*

 

Markt Europa niet zo vrij

Van onze correspondent − 07/01/03, 00:00

BRUSSEL - Alleen Groot-Brittannië en Denemarken komen de afspraken over vorming van een interne Europese markt volledig na. In dertien van de vijftien landen is de markt niet zo vrij als afgesproken. Ook Nederland schiet tekort, onder meer op het gebied van internethandel en de bescherming van intellectueel eigendom.

De Europese Commissie wil dat de lidstaten nu eindelijk eens voldoen aan wat ze hebben afgesproken om het vrije verkeer van personen en goederen in de unie zo onbelemmerd mogelijk te laten verlopen. Tien jaar na de opening van de binnengrenzen van de EU, zo constateert de Commissie, lopen de landen nog altijd structureel achter op de uitvoering daarvan. Dat betekent dat mensen en organisaties niet volledig van de voordelen van de vrije markt kunnen profiteren.

Een voorbeeld van ongeoorloofde hinder is het claimen van schade na een aanrijding met een auto die in een ander EU-land is geregistreerd. Volgens de Commissie is het afwikkelen van de zaak met de verzekeringsmaatschappijen vaak zo ingewikkeld en tijdrovend dat de term 'vrije markt' nauwelijks van toepassing is. Nederland schiet eveneens op dit punt tekort, zoals dat ook geldt voor het verkopen van producten en diensten via internet en voor het beschermen van het intellectuele eigendom van design-ontwerpen.

In totaal noemt de Commissie vijf concrete besluiten waarvan de EU-lidstaten hebben beloofd ze tussen juli 2000 en juli 2002 in daden om te zetten. Daartoe moesten de landen veelal hun nationale wetgeving aanpassen en ambtelijke en administratieve maatregelen nemen.

Elf landen, waaronder Nederland, krijgen omtrent een of meer besluiten een 'vriendelijk doch dringend verzoek' orde op zaken te stellen. Maar voor de bescherming van ontwerpen stapt de Commissie nu naar het Europese Hof van Justitie. Volgens haar frustreren Nederland, België, Duitsland, Spanje, Luxemburg, Oostenrijk en Portugal deze vrije-marktregel nu al zo lang dat het de industrie daadwerkelijk de lust kan ontnemen om in nieuwe producten te investeren.

Een besluit waaraan Nederland wel voorbeeldig gevolg gaf is hetmaken van regels over het teruggeven van historische kunstvoorwerpen die ooit, in het woelige Europese verleden, in een ander EU-land zijn gestolen. Frankrijk, België en Luxemburg treuzelen met het omzetten van deze afspraak in regels.

Een andere afspraak waaraan Nederland wel voldoet, betreft het betalen met 'elektronisch geld' als bankpasjes, chipkaarten of via internet. In veel andere landen wordt dit geld niet geaccepteerd of ontbreekt overheidscontrole op de betrouwbaarheid van deze betalingswijzes.

mailIcon print |