*

 

CO -opslagproject in Canada is een succes

Kees de Vré − 30/01/10, 00:00

De Tweede Kamer gaf deze week haar fiat, maar CO2-opslag blijft in Nederland omstreden. In Canada hebben ze er veel ervaring mee en daar zijn ze inmiddels overtuigd van de veiligheid ervan.

  • (Trouw)
  • Door gele pijpconstructies wordt CO2 in de grond gepompt. (Trouw)

Malcolm Wilson maakt een grimas als hij hoort van het verzet in Nederland tegen CO2-opslag in een leeg aardgasveld. „Waar zijn ze bang voor? Miljoenen jaren heeft er aardgas in dat veld gezeten. Dat is veel gevaarlijker dan CO2. Natuurlijk moet je goed monitoren wat er gebeurt als je gas terugpompt, want de natuur kan ons verrassen. Ik doe hier in Weyburn nu tien jaar onderzoek en het ziet er goed uit. We begrijpen nu langzamerhand wel wat er gebeurt op 1400 meter onder de grond als we de CO2 erin spuiten. We hebben de geologie onder de knie.”

Wilson leidt het Instituut van Energie en Milieu aan de Universiteit van Regina, de hoofdstad van de Canadese provincie Saskatchewan. Hij is een gerespecteerde klimaatwetenschapper en lid van het IPCC, de klimaatcommissie van de VN. In Weyburn, dicht tegen de Amerikaanse grens aan, houdt hij sinds 2000 het grootste CO2-opslagproject ter wereld in de gaten.

Weyburn is een nietige vlek op de eindeloze prairies van Noord-Amerika. Het vlakke land wordt er gedomineerd door duizenden ja-knikkers en nu, in de winter, door ijzige winden die dwars door je textiel heen blazen. Hier en daar zie je kleine huisjes staan omgeven door bescheiden, gele pijpconstructies. Daar wordt de CO2 in de grond gepompt.

Het Weyburn-project is zeker niet uit edele motieven ontstaan, zo maakt Howard Loseth, topambtenaar van het ministerie van energie van Saskatchewan, duidelijk. „Weyburn is een oud olieveld dat midden jaren tachtig zijn productiepiek kende. De olie zit in een rotsige, maar poreuze grondlaag. Door er CO2 doorheen te persen wordt de olie meer vloeibaar en kunnen de ja-knikkers de olie dan wel weer naar boven pompen. We verwachten door die CO2-injecties nog een extra miljard vaten olie te winnen uit dit veld.”

Loseth voegt daar aan toe dat deze techniek een interessante bijwerking heeft. „De CO2 die we gebruiken had anders de lucht ingegaan. Tot nu toe hebben we 15 miljoen ton CO2 in de grond gestopt. Dat kan tegen 2020 zijn opgelopen naar 30 miljoen ton. Dat heeft wel hetzelfde effect als 6,5 miljoen auto’s een jaar lang van de weg halen.”

De CO2 die in Weyburn wordt gebruikt komt van een Amerikaanse chemie- en meststoffenfabriek net over de grens in Beulah, Noord-Dakota. Via een pijpleiding van zo’n 300 kilometer wordt het gas naar Weyburn getransporteerd. Het hele project vergde een investering van 600 miljoen euro. „Dat is veel geld, maar het is al rendabel bij een olieprijs van 18 dollar per vat”, zegt Rhona Delfrari, woordvoerster van het bedrijf Cenovus, eigenaar van het Weyburn-veld.

De CO2 op zich kost niet zo veel, want het is een afvalproduct. Wat het prijzig maakt, is de afstand die moet worden overbrugd en er worden eisen gesteld aan de samenstelling van het gas. Delfrari: „Het moet pure CO2 zijn, zo’n 95 procent zuiver. Anders moet je dat eerst gaan bewerken. Verder is een afstand van 300 kilometer wel het maximum. Maar dat geldt bij gelijkblijvende olieprijzen. Gaat die omhoog dan kan de afstand toenemen.”

Nu de economie en de techniek van het CO2-opslagproject onder controle zijn, richt eigenaar Cenovus zich op de acceptatie in de lokale gemeenschap. „De meeste omwonenden hebben er geen moeite mee. Die zijn ook al werkzaam in de olie- en gasindustrie. We kennen elkaar dus al jaren en dat schept een band. Maar dat is wellicht anders bij bedrijven die nieuw binnenkomen.”

mailIcon print |