*

 

Alles beter dan je trouwbelofte breken

Elma Drayer − 01/11/03, 00:00

Deze week verscheen in de vrijgemaakt-gereformeerde kerk de brochure 'Echtscheiding en hertrouwen?', populaire versie van een geruchtmakend synoderapport. Echtscheiding ligt gevoelig onder vrijgemaakten: wat God heeft samengevoegd, scheide de mens niet. Maar wat als je huwelijk een hel is? Het verhaal van een man die zijn scheiding doorzette - met alle gevolgen van dien.

Op catechesatie leerde hij dat de wereld begon bij Adam en eindigde bij de gereformeerde kerk vrijgemaakt. Van de kleuterschool tot de pabo, van de volleybalclub tot de krant - zijn hele wereld was vrijgemaakt. En natuurlijk trouwde hij op een dag óók binnen de zuil. Hij leidde, kortom, een bestaan dat sprekend leek op dat van zijn 126000 geloofsgenoten. Totdat zijn huwelijk begon te wankelen.

Pieter Venema is een vriendelijke dertiger met ferme handdruk en borstelig haar. In mei 2002 werd zijn echtscheiding uitgesproken. De procedure ernaartoe verliep dramatisch -net als dat bij de meeste echtscheidingen het geval is. Bij Pieter kwam er een complicatie bij: in zijn vrijgemaakt-gereformeerde wereld is echtscheiding een zaak waarmee de gemeenschap zich intensief bemoeit.

Decennialang kwam het fenomeen onder vrijgemaakten nauwelijks voor, maar ook hier sluipen de moderne zeden binnen. Uit een onlangs gehouden 'representatief' genoemde steekproef bleek dat 95 procent van de ondervraagde kerkenraden met echtscheiding in de gemeente te maken hebben.

Maria Stoorvogel schreef in 2000 (samen met Anne Westerduin-de Jong) een boek over echtscheiding in orthodox-protestantse kring. Zelf is ze gescheiden van een vrijgemaakt-gereformeerde predikant. ,,Vroeger'', zegt ze, ,,was echtscheiding eigenlijk niet bespreekbaar. Ik kende best veel slechte huwelijken, maar scheiden dééd je niet. De eersten die de stap zetten, hebben het ongelooflijk moeilijk gehad. Het punt is: in de Bijbel staat meermalen dat echtscheiding iets is dat God háát. Als gelovig christen voel je die verantwoordelijkheid heel zwaar.''

Vrijgemaakt-gereformeerde kerkenraden zitten doorgaans vreselijk in hun maag met een echtpaar dat uit elkaar wil. Het zevende gebod verbiedt echtbreuk, en wat God heeft samengevoegd, scheide de mens niet -tenzij er sprake is van overspel óf 'kwaadwillige verlating' (partner die je van geloof en kerk afhoudt). Dat zijn de enige twee 'echtscheidingsgronden' die met de Bijbel in de hand verdedigbaar zijn.

Bij Pieter, actief belijdend kerklid, was van geen van beide sprake. Zijn -kinderloze- huwelijk was alleen maar 'heel erg' beroerd. Man en vrouw maakten elkaar al tien jaar het leven zuur. Er was geen 'communicatie', geen seks. Zij was diepongelukkig, hij ook. Hij ontwikkelde 'fobieën' die hem lam legden. ,,Ik kón niet meer op het laatst.''

Begin 2001 was het dieptepunt bereikt. De ingeschakelde huwelijkstherapeut vond de situatie zo alarmerend dat hij het paar adviseerde tijdelijk uit elkaar te gaan. Pieter: ,,Toen kwam de kerk om de hoek kijken. De kerkenraad wilde praten.'' Er volgde een gesprek met therapeut én dominee. De predikant toonde aanvankelijk begrip. ,,Jullie leven in een hél, zei hij.''

Maar Pieter en zijn vrouw werden meteen 'afgehouden' van het Avondmaal -maatregel die bij de zondaar moet leiden tot 'verootmoediging'. Pieter: ,,Dat werd per brief meegedeeld. Ik voelde me verschrikkelijk uitgesloten. Het was zo tegenstrijdig: juist als je verzoening nodig hebt, mag je niet aan het Avondmaal. Tegelijk was ik ervan overtuigd dat ik het verdiend had. Zo was ik opgevoed.''

Er volgde menig indringend onderhoud. De kerkenraad vond dat verzoening mogelijk was. ,,Alsof de ouderlingen achter je deur, in je slaapkamer kunnen kijken.'' De broeders hielden het paar voor dat het huwelijk is als de verhouding tussen Christus en Zijn gemeente. En een slecht huwelijk is een kruis dat je moet dragen -altijd beter dan je trouwbelofte breken.

