De AOW-leeftijd gaat omhoog. Maar wat moeten we in 2024 met een miljoen werknemers van 62 tot 67 jaar?
61 jaar, acht maanden en ongeveer vijftien dagen: zo oud is de gemiddelde Nederlander als hij met pensioen gaat. Nu nog. Want die leeftijd moet van het kabinet met meer dan vijf jaar omhoog. Ondanks dat de Sociaal-Economische Raad nog de tijd krijgt tot 1 oktober om alternatieven te vinden, lijkt de verhoging van de AOW-leeftijd onvermijdelijk.
Het levert de schatkist ongeveer 6 miljard op als de AOW pas uitbetaald wordt als mensen 67 worden. Dat geldt als het belangrijkste argument. In de tweede plaats zou de ophoging van de pensioenleeftijd ook de arbeidsmarkt een impuls geven.
Als mensen die nu 50 jaar en jonger zijn zouden doorwerken tot 65 jaar, groeit de beroepsbevolking, na een korte krimp, tussen 2015 en 2024 met 600.000 ten opzichte van nu. Werken zij door tot hun 67ste, dan komen daar 400.000 (potentiële) werkenden bovenop. Dit blijkt uit berekeningen die hoogleraar arbeidsverhoudingen De Beer maakte op basis van cijfers van het CBS.
Hebben we een miljoen extra werknemers in 2024 nodig? Wel als het aankomt op geld verdienen om de vergrijzing te betalen. Als we ons neerleggen bij een gemiddelde pensioenleeftijd van ongeveer 62 jaar, staan tegenover 100 werkenden de komende dertig jaar 63 mensen van 65 jaar en ouder. Als we doorwerken tot 65 jaar, krijg je meer werkenden en daalt zo het aantal 65-plussers per 100 werkenden naar 56. Als we doorwerken tot 67 blijft het aantal 65-plussers per 100 werknemers tot 2039 rond de 50 schommelen.
Voor deze mensen moeten AOW en zorg worden bekostigd. Hoe langer zij doorwerken, hoe makkelijker dat wordt. Niet alleen omdat er pas vanaf 67 hoeft te worden uitbetaald, maar ook omdat meer mensen het geld samen zullen opbrengen.
De vraag blijft echter of de arbeidsmarkt berekend is op de aanwas van dit oudere personeel. De commissie-Bakker, die een gezaghebbend advies over de arbeidsmarkt uitbracht, is ervan overtuigd dat deze werkkrachten broodnodig zijn. Zorgpersoneel, leraren en ambtenaren moeten de publieke voorzieningen op peil houden.
Maar vraag het ook eens aan de werkloze 45-plussers, die zelfs tijdens de hoogconjunctuur van 2007 en begin 2008 niet aan de bak kwamen. Voor een werkloze van 55-plus was de kans op werk in die gunstige periode 2 à 3 procent. Zulke dramatische cijfers duiden er niet op dat oudere werknemers welkom zijn. Bedrijven halen liever jonge Polen naar Nederland. Dat ouderen duur en weinig productief zijn, is een idee dat onder werkgevers sterk leeft.
Cruciaal voor de verhoging van de AOW-leeftijd is daarom wie ermee te maken krijgen. Voor mensen die nu 50 zijn, levert langer doorwerken waarschijnlijk vooral frustratie op. Voor mensen in zware beroepen is langer doorwerken een te grote fysieke belasting. Voor jongeren werkt het alleen als er fundamenteel anders over oudere werknemers gedacht wordt. Als zij tot hun 67ste moeten doorwerken, moeten zij tot dan ook kansen hebben. Anders gaat het geld dat bedoeld was voor de AOW, op aan uitkeringen voor werkloosheid en arbeidsongeschiktheid.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.