*

 

God en filosofie

Eindhoven J. Vogel − 30/01/03, 00:00

Hans Driessen maakt in zijn column 'Filosofie en dood' (Religie en Filosofie, 25 januari) een onzuivere tegenstelling tussen filosofie en godsdienst.

Filosofie en godsdienst zijn onvergelijkbare grootheden. Filosofie duidt op een denkend bezig zijn met de vragen van het bestaan. Een verwondering, die niet pas gewekt wordt als de dood in 't vizier komt, maar die ons ook 'midden in het leven' kan overvallen als we ons verbazen over het bestaan. Godsdienst veronderstelt de beoefening van een relatie met God. Filosofie en godsdienst sluiten elkaar dus allerminst uit. Ook een godsdienstig mens kan denkend bezig zijn met de bestaansvragen. Ook een filosoof kan een relatie met God hebben. Daarom verbaast het me dat een liefhebber van de wijsheid als Driessen de godsdienst reserveert voor de gemakzuchtigen. Terwijl de filosoof de levensvragen tot op de bodem wil uitzoeken, zoals hij schrijft, grijpt de gemakzuchtige beoefenaar van de godsdienst naar pasklare antwoorden. Zó denigrerend mag een filosoof niet over de godsdienst schrijven. Denkt hij echt dat de gelovige het zo makkelijk heeft, omdat voor hem de kant-en-klare antwoorden voor het oprapen liggen? De mens die een relatie met God probeert te onderhouden krijgt er doorgaans een heleboel vragen bij.

mailIcon print |