De VVD luisterde naar de banken, het CDA naar de verzekeraars, en de PvdA kwam op voor de kleine beleggers. Den Haag en de controle.
De Tweede Kamer heeft, mede door eigen toedoen, geen stokje gestoken voor de hausse aan onveilige producten die banken en verzekeraars aanboden. Bovendien had het parlement geen enkele controle op het tot stand komen van eisen die aan banken werden gesteld voor buffers en solvabiliteit. Dat harde oordeel over het eigen handelen valt te destilleren uit bijdragen van (ex-)Kamerleden op de derde dag van de parlementaire onderzoekscommissie over het financiële stelsel.
Volgens Frank Heemskerk, tot 2006 PvdA-Kamerlid, was bij het maken van financiële toezichtswetten vooral de teneur dat de administratieve lasten omlaag moesten. „Ik zei wel eens, dat moet niet het enige zijn dat geldt. De tendens was internationaal dat sommige instellingen waren vrijgesteld van toezicht.”
Met de toezichtsregels die in Brussel werden vastgelegd, of de kapitaaleisen die centrale bankiers in Bazel uitdokterden, hebben de Kamerleden zich volgens Heemskerk weinig bemoeid. „Je kunt de minister vragen stellen voordat hij naar Brussel gaat. Maar dat is vaak saai en buitengewoon technisch. Daarmee kom je niet op de voorpagina van de Telegraaf.” Achteraf gezien had de Kamer volgens Heemskerk meer vragen moeten stellen over internationaal toezicht.
Kees Vendrik (GroenLinks) ging een stap verder door te stellen dat de Tweede Kamer het volstrekt heeft laten afweten als het op internationale regels aankwam. „Ik kon mijn werk als Kamerlid niet goed doen. Regels uit Brussel en Bazel werden als faits accomplis gepresenteerd. Politieke vraagstukken worden daarmee door ambtenaren en centrale bankiers opgelost, en de Tweede Kamer liet het er zelf bij zitten.”
„De Kamer toonde geen interesse voor werkelijk toezicht”, meent ook oud-CDA-Kamerlid Henk de Haan. „Dexia, de beleggingen, welk Kamerlid bemoeide zich daar nu mee? Dat heb ik ook niet waargemaakt.” Toch vindt hij het niet nodig om het boetekleed aan te trekken.
Vendrik stelde voor een vaste Kamercommissie in te stellen die zich bezighoudt met de ontwikkeling van regels voor de financiële sector. „De echte crisis is dertig jaar deregulering. We kunnen niet terug naar de afwachtende rol die we hebben gehad. Zeker de komende vijf jaar moet het parlement de ontwikkelingen actief volgen en vooraf waarschuwen als het fout dreigt te gaan.”
Niet alleen Vendrik zag in de debatten over regelgeving voor de financiële sector altijd flink de hand van lobbyisten terug. Ook Frank Heemskerk, nu staatssecretaris, zag in de standpunten van de VVD altijd naadloos de stem van de banken terug, en in de bijdragen van het CDA de stem van de verzekeraars, „en zelf trok ik me altijd veel aan van kleine beleggers, van de consument.”
Volgens Vendrik spannen de verzekeraars de kroon. Die zouden een heel goede lobby hebben. „Dat gold ook voor de bankensector zelf. Ik heb wel eens het vermoeden gehad dat standpunten van fracties redelijk door banken waren beïnvloed.”
De Haan van het CDA zag van de kant van de banken juist geen enkele lobby komen. „En dat is jammer, want als Kamerlid heb je ook behoefte aan de kennis die zich bij de banken bevindt.”
De Haan snapt niet waarom de kritiek zich de afgelopen dagen richtte op De Nederlandsche Bank, terwijl het in zijn ogen het gedragstoezicht is dat heeft gefaald: de Autoriteit Financiële Markten. „De basis van de crisis zijn de ondeugdelijke producten die bankiers aan de man hebben gebracht, zoals de hypotheken in de Verenigde Staten die niet terugbetaald konden worden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.