Ephimenco schrijft in zijn 'Open Brief aan 49 Marokkaanse Nederlanders' dat de oorspronkelijke schuld van de mislukte integratie van de Marokkaanse gemeenschap ligt bij de autochtone bevolking.
Deze schuld 'kan met name op het conto worden geschreven van politieke en intellectuele elites die zich jarenlang in een destructief cultuurrelativisme hebben gewenteld'. Deze zouden vervolgens 'een verkeerd signaal aan de nieuwkomers hebben afgegeven: behoud vooral je eigen identiteit en tracht niet op ons te lijken want we vragen onszelf af of we als model wel deugen'. Deze analyse lijkt me voor het grootste deel juist, maar volgens mij ziet Ephimenco nog iets over het hoofd en dat is de dubbelheid van het cultuurrelativisme. Enerzijds verbiedt het cultuurrelativisme welke cultuur dan ook als de enige juiste te beschouwen en wantrouwt het vooral de eigen cultuur. Daarmee wordt de identiteit van de autochtone cultuur langzaam vervangen door een cultuur waarin het cultuurrelativisme de enige juiste visie moet zijn. De ironie of de tragiek is juist dat het cultuurrelativisme zichzelf impliciet als moreel superieur beschouwt. Ik vraag mij dus af of de politieke en intellectuele elite twijfelt aan haar eigen model. Het multiculturele beleid staat niet los van het intellectuele klimaat van de afgelopen decennia dat vooral door een linkse elite gedomineerd is. Daarbij speelt het geloof dat de (linkse en allochtone) mens van nature goed is en deugt een belangrijke rol. Gekoppeld aan de typisch Nederlandse drang om gidsland te zijn, is het cultuurrelativisme van de politieke en intellectuele elite niet zo bescheiden of zo onzeker over zichzelf als het lijkt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.