Maar Pieter zette de echtscheiding door. Inmiddels had hij buiten de vrijgemaakte kerk professionele hulp gezocht om van zijn angsten ('Allemaal opgekropte woede') af te komen. ,,Toen ik dat aan de kerkenraad vertelde, zei de dominee: oppassen hoor, straks stuurt zo iemand je naar een hoer. Die opmerking heeft me zo'n zeer gedaan.''

De hulpverlener in kwestie gaf andere adviezen. Kon Pieter geen vrijgemaakte dominee vinden die hem wél begreep? Zodat hij zich nog enigszins gesteund zou voelen door zijn geloof? Dat lukte: een 'lichte' predikant die bovendien met emeritaat was, en daardoor vrijer kon praten. Pieter: ,,Hij opende voor mij een totaal nieuwe wereld. Praatte zo anders over Gods leiding en Zijn geboden.''

Volgens dr. Harold van Megen, psychiater in het UMC Utrecht en bestuurslid van de Stichting Religie en Psychiatrie, gaat het om het fenomeen 'alles of niets'. ,,In zo'n strikte gemeenschap heerst de opvatting: als je één norm opgeeft, waar eindig je dan? En daar hebben ze natuurlijk niet helemaal ongelijk in. Doorbreek jij als eenling de code, dan is dat zeer bedreigend: je maakt een keuze tégen de gemeenschap. Je moet dan wel heel stevig in je schoenen staan. Zelf wil je de zuil helemaal niet uit, maar je móét. Dat wordt je op alle mogelijke manieren duidelijk gemaakt. Terwijl jij zelf alleen maar steun zoekt, maakt de gemeenschap er een alles-of-niets-zaak van.''

Voor een landelijk kerkblad schreef Pieter regelmatig stukjes over zijn vak. ,,Dat kon niet meer, zeiden ze, nu ik in zonde leefde.'' En ook de familie -hij is de jongste van zes, zijn moeder is weduwe- bemoeide zich intensief met de huwelijksperikelen. Hij ontving lange brieven van zijn broers. Citaat: ,,Je kunt ons niet monddood maken met de uitspraak dat God je in je keuzes leidt. Wanneer wat jij doet rechtstreeks ingaat tegen wat God als Zijn gebod heeft bekendgemaakt, valt te vrezen dat je Gods naam ijdel gebruikt. Daarbij zonde tegen het derde gebod stapelend op de zonde tegen het zevende gebod, waarin je momenteel leeft.''

Pieter: ,,Mijn ene broer zei: jij bent in onze familie geplaatst. God spreekt tegen jou via ons. Mijn oudste broer verbrak alle contact. Hij wilde zijn kinderen niet in zonde laten vallen door met zo'n oom om te gaan. Ik had zijn kinderen hun tante afgepakt.''

Hij besloot te verhuizen naar een andere plaats in dezelfde streek. Het afsluitend gesprek dat hij aanvroeg met zijn kerkenraad werd hem niet toegestaan. ,,Ik wilde een vriend erbij én een schriftelijk verslag ervan. Dat kon niet. Zij waren te vertrouwen als broeders in Christus.'' Eindelijk nam hij de grote stap, en brak hij met zijn vrijgemaakte gemeente. Hij werd lid van de christelijke gereformeerde kerk in zijn nieuwe woonplaats. ,,Die dominee pakte het heel goed op. Hij heeft mij nooit iets verweten.''

Zijn geloof heeft hij behouden, zegt Pieter, maar ánders. Naar eigen zeggen ziet hij nu pas in dat de 'relatie met je naaste' van wezenlijk belang is. ,,Ik had geleerd: gevoelens zijn bedrog. Als je maar leeft naar Gods geboden. Dienstbaarheid, jezelf verloochenen zoals de Here Jezus deed -dat waren de hoogste waarden.''

Hij vindt het 'heerlijk' om uit de vrijgemaakte kerk weg te zijn. ,,Ik hoor van mensen: knap dat je die stap hebt gezet. Zelf durven ze het niet. Het ís ook moeilijk. Mijn naam is besmet, je raakt je hele netwerk kwijt. Dat doet hartstikke zeer. Je hebt het zelf niet door als je nog in het systeem zit, maar nu denk ik: de vrijgemaakte kerk is sektarisch.''

Psychiater Harold van Megen wil hem dat, zegt hij, liever niet nazeggen. ,,Los daarvan vind ik het wél vreselijk dat je uitgestoten kunt worden. En dat gelovigen precies weten wat God bedoeld heeft, vind ik bij tijd en wijle ernstig aanmatigend.''

En Pieter Venema? Verlegen vertelt hij dat hij begin dit jaar is hertrouwd, met een collega. Van zijn familie kwamen alleen zijn moeder en twee zusjes naar de bruiloft. Nog verlegener: ,,In februari verwachten we ons eerste kindje.''

mailIcon print |