Dertig jaar is Frans Dijkman (55) lid van de ondernemingsraad van het Rotterdamse havenbedrijf ECT. Volgende maand stopt hij. Hij zag de haven veranderen en ook zichzelf. ,,Sommige directeuren lopen nog rood aan als ze mijn naam horen.''
Hij neemt de mobiele telefoon op en buldert 'Dijkman'. ,,Ik zal het uitzoeken'', zegt hij even later. ,,Als het klopt, ga ik naar de directie en zal ik vragen of ze die chef van jou even tegen zijn ballen schoppen.''
In de Rotterdamse haven zijn de woorden soms ruw. Zeker bij mannen die al lang meelopen. Frans Dijkman (55) is iemand met een lange staat van dienst. ,,Ik ben nog uit de tijd van de mannen van staal en de boten van hout.''
Hij loopt over het uitgestrekte terrein van Europe Combined Terminals (ECT) op de Maasvlakte. In een spijkerbroek, met zijn enorme buik in een T-shirt en in een leren vest. Daarboven een hoofd met een grote baard en grijs haar. Heftrucks pakken de stalen laadkisten op en zetten ze op karretjes die ze naar een kraan brengen. Zowel het heffen als het rijden van het karretje gebeurt automatisch. Havenarbeiders bedienen de kranen die de containers op het schip zetten of ze eraf halen. Ook de bevestiging of verwijdering van ijzeren klemmen, op alle hoeken van een container, is mensenwerk. Met die zogenoemde stekkers staat de ene container stevig boven op de andere. ,,Ik ga achter die regenkleding aan'', zegt Dijkman als hij een groepje werknemers tegenkomt dat op het kadeterrein stekkers uit de containers verwijdert.
Dijkman is geen echte havenarbeider. Hij is een man van het kantoor, maar arriveert steeds bij het ochtendkrieken op het bedrijf. Met de brommer rijdt hij vanuit Poortugaal, een dorp ten zuiden van Rotterdam, naar de Waalhaven of veertig kilometer naar de Maasvlakte waar containeroverslagbedrijf ECT zijn belangrijkste vestiging heeft. ,,Het enige zakje dat ik ooit heb gesjouwd is een suikerzakje'', zegt hij. In 1968 begon hij als tijdschrijver. Dat betekende dat hij het werk verdeelde om zes of zeven uur. De laatste dertig jaar was Dijkman lid van de ondernemingsraad en heel lang voorzitter.
In de haven is hij een van de meest in het oog springende vertegenwoordigers van de werknemers. Hij denkt en praat in cao-artikelen. In zijn typische binnensmondse, bijna mompelende stijl van spreken valt om de tien minuten de uitdrukking 'lonen en arbeidsvoorwaarden'. Hij zat dan ook in bijna iedere delegatie als er weer eens iets met de werkgevers was te regelen en hij zag de ene na de andere vakbondsbestuurder komen en gaan, onder wie Paul Rosenmöller (ex-GroenLinks-fractieleider) en CNV'er Cees van der Knaap (staatssecretaris van defensie en vooraanstaand CDA'er). Ook allerlei directeuren wisselden elkaar af. Dijkman bleef.
Eind maart houdt hij ermee op. Hij weet eigenlijk niet wie het meest is veranderd. Hijzelf of de haven met haar werknemers, maar Dijkman heeft het gehad. Hij heeft 'een déjà-vugevoel' en is teleurgesteld omdat hij van zijn collega's niet meer de steun van weleer krijgt.
De verwijdering was vooral afgelopen zomer zichtbaar. ECT zit in de problemen en dit jaar worden miljoenen euro's verlies geleden. Jarenlang had het bedrijf een monopoliepositie in Rotterdam, maar nieuwe bedrijven, en ook concurrenten in andere Europese havens, pikken klanten af. De klanten, dat zijn de rederijen die stalen laadkisten met schoenen, elektronica of andere goederen verschepen. Het zag er in de zomer nog naar uit dat honderden mensen het bedrijf met een ontslagbrief zouden moeten verlaten. Maar in een akkoord tussen de directie, de vakbonden en de ondernemingsraad staat dat niemand wordt ontslagen maar dat flexibeler werken noodzakelijk is. Dat betekent vaker onverwacht opdraven als er veel werk is, ook op vrije dagen. En soms, als het rustig is, krijgen werknemers te horen dat ze de volgende dag thuis kunnen blijven.
Bij de onderhandelingen speelde Dijkman een belangrijke rol. Vooral door de afwijzende reacties van zijn achterban wil hij stoppen. ,,Het is ongeveer het slechtste dat wij ze ooit hebben aangedaan, als ik hier en daar de mensen hoor.''
