TEL AVIV - Vier voormalige chefs van de Israëlische veiligheidsdienst, Sjien Beet, vrezen dat Israël met zijn huidige beleid zijn bestaan op het spel zet.
De vier uiten in een gezamenlijk interview met de krant Jediot Achronot ongekend scherpe kritiek. ,,De regering houdt zich alleen bezig met de vraag hoe ze de volgende terreuraanslag kan voorkomen, maar ze negeert de vraag hoe we uit deze puinhoop kunnen komen'', zegt Karmi Gillon, hoofd van Sjien Beet van 1995 tot 1996, toen hij aftrad wegens het falen van zijn dienst bij de moord op Rabin.
De krant noemt het op zich al opmerkelijk dat de vier hun onderlinge twisten en oud zeer opzij hebben gezet voor een gezamenlijk optreden. Zelf spreken ze van een 'historische bijeenkomst', met als doel de onverschilligheid bij het publiek te doorbreken en de regering te dwingen de mogelijkheid van een vredesinitiatief onder ogen te zien. Ze wensen niet voor 'links' uitgemaakt te worden. ,,Maar'', zegt Ja'akov Perri, ,,misschien moet wel eens onderzocht hoe het komt dat zoveel generaals en veiligheidsbazen na hun dienst pleitbezorgers van verzoening met de Palestijnen worden. Mijn uitleg is dat wij weten waar we het over hebben, dat we beide kanten kennen.'' Perri was baas van Sjien Beet tussen 1988 en 1995, tijdens de eerste intifada en de Oslo-vredesakkoorden.
Sjien Beet speelt van oudsher een centrale rol in de Israëlische bezetting van de Palestijnse gebieden en staat niet bekend om haar zachte aanpak. Integendeel.
Toch heeft Avraham Sjalom, de veteraan onder de vier, geen goed woord over voor die bezetting: ,,We moeten voor eens en altijd erkennen dat er een andere kant is die gevoelens heeft, die lijdt en dat wij ons schandalig gedragen.'' Sjalom leidde Sjien Beet van 1980 tot 1986. Hij 'nam' ontslag toen aan het licht kwam dat zijn agenten twee Palestijnse terroristen hadden doodgeknuppeld. Sjalom had getracht de zaak in de doofpot te stoppen.
Zijn ex-collega, Ami Ajalon -baas van 1996 tot 2000-, heeft wel al aan de weg getimmerd en samen met de Palestijnse hoogleraar Sari Noesseibe een vredesplan opgesteld. Tot nu hebben 100000 Israliërs en 60000 Palestijnen zijn 'petitie voor de vrede' ondertekend, onder hen zijn drie collega ex-bazen. ,,Veel te weinig nog'', meent Ajalon.
Ook Ja'akov Perri haalt in het gesprek uit naar de heersende onverschilligheid, ,,de apathie, de onwil zich te verdiepen, het verdringen. We gaan op alle gebieden bergafwaarts naar een bijna-catastrofe. Als we zo doorgaan bij het zwaard te leven, blijven we in de blubber rondbaggeren en onszelf ten gronde richten.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.