Miljoenen kon springruiter Albert Zoer voor Okidoki krijgen, maar hij verkocht hem niet. Het grote geld jaagt op Nederlandse toppaarden.
In Oostenrijk is Victoria Max-Theurer een amazone van klasse. Internationaal stelt ze echter niet heel veel voor. Binnen de mondiale dressuur zijn maar weinigen onder de indruk van het Oostenrijkse contingent.
De 25-jarige blondine is een nazaat van Joseph Theurer die als uitvinder van spoorwegsystemen zijn fortuin heeft gemaakt. Opa Joseph heeft alleen al in de Verenigde Staten 619 patenten lopen die geld opleveren. Zijn dochter Sissy, Victoria’s moeder, kon dan ook zonder financiële remmingen haar grote hobby de paardendressuur beoefenen. Dat bracht haar zelfs op de Olympische Spelen, waar zij het eerste en enige Oostenrijkse goud in de paardensport won. Niet zo vreemd, de Spelen van 1980 in Moskou werden door alle grote hippische landen geboycot.
Sissy Theurer, die later met haar trainer Hans Max trouwde, vermaakt zich tegenwoordig met het kopen van toppaarden. Haar dochter rijdt er graag op. Met Augustin staat Victoria nu veertiende in de stand van de competitie om de wereldbeker.
Hun rijkdom is ongetwijfeld de oorzaak van het gerucht vorige maand, dat de Max-Theurerfamilie Totilas willen kopen, de tienjarige hengst waarmee Edward Gal momenteel succes op succes stapelt. Totilas is een wonderpaard, waarnaar iedere liefhebber verlekkerd staat te kijken. Gal mag erop rijden, maar de eigenaar is Kees Visser van sponsorstal Eurocommerce. Naast paardenliefhebber is Visser zakenman. Hij heeft al aangegeven dat hij een bod van vijftien miljoen niet kan afwijzen. Sissy Max-Theurer kan dat bedrag met gemak opbrengen, maar ze ontkent dat ze een bod heeft uitgebracht.
„Ik kan me voorstellen dat Kees Visser het paard verkoopt”’, reageerde Edward Gal gisteren op Jumping Amsterdam. „We hebben daarover de afspraak gemaakt dat we samen beslissen en over het bedrag praten.” Maar hij beseft dat zijn rol bij die beslissing waarschijnlijk beperkt blijft tot inspraak.
Het zou betekenen dat Gal een paard met gouden olympische vooruitzichten zou moeten afstaan. Zoiets is hem met Lingh al eerder overkomen. Is dat het treurig lot van ruiters, een paard opleiden tot topniveau en het dan verkocht zien worden? Gal: „Ik weet niet of je dat tragiek moet noemen. Je weet dat zoiets je kan overkomen. Er wordt een bedrag van vijftien miljoen genoemd. Eerlijk gezegd gaat dat mijn bevattingsvermogen te boven.”
Voorlopig kan Gal nog met Totilas uitkomen. Eric van der Vleuten kent dat geluk met Tomboy niet meer. De elfjarige ruin, waarmee hij de tussenstand in de Wereldbekercompetitie aanvoert, is anderhalve week geleden verkocht. Athina Onassis gaat erop rijden. Het was een miljoenenbod dat de Griekse via makelaar Jan Tops op tafel deponeerde.
„Het voelt heel dubbel”, geeft Van der Vleuten toe. „Het is jammer dat ik zo’n goed paard verlies. Ik ben een sportman, maar ik moet de realiteit onder ogen zien. Als je jong bent, kijk je anders tegen zo’n verkoop aan. Ik ben geen twintig meer. Een paard aanhouden, houdt ook risico’s in.”
Van der Vleuten heeft naar eigen zeggen geen slapeloze nachten gehad. „Ik heb twee paarden waarvan ik verwacht dat ze de potentie hebben om ooit Tomboys niveau te halen. Dat is het mooie van ons vak: We gaan een avontuur aan, iedere keer weer.”
„Sportief is het een stap terug. Ik leid nu het klassement voor de wereldbeker en heb me al voor de finale in april in Genève geplaatst. Maar ik ga er niet heen. Daar zijn de paarden die ik nog over heb nog niet goed genoeg voor.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.