*

 

Nooit meer jong

Bas de Vries − 06/05/03, 00:00

Het jongensachtige is er af bij Tony Blair, de jaren beginnen te tellen. Niet alleen voor de premier, ook voor Groot-Brittannië, zo lijkt het.

Tony Blair wordt vandaag vijftig, maar liever dan feest te vieren vliegt hij naar Dublin voor overleg over het vredesproces in Noord-Ierland. Hij ziet als een berg op tegen deze verjaardag, vertelde hij onlangs in een tijdschrift voor senioren. ,,Pas rond je vijftigste dringt het langzaam tot je door dat niemand je ooit nog als jong zal beschouwen.''

Een pijnlijke constatering voor iemand die het imago koestert van de meest jongensachtige premier uit de Britse geschiedenis. Blair doet meerdere malen per week aan fitness, luistert liever naar rock dan naar klassieke muziek, en struikelt bij het verlaten van zijn ambtswoning over het speelgoed van zijn driejarige zoontje Leo. Op de televisie was onlangs te zien hoe hij de trap besteeg van het vliegtuig dat hem naar zijn bondgenoot Bush zou brengen: als een ware atleet, met twee stappen tegelijk.

Sport helpt volgens Blair tegen de stress van het vak. Maar in de aanloop naar de Golfoorlog, zonder twijfel de moeilijkste periode uit zijn politieke leven, begon zijn gezicht wel degelijk te tekenen. In de Britse pers verschenen bezorgde beschouwingen over zijn plots grijzende haar, de zwarte lijnen onder zijn ogen, de grauwe kleur van zijn gezicht.

Het was alsof Groot-Brittannië in één klap tot de ontdekking kwam dat die onvermoeibare kampioen van 'Nieuw Labour', die bij de verkiezingen van 1997 de stoffige Conservatieven uit Downing Street wist te verjagen, niet altijd 43 zal blijven. En dat ook de rest van het land haast ongemerkt een dagje ouder is geworden.

Het hoge 'rock 'n' roll-gehalte' van Blair paste goed bij het Engeland van de jaren negentig, dat zich in die tijd definitief losmaakte van het clichébeeld dat van het eiland bestond als een optelsom van verouderde industrie, fish and chips, witte lijven en voetbalgeweld. De economie bloeide, de werkloosheid smolt vrijwel weg, de voetbalclubs haalden de beste spelers ter wereld binnen, de Brit Art-generatie verkende de grenzen van de kunst, Britpop (Oasis en Blur voorop) zorgde overal voor enorme cd-verkopen en tv-kok Jamie Oliver liet zien dat koken heel hip kan zijn.

Bij die snelle ontwikkeling hoorde een politieke leider zoals Blair: iemand die in zijn studententijd in Oxford zelf in een rockband heeft gespeeld ('Ugly Rumours'), die links is maar niet op een drammerige manier, getrouwd is met een vrouw (Cherie) die geldt als een topadvocaat en die Oliver uitnodigde om voor hem en de Italiaanse premier te koken ('Gebakken zeebaarsfilet op aardappels en paddestoelen met salsa verde'). Toen hij in 1998 naar Rotterdam kwam om de verkiezingscampagne van Koks PvdA extra gewicht te geven, kreeg hij het onthaal van een ware popster. Tony Blair was over de hele wereld hét symbool van 'Cool Britannia'.

Maar inmiddels beginnen de jaren dus te tellen voor Blair en dat geldt in zekere zin ook voor het land dat hem twee jaar geleden zo overtuigend herkoos. De economie draait iets minder slecht dan in veel andere Europese landen, maar ook in de Londense City vallen veel ontslagen. Britpop is nu vooral een onderwerp voor nostalgische films en boeken - in de Amerikaanse hitlijsten is vrijwel geen Engelse band meer te vinden. En in de Champions League kwamen Newcastle United, Arsenal en Manchester United dit seizoen uiteindelijk toch weer klasse tekort.

Groot-Brittannië én Blair dienen genoegen te nemen met een bescheidener rol in de wereld dan zij nog niet zo lang geleden voor zich zagen weggelegd. De premier die zei als een 'brug' te willen functioneren tussen de Verenigde Staten en Europa, moet na de politieke crisis van de afgelopen maanden constateren dat de kloof tussen beide continenten alleen maar groter is geworden. Het project van historisch afmetingen dat hij na de Golfoorlog op zijn schouders wilde nemen - de Britten de eurozone binnenleiden - gaat hoogstwaarschijnlijk voorlopig de ijskast in. Blair beschouwt het als een uitdaging om na alle tegenstand in de kwestie-Irak de bevolking opnieuw voor een groot project te winnen. Maar het blijkt tot op heden onmogelijk om zijn tweede man en mogelijke opvolger in de toekomst, minister van financiën Gordon Brown, enthousiast te krijgen.

Niet grote internationale kwesties, maar binnenlandse onderwerpen zullen de komende tijd weer Blairs agenda bepalen: gezondheidszorg, onderwijs, veiligheid, het asielbeleid. De slechte uitslag van de lokale verkiezingen van afgelopen week heeft laten zien dat de overmacht van Labour niet zo vanzelfsprekend is als sommigen binnen de partij wel denken. De conservatieven vallen Blair steeds aan op hetzelfde punt: de belastingen gaan verder omhoog, maar de situatie in de zorg en het onderwijs wordt er niet beter op.

Maar ook binnen zijn eigen partij zal nog menig robbertje moeten worden gevochten, te beginnen deze week al over de vraag of ziekenhuizen in de toekomst meer mogen functioneren als maatschappelijke ondernemingen, met alle financiële vrijheden die daarbij horen. Nieuw Labour denkt dat de zorg daardoor beter zal aansluiten op de wensen van de patiënt, maar de linkervleugel van de partij en de vakbonden vrezen dat meer marktwerking zal zorgen voor een tweedeling in de zorg en roeren zich als zelden tevoren.

Kan de premier met de grote buitenlandse ambities nog de energie opbrengen om dergelijke confrontaties aan te gaan? Wie hem vorige week beluisterde op zijn persconferentie, iets bruiner weer en enigszins bijgeslapen, kreeg de indruk van wel. Blair sprak vol vuur over een nieuw groot project: de noodzakelijke hervorming van de 'welvaartstaat van 1945', de ziekenhuizen inbegrepen. Hij is naar eigen zeggen liever 'radicaal dan dat ik genoegen neem met een rustig leventje'. De man die lang regeerde met een schuin oog op de opiniepeilingen, is nu minder bang om impopulaire beslissingen te nemen.

De spanningen van de afgelopen oorlogsmaanden, toen een deel van zijn eigen achterban op straat om zijn aftreden vroeg, lijken redelijk verwerkt. Volgens The Times heeft de diep gelovige Blair medewerkers verteld dat hij klaar is 'voor mijn schepper te verschijnen en mij te verantwoorden voor zij die zijn omgekomen of verminkt als gevolg van beslissingen'. Al accepteert hij dat sommige 'mensen die geloven in dezelfde God als ik' menen dat het laatste oordeel over Tony Charles Lynton Blair niet zo gunstig zal uitvallen als hij zelf denkt.

De verwachting is inmiddels dat hij na de eerstvolgende parlementsverkiezingen (