Hij legt het nog eens uit: ,,Boten komen onregelmatig. Soms is er een piek met veel werk en soms is er niks te doen. Deze maatregel is nodig, want ECT heeft echt een probleem. Bedrijven die ook containers laden en lossen, in de haven van Antwerpen, zijn 45 procent goedkoper. Dus als wij niets doen, houden wij onze klanten niet vast. Flexibeler werken is niet altijd leuk, maar er is een werk- en inkomensgarantie. Tegen mij doen sommige mensen alsof hun hele vrije week wordt verziekt. Dat zijn dezelfde mensen die mij van de zomer nog aanklampten en vertelden niet op vakantie te durven, omdat zij bang waren hun baan kwijt te raken. En er zijn ook mensen die zeggen: liever de zak dan flexibel werken. Die hebben echt het IQ van een poffertje.''
Dijkman werkte onder meer bij Möller Thomsen, Kroonvlag KNSM, Quick Dispatch. Hij maakte grote havenstakingen mee in de jaren zeventig en tachtig. Zo werd het werk neergelegd, omdat de lonen niet meer werden gecompenseerd voor prijsstijgingen. ,,Het was in die jaren altijd duidelijk waar wij voor vochten. De tegenstellingen tussen de werknemers en de werkgevers waren groot. Als wij niet kregen wat we wilden, gingen we door de tunnel.'' Een stoet havenarbeiders trok dan op van de kades van Rotterdam-Zuid, dóór de Maastunnel, naar de kantoren van de havenbaronnen op de Noordoever van de stad.
Bij de staking in 1977 stond Dijkman eigenlijk aan de kant, want hij werkte op kantoor. Maar als handlanger van de stakers ging hij de bureaus langs om geld op te halen voor soep en koffie. ,,Dan kwam ik de centen brengen bij postende stakers aan de poort en vertelde ik ook wie er niet had betaald. Die mensen werden 's middags bij het vertrek uitgejoeld.''
Dat de stakingen altijd brede steun van de werknemers in de haven hadden, is volgens Dijkman 'lulkoek'. Er waren toen nog heel veel bedrijven die stukgoed (balen of pallets met goederen) laden of losten. ,,De werknemers van de bedrijven hadden een gemeenschappelijk belang en het leek alsof de stakers overal in de haven zaten. Maar werknemers in andere sectoren van de haven, met een andere cao, deden niet mee.''
Begin jaren tachtig was er veel werk in de haven. Arbeiders kregen zelfs een premie als zij een nieuwe werknemer aanmeldden. Maar vanaf 1982 werd er geautomatiseerd en gingen steeds meer goederen in containers die veel handiger zijn te laden of te lossen. Allerlei havenbedrijven sloten hun poorten of fuseerden. Zo gingen ook ECT, Möller Thomsen en Quick Dispatch samen en dat werd het nieuwe ECT.
De salarissen gingen in de jaren daarna flink omhoog. Een kraandrijver in een vijfploegendienst krijgt per jaar bijna 40000 euro. Een derde daarvan is onregelmatigheidstoeslag. Maar na het hoogtepunt van de werkgelegenheid in de jaren tachtig moesten steeds meer werknemers weg. Dat gebeurde op grote schaal door gebruik te maken van ouderenregelingen en de aanvulling van uitkeringen met geld uit het werkloosheidsfonds. ,,We zitten al twintig jaar in het defensief. Wij willen dat iedereen hetzelfde brood bij de bakker kan kopen. Je wilt bij een bedrijf geen mensen die geen functie meer hebben, geen stoker op een elektrische trein, maar het vertrek van mensen moet wel sociaal aanvaardbaar zijn.''
Moeilijke compromissen sluiten met de directie namens de werknemers heeft Dijkman wel geleerd, zegt hij. Maar hij vindt zijn collega's vaak ontevreden en onverschillig. ,,Ik vind het niet erg om de brenger van het slechte nieuws te zijn in de kantine. Het rotte is dat mensen daarna heel makkelijk weer overgaan tot de orde van de dag.''
,,Ligt het aan mij of aan sommige andere werknemers? Ik ben ook veranderd. Economie, kun je dat eten? Zo nee, weg ermee, dacht ik altijd. Ik ben wel bedachtzamer geworden en ik wil dieper graven. Redelijker? Ik? Sommige directeuren lopen nog rood aan als ze mijn naam horen. Maar iedereen die met argumenten komt, verdient respect. Ik handel niet vanuit mijn liesstreek.''
Dijkman gaat nu werken bij het Centrum Nieuw Werk in Rotterdam. Dit is een onderdeel van ECT en daar wordt voor oudere werknemers wiens functie op de kade overbodig is geworden, een andere klus gezocht. De een gaat aan de slag bij een zorgcentrum als administrateur, de ander werkt bij het lokale vervoersbedrijf RET, maar iedereen blijft in dienst van ECT. Dijkman moet die collega's helpen bij het vinden van werk. ,,En ik moet zelf ook reïntegreren. Afkicken van de ondernemingsraad en de vakbond'', zegt hij. De eerste cursus daarvoor heeft hij achter de rug. ,,Daar zeiden ze: take another train.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.