*

 

De lucht in met jatropha-olie

Han Koch − 19/03/09, 00:00

Boeing denkt over enkele jaren te vliegen op biobrandstof. De vliegtuigbouwer test alternatieven voor kerosine, zoals de jatropha-plant.

Diligent Energy Systems uit Eindhoven gaat dit jaar 60.000 liter olie leveren aan vliegtuigfabrikant Boeing. De olie, en dat maakt de levering bijzonder, is afkomstig van de giftige noot van de jatropha-plant. Boeing gaat de jatropha-olie gebruiken voor proeven met vliegtuigmotoren.

De vorig jaar gehouden eerste proeven met biobrandstoffen als alternatieven voor kerosine blijken goed te bevallen. De Amerikaanse vliegtuigbouwer denkt zelfs dat over drie tot vijf jaar vliegtuigen op biobrandstof vliegen, of in ieder geval op een mengsel waarin biobrandstoffen zijn bijgemengd. Boeing maakte die verwachting gisteren in Brussel wereldkundig.

Qua volume stelt de levering van die 60.000 liter jatropha-olie weinig voor. Het gaat bij een Boeing 747 400 om pakweg zes uurtjes vliegen. „En voor dat uurtje vliegen is een oogst van 10 hectare land met jatropha nodig”, schetst Ruud van Eck, directeur van Diligent Energy Systems de omvang van de deal.

Belangrijk is wel dat Boeing grote waarde hecht aan een omschakeling naar milieuvriendelijker brandstoffen. En jatropha kan daarbij een belangrijke rol vervullen. De olie uit de plant heeft een simpeler structuur dan fossiele brandstof en volgens Boeing is de biobrandstof zelfs beter dan kerosine. Het levert meer energie en onder extreme kou presteert de jatropha-olie goed.

Vliegen op fossiele brandstoffen heeft grote milieugevolgen. Dat geeft deze vorm van transport een slecht imago en met een slecht imago verkoop je minder vliegtuigen dan gehoopt. Dat maakt dat een alliantie van vliegtuigbouwers (waarin naast Boeing ook Airbus) en vliegtuigmaatschappijen (waaronder Virgin, KLM en Air New Zealand) naarstig op zoek is naar betere brandstoffen. Op 30 december vorig jaar maakte een toestel van Air New Zealand een geslaagde proefvlucht met jatropha-olie. Een van de Rolls-Royce RB211 motoren draaide voor vijftig procent op jatropha die afkomstig was van Diligent Energy Systems uit Eindhoven. De testvlucht van Air New Zealand was een van de drie proeven. Ook Virgin vloog een keer rond met een mengsel van biobrandstoffen (kokosnootolie en palmolie) in de tank. Het toestel landde op Schiphol.

Air New Zealand eiste bij leverancier Diligent Energy Systems dat de jatropha-olie afkomstig was van gebieden die ongeschikt zijn voor de teelt van andere gewassen. Die eis raakt exact de kern van de discussie over jatropha. De giftige plant met dito noot kan alleen als duurzaam alternatief worden benut als het geen eetbare landbouwgewassen verdringt. Volgens Van Eck voldeed de geleverde olie aan die eis.

Qua prijs kan jatropha, zo het al te leveren is, bij lange na nog niet concurreren met kerosine. Volgens Boeing komen biobrandstoffen qua prijs pas in beeld als de olieprijs op 70 tot 80 dollar per vat (van 159 liter) staat. De luchtvaartorganisatie IATA rekende in januari nog met een prijs van dertig eurocent per liter kerosine. Voor een liter jatropha moet toch al gauw zestig tot zeventig eurocent neergeteld worden. Hoeveel hectare grond mondiaal inmiddels met jatropha is beplant, is lastig te zeggen. Harde cijfers ontbreken. In sommige Afrikaanse landen, zoals Mali en Burkina Faso, staat de jatropha langs de kant van de weg en dat levert in Mali naar schatting 15.000 tot 20.000 kilometer aan jatropha-heg op. Die heggen kunnen weleens van grote waarde worden voor de luchtvaart. Voor de opwekking van elektriciteit zijn alternatieven voor olie en aardgas denkbaar zoals wind- en zonne-energie. De vliegtuigmotoren zijn daarentegen exclusief op vloeibare brandstoffen aangewezen.

mailIcon print |