Een militaire trainingsmissie zou de uitweg zijn in het Haagse conflict over Uruzgan? Toch niet: de PvdA wil slechts een minimale versie.
In het nog altijd vastzittende coalitieconflict over de toekomst van de Nederlandse troepen in Afghanistan draait het om de aard, de omvang en de plek van de trainingsmissie die de Navo van Nederland vraagt.
De tegenstribbelende PvdA-fractie probeert die missie zo minimaal mogelijk te maken. Buitenlandse Zaken en Defensie waarschuwen dat het helemaal niet zo minimaal kan.
Het bondgenootschap vraagt van Nederland een goed opgetuigde militaire training in de provincie Uruzgan, waaruit de PvdA juist wil vertrekken. Uit het Navo-verzoek, dat gisteravond openbaar werd gemaakt, blijkt bovendien de wens van secretaris-generaal Rasmussen om een vrij groot Nederlands provinciaal reconstructieteam van civiele en militaire ontwikkelingswerkers daar te handhaven.
In Den Haag zit de zaak vast. Een gistermiddag voorgenomen overleg in de top van het kabinet werd afgeblazen. Pas volgende week praten de meest betrokken ministers van CDA, PvdA en ChristenUnie weer.
De tijd dringt. De planners op Defensie moeten dit jaar hun grote ’leidende’ troepenmacht uit Uruzgan terugtrekken (een enorme verhuizing) en dan ook nog de nieuwe beperktere taak voorbereiden.
Volgens de PvdA-fractie mag de traningsmissie die de Navo wenst niet lijken op een vervolg van de huidige Uruzgan-operatie. Geen nieuwe gevechtstroepen van ons in die provincie, zegt fractievoorzitter Hamer. PvdA-woordvoerder Van Dam maakt het wel erg een Madurodam-operatie. Hij wil slechts in andere, veiliger Afghaanse provincies Nederlandse opleiders stationeren voor Afghaanse artsen of ingenieurs.
In het Navo-verzoek, waarover het kabinet een beslissing moet nemen, staat dat er behoefte is aan training van Afghaanse veiligheidstroepen. Dat betekent voortzetting van het werk van de ongeveer honderd Nederlandse trainers in Uruzgan die nu al de Afghaanse politie en het nationale Afghaanse leger opleiden. Gevaarlijk werk. Het vergt van Nederlandse gevechtssoldaten dat ze samen met Afghaanse aspirant-soldaten patrouilleren.
Zulke OMLT’s (Operational Mentoring and Liaision Team) hebben onderweg steun nodig van Nederlandse gevechtstroepen. Vergaderingen met lokale stamhoofden moeten worden beveiligd, wegen gecontroleerd op bermbommen.
Daarom is volgens Defensie een stationering van enkele Nederlandse trainers in Uruzgan onmogelijk als daar geen beschermende troepen omheen worden gezet. Al zegt Navo-baas Rasmussen in zijn brief dat een ander land (waarschijnlijk de VS) de gevechtstaak in Uruzgan overneemt, er blijven Nederlandse beschermers nodig. Dat vergt een vervolgmissie in Uruzgan van zeker vijfhonderd militairen, iets wat de PvdA-fractie niet zal slikken. Daarbovenop komt nog het Navo-verzoek voor handhaving van een provinciaal reconstructieteam.
Het past allemaal niet in het schrale gevechtsplan van de PvdA voor Afghanistan. Daarmee staat de coalitie voor een torenhoog politiek probleem.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.