Het stuk over het proefdierencentrum BPRC (Trouw, 25 oktober) is typerend voor de manier waarop in het Westen wordt omgesprongen met de proefdierproblematiek: eenzijdig, ondoorzichtig en niet-fundamenteel.
De dierenrechtenactivisten wordt verweten met onwaarheden over de dierproeven naar buiten te brengen. Maar objectieve informatie is nauwelijks te vinden. Hoezo apen die de mensheid dienen? Welke mensheid? Het rijke en decadente westerse deel van de mensheid, die voor een simpele neusverkoudheid uit tal van medicijnen kan kiezen, terwijl mensen in ontwikkelingslanden niet eens toegang hebben tot medicijnen voor ernstige ziekten? Hoe zit het met de uitkomsten van het onderzoek voor medicijnontwikkeling, gaan die het octrooi in van de medicijnfabrikant? Apen dienen dan toch vooral de commerciƫle belangen van de grote jongens in medicijnenland. En er is geen controle mogelijk op de ethische commissie, geven ze zelf ook toe: we weten niet welke belangen tegen elkaar worden afgewogen in de beslissing een dierproef wel of niet goed te keuren.
Dit gebrek aan openheid staat een fundamentele discussie in de weg. De onderzoekers denken met grotere hokken, buitenlucht en speelgoed de grootste problemen op te lossen, maar zij zijn niet goed in staat hun eigen beroep aan een werkelijk kritische beoordeling te onderwerpen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.