*

 

Nachtmerrie bedreigt Chinees platteland

Anne Meijdam − 15/05/03, 00:00

Dorpelingen op het Chinese platteland blokkeren de weg om te voorkomen dat vreemdelingen de longziekte Sars binnenbrengen. Ze moeten wel, want Peking heeft de gezondheidszorg compleet uitgehold.

YAOCUN, HEIBEI - Hu Zhiqiang is de laatste weken dagelijks te vinden bij de wegblokkade die zijn dorp tegen Sars moet beschermen. 's Morgens vroeg rolt hij al in zijn geïmproviseerde rolstoel naar de slagboom net buiten het gehucht Yaocun in de provincie Hebei en brengt daar met anderen de dag door.

Zijn taak is alle vreemdelingen buiten het dorp te houden en in zijn ijver ziet hij er niet tegen op om zelfs met zijn rolstoel de doorgang voor auto's te versperren als hij dat nodig acht.

Nuttig werk vindt hij zelf: Gevallen van Sars zijn er nog steeds niet geconstateerd en dat is, zegt hij, in niet geringe mate te danken aan de waakzaamheid van de dorpelingen.

Meneer Hu is 21 jaar en al sinds zijn vroege jeugd ernstig gehandicapt. Hij was zelfs nog te klein om te leren lopen, toen polio hem tot levenslange kluistering aan een rolstoel veroordeelde. Zijn ouders waren arme boeren en geld voor medicijnen was er niet. Een ziekenhuisopname was helemaal uitgesloten. Van een houten keukenstoel en een paar wielen maakte zijn vader een rolstoel voor hem.

Hu Zhuqiangs situatie is in China absoluut geen uitzondering. Volgens een onderzoek van de Fudan universiteit in Shanghai gaat het overgrote deel van de Chinese plattelandsbevolking nooit naar het ziekenhuis, zelfs als een dokter dat ernstig aanraadt. Hopend en biddend dat zelfs dodelijke kwalen vanzelf genezen, blijven ze veelal gewoon thuis. ,,Daar liggen ze gewoon dood te gaan'', zegt een westerse diplomaat. Deze hemeltergende situatie kan met de huidige Sars-epidemie alleen nog maar erger worden.

Zowel de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) als de Chinese regering maakt zich ernstig zorgen dat het zwaartepunt van de epidemie zich van de steden naar het platteland zal verplaatsen waar het zich welhaast ongehinderd kan verspreiden.

Vorige week zei Pekings plaatsvervangend burgemeester Wang Qishan al dat de in vergelijking rijke hoofdstad mogelijk onvoldoende gespecialiseerd medisch personeel heeft om de epidemie afdoende het hoofd te bieden.

Dat is een verklaring die nachtmerrie-achtige scenario's laat opdoemen voor het arme platteland waar elementaire medische zorg veelal geheel ontbreekt. De WHO onderzoekt de situatie in diverse Chinese provincies.

VERVOLG OP PAGINA 7

Blotevoeten-dokters allang vergeten

Sars in China

Vervolg van pagina 1

Eens was de gezondheidzorg op het platteland de trots van het maoïstisch communistische systeem. Zogenaamde 'blotevoeten-dokters' brachten welhaast gratis medicijnen en verzorging tot in ieder dorp en gehucht.

Een egalitair systeem dat met de economische hervormingen van 1979 werd opgeheven. Voortaan ging maar liefst tachtig procent van het nationaal gezondheidszorgbudget naar de steden waar echter niet meer dan dertig procent van de totale bevolking woont. De 800 miljoen plattelanders zijn sindsdien min of meer aan zichzelf overgeleverd.

,,Nu kost een diagnose al gauw een halfjaar-inkomen'', zegt Henk Bekedam, vertegenwoordiger van de WHO in Peking.

De WHO rangschikte in het wereldgezondheidsrapport van 2000 China daarom zelfs als 188ste van in totaal 191 landen als het gaat om redelijkheid in verdeling van het nationaal medisch budget. Alleen in Braziliƫ, Burma en Sierra Leone gaat het er nog ongelijker aan toe.

De cijfers spreken voor zich: In 1979 viel nog zo'n 90 procent van de boeren onder een medische verzekering die was afgesloten door hun commune of collectief, maar nu is niet meer dan 10 procent financieel voor ziekte en ongevallen gedekt. Vooral in de kindersterftecijfers wordt die ongelijkheid schokkend duidelijk. In de arme westelijke provincies Gansu en Xinjiang is het aantal sterftes 68 per 1000 geboorten. Dat is tienmaal zo hoog als in Peking of Shanghai.

,,Waarschijnlijk dacht de regering dat boeren altijd kunnen rekenen op hun land en hun familie om hun rekeningen te betalen, maar zo werkt dat in de praktijk niet'', zegt Peng Xizhe, een specialist op het gebied van gezondheidszorg op het platteland en directeur van de Bevolkingsinstituut van de Fudan universiteit in Shanghai.

,,De regering zal met enorme fondsen moeten komen om de situatie op het platteland te verbeteren. De mensen die daar wonen vallen tenslotte ook onder de verantwoordelijkheid van de overheid, niet alleen maar de stedelingen.''

Maar dat vraagt om een gigantische reorganisatie. Volgens Peng denken veel gezondheidsspecialisten dat een heroprichting van het oude coƶperatieve medische systeem uit de jaren zestig en zeventig de beste oplossing zou zijn voor de huidige problemen. In dat scenario moet de regering assisteren in het opzetten van lokale fondsen. Ziektekosten voor ernstige ziekten als die van Hu Zhiqiang kunnen daaruit worden betaald.

De regering is officieel voor het opzetten van zo'n systeem, maar in de praktijk is er na jaren discussie nog altijd geen geld en menskracht voor toegezegd. Zo'n vijf procent van de totale overheidsuitgaven gaat nu naar de gezondheidszorg. In andere ontwikkelingslanden in de regio is dat al snel acht procent.

Maar mogelijk zal de huidige crisis toch de aanstoot geven tot lang uitgestelde hervormingen. De gezondheidszorg voor de 800 miljoen mensen op het platteland mag dan tot voor kort laag op de prioriteitenlijst hebben gestaan, Sars schokt de regering nu gewelddadig wakker, denkt Peng. ,,Het dwingt de overheid tot maatregelen die anders nooit of uiterst weifelend zouden worden genomen.''

Maar eventuele hervormingen in de gezondheidszorg zullen in ieder geval veel te laat komen om een mogelijke Sars-epidemie op het platteland het hoofd te bieden. Om zich daar tegen te beschermen zullen de boeren het voorlopig nog moeten hebben van onder andere Hu Zhiqiang in zijn rolstoel bij de wegversperring.

mailIcon print |