriend, kreeg ervan langs.
„Na mijn dood zul jij de gebruikelijke schijnheilige geluiden maken en de politie oproepen een snel en diepgaand onderzoek te doen”, schreef Wickrematunga. „Maar net als al die onderzoeken die je eerder hebt gelast zal ook hier niets van terechtkomen. De waarheid is, wij beiden weten wie er achter mijn dood zit, maar durven zijn naam niet te noemen. Niet alleen mijn leven, maar ook het jouwe hangt ervan af.”
Wickrematunga zei te hopen dat zijn dood niet als een nederlaag voor de vrijheid wordt gezien, maar als een inspiratie voor journalisten om hun inspanningen verder op te voeren.
Lasantha Wickrematunga werd op 5 april 1958 geboren. Hij is op 8 januari 2009 in Colombo overleden. Hij laat een vrouw en drie kinderen achter.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.