Het is een opvallende koerswijziging: Congo en Rwanda gaan nu samen Hutu-rebellen te lijf. Op Congolees grondgebied, en dat roept vragen op.
Al jaren vliegen de beschuldigingen over en weer tussen Rwanda en Congo. De regering van Rwanda zou rebellenleider Nkunda steunen, die in het najaar in Noordoost-Congo een kwart miljoen mensen op de vlucht kreeg met een groot offensief. De regering van Congo zou op haar beurt samenwerken met Hutu-milities die uit Rwanda vluchtten na de genocide van 1994.
Beide beschuldigingen zijn waar. Des te interessanter is de nieuwe samenwerking tussen krijgsheer-president Kabila uit Congo en dictator-president Kagame uit Rwanda.
Samenwerken is ineens mode in de kwetsbare regio. Deze maand gingen de legers van Congo, Oeganda en Zuid-Soedan tezamen achter de terroristen van het Verzetsleger van de Heer (LRA) aan. De gevreesde leider Kony werd daarbij niet gepakt. Na bombardementen op een LRA-kamp in Congo sloegen de overlevenden keihard toe: meer dan 600 burgers verloren daarbij het leven.
Na internationale kritiek op de humanitaire ramp van eind 2008 was de druk op Kabila en Kagame groot om álle gewapende groepen in Noordoost-Congo aan te pakken. Druk overleg tussen de twee had als resultaat dat afgelopen week meer dan 3500 Rwandese militairen de grens overstaken om de Huturebellen aan te pakken.
Dat gebeurde al vaker –zonder succes– reden waarom de Rwandezen in Congo gehaat worden. Maar nu zijn ze dan voor het eerst uitgenodigd om te komen. VN-vredesmacht Monuc werkt al jaren samen met het Congolese leger, maar kritiek op mensenrechtenschendingen door dat leger is niet zo goed gevallen. Daarom heeft Kabila nu een nieuwe bondgenoot gezocht in Rwanda. In ruil voor toegang moet Rwanda Tutsi-rebel Nkunda intomen.
Helaas was president Kabila vergeten zijn parlement, het volk en Monuc in te lichten. Parlementsvoorzitter Kamerhe van Kabila’s partij verwoordde de volkswoede over het een-tweetje van zijn president: „Hier gaan doden vallen”. Dat de Rwandezen binnen twee weken weg zijn, zoals gemeld, geloven weinigen.
Alle legers in de regio treden zo grof op, dat burgers hoe dan ook slachtoffer zijn. Vandaar dat Monuc een rol wil gaan spelen. „Wij zijn daar militair aanwezig, dus ze moeten met ons samenwerken”, aldus een woordvoerder gisteren.
En zo lijkt de situatie verdacht veel op de beginjaren van deze eeuw. Toen waren de legers van Oeganda en Rwanda ook permanent aanwezig in Congo. Het is Kabila duidelijk niet gelukt het verre noordoosten onder zijn controle te krijgen.
En het is de vraag of Oeganda en Rwanda, die jarenlang flink verdienden aan de mijnen die ze bezet hielden in Congo, deze verlokking kunnen weerstaan. Vijf miljoen doden vielen er in Noordoost-Congo sinds de oorlog begon in 1998. En weer zijn het de burgers die onder dit zoveelste offensief het meest zullen lijden.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.