*

 

Syralene heeft Down én een mbo-diploma

Somajeh Ghaeminia − 30/06/10, 00:00

Trouw richt de volgspot op mensen die eerder hun verhaal deden in de krant. Vandaag: Syralene van Prooijen, die vmbo wilde doen, maar wegens haar beperking door vier scholen werd afgewezen.

„Ik wil ook naar het vmbo”, zei Syralene van Prooijen (18) vijf jaar geleden in deze krant, „maar een kind met Down mag daar niet komen.” Haar ouders ’shopten’ met hun dochter langs verschillende reguliere scholen, maar die durfden het niet aan met Syralene. Na vier afwijzingen stond hun verhaal in Trouw.

Ze gaven hun zoektocht niet op. Met succes: op de Jacobus Fruytier Scholengemeenschap in Apeldoorn was Syralene welkom. „Daar hadden ze een kleine vmbo-klas in een speciale zorgsetting”, vertelt moeder Arrien Van Prooijen. „Ze kreeg een geweldige mentor die heel enthousiast was en een goede teamleider.”

„Ik heb er spelling geleerd en woordenschat”, blikt Syralene terug. Ze is zorgvuldig opgemaakt, hip gekleed en straalt wanneer ze over haar prestaties praat. „Ik vind leren hartstikke leuk.” Maar het ging niet allemaal vanzelf. Na schooltijd en ’s avonds hielpen haar ouders en zussen Marelin en Violaure met huiswerk.

In de bovenbouw veranderde er veel. „Twee zorgklassen werden samengevoegd, ze kreeg een nieuwe mentor die bezweek onder de druk van de klas. Het was een chaos.”

Syralene: „Voor een praktijktoets kreeg ik een 1, terwijl ik die thuis goed had geoefend.”

„We hebben altijd gezegd: Syralene hoeft geen diploma te halen”, zegt haar moeder. „Een vijf is voor haar evenveel waard als een tien. Als ze maar erkenning krijgt voor wat ze kan. Daar hebben we twee jaar lang voor gestreden. Zij is gedreven en ze kan zoveel! Niet iedereen zag dat. Op een paar tiende punten is Syralene toch gezakt.” Syralene: „De hele klas was geslaagd, behalve ik. Toen ik dat hoorde, moest ik huilen.”

Iedereen kreeg een diploma, Syralene een certificaat. „Daar hebben we om gevraagd, want ze had een topprestatie geleverd.”

Syralene was nog niet uitgeleerd. Ze ging verder in een speciale klas binnen de Jacobus Fruytier voor kinderen met leerproblemen, op mbo-1-niveau. Syralene liep drie dagen stage in een verzorgingstehuis en twee dagen ging ze naar school.

„Heel erg leuk”, zegt Syralene, die na de vakantie op haar stageadres wil gaan werken. „Ik bedien in het restaurant, was af in de keuken en ik prijs de melk, limonade en koekjes in het winkeltje.” De theorievakken waren pittig. Toch haalde ze haar examens met goede cijfers. Drie van haar klasgenoten lukte dit niet.

Geen vmbo-, maar wel een mbo-1-diploma, hoe kan dat? Jan Kloosterman van de Jacobus Fruytier legt uit. „De bovenbouw van het vmbo is erg gericht op een hoger niveau, mbo-2. Voor Syralene was dat te veel stof in te korte tijd. Daarnaast was voor veel docenten de begeleiding van een kind met het Downsyndroom nieuw.”

Dat ze nu toch geslaagd is, heeft Syralene aan haar wilskracht te danken, zegt haar moeder. „We zeggen steeds: het vmbo hebben we met het hele gezin gedaan. Het mbo deed Syralene zelfstandig.”

mailIcon print |