De Palestijnen in Gaza hebben drie uur per dag waarin ze, in ieder geval in theorie, veilig naar buiten kunnen. Deze 'humanitaire wapenstilstand' houdt niet altijd stand, maar biedt mensen in ieder geval een soort mogelijkheid om water en voedsel te vinden, of spullen uit hun voormalige woningen te halen.
Het kookgas in mijn huis is op sinds de derde dag van de oorlog, die op 27 december begon. Daarom kookt mijn moeder nu en dan op het hout van de bomen in ons tuintje, in plaats van op het gasstel. Mijn broer ging vorige week op pad om een nieuwe gasfles te kopen, maar het is zelfs onmogelijk om op de zwarte markt gas te vinden.
Toen er maandag voor het eerst in achttien dagen twee uur elektriciteit was in mijn buurt in Gaza-Stad, is mijn moeder direct brood gaan bakken. En voor het eerst in mijn leven zie ik dat onze koelkast bijna leeg is; er zitten alleen een paar blikjes sardines in. We hebben nog nooit zulke moeilijke omstandigheden meegemaakt. We leven nu op de blikjes sardines. Ik heb altijd een hekel gehad aan ingeblikt voedsel, het nooit willen eten. Maar door de oorlog moet ik nu wel om te overleven.
Gisteren was het brood op in huis, en ik en mijn broer gingen naar de bakker waar we drie uur in de rij stonden om brood te kopen. Er is niet veel voedsel meer in Gaza. Mijn broer ging ook nog naar de grote markt om wat groente te kopen, maar helaas kwam hij met lege handen thuis. Er is niets te koop op de markt
Op dit moment hebben we geen water. We hebben een paar tonnen water geleend van de buren, die een bron in hun tuin hebben gegraven. Maar dat water is niet schoon. De laatste dagen heb ik pijn in mijn linkernier omdat ik te weinig water drink. We hebben niet genoeg in huis, en het is onzuiver.
Natuurlijk maak ik me zorgen over de situatie, dat er straks geen voedsel meer is en dat we ernaar moeten gaan zoeken. Maar ik weet niet wat er gaat gebeuren. Ik heb geen gedachten. Ik leef in het moment en wacht wat er gebeurt. Ons leven, het fatsoenlijke leven dat ieder mens zou moeten kunnen leiden, wordt ons afgenomen. Wij zijn burgers– wij hebben IsraĆ«l niets aangedaan.
We overleven, maar afgelopen nacht was meer dan een nachtmerrie – de aanvallen met tanks, straaljagers en vanuit zee stopten geen moment. We konden helemaal niet slapen. De kinderen van mijn broer – ik heb geen woorden om te beschrijven doe die zich voelden. Ze schreeuwden en huilden, en wij konden ze niet helpen omdat ze bij elke explosie nog banger werden.
Ik ben erg depressief, net als iedereen in mijn familie: depressief, bang en ziek omdat deze situatie steeds krankzinniger wordt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.