AMSTERDAM - Bestuurders van basisscholen zijn niet goed voorbereid op de aankomende verzelfstandiging. Als besturen toch in 2005 zelf verantwoordelijk worden voor hun budget, kan dat leiden tot scholen in geldnood en slechter onderwijs, zeggen schooldirecteuren.
Vier van de tien directeuren in het basisonderwijs achten het eigen schoolbestuur niet in staat zelf het personeels- en financiële beleid uit te voeren. Ruim drie van de tien achten het bestuur slechts gedeeltelijk geschikt en ruim een kwart schat de situatie zonnig in. Dat blijkt uit een enquête onder zevenhonderd directeuren van basisscholen die de PCSO, de schoolleidersorganisatie in het protestants-christelijk onderwijs, vandaag publiceert.
Volgens de plannen moeten basisscholen zich volgend jaar voorbereiden op een verzelfstandiging. Ze krijgen één 'lumpsum'-budget waaruit ze alles moeten betalen, in plaats van het huidige stelsel met 'potjes' die ze verplicht aan bepaalde doelen moeten besteden. ,,Zo'n enorme hervorming op de basisschool kost veel meer tijd'', zegt schooldirecteur en PCSO-onderzoeker C. Lindhout. ,,Wij willen graag veranderen en zijn ook voorstander van meer vrijheid. Maar je kunt niet in één klap alles aan de scholen overlaten: lumpsum, eigen personeelsbeleid, publiceren van kwaliteitsgegevens. Het gevaar is dat schoolbesturen om risico's af te dekken geld op de bank laten staan, zodat het niet in de school zelf terecht komt.'' De PCSO wil in 2005 beginnen met verzelfstandiging, maar pas in 2008 'definitief de knoop doorhakken'.
Volgens de Besturenraad, de schoolbesturenorganisatie in het bijzonder onderwijs, zullen ook directeuren zelf bijgeschoold moeten worden. ,,Op een minderheid van de basisscholen zie je al de professionele bestuurder/manager, maar het salaris voor die functie is vaak beperkt. Meestal gaat het toch om 'amateur-bestuurders', hoewel die wel steeds vaker deskundig zijn, bijvoorbeeld in financiën of personeelsbeleid. Maar in de toekomst zullen deze bestuurders de hoofdlijnen in de gaten moeten houden, terwijl de directeur echt school-specifieke zaken invult.''
Basisscholen kunnen een beperkt deel van hun budget nu al naar eigen inzicht besteden, voor bijvoorbeeld nascholing van docenten. De ondervraagde directeuren geven echter aan dat dit geld vaak op gaat aan zaken die toch al moeten gebeuren, zoals ouderschapsverlof of een bovenschools bestuur.
De zittende directeuren zijn van mening dat het tekort aan kandidaten voor directiefuncties op scholen het best kan worden bestreden door meer conciërges of administratieve krachten ter ondersteuning op school aan te stellen, of door meer uren vrij te maken voor directietaken. Die maatregelen vinden ze belangrijker dan het verhogen van hun salaris. Gevraagd naar maatregelen om de kwaliteit van het onderwijs te verhogen, noemen directeuren 'meer ruimte' eerder dan onderwijsassistenten of kleinere klassen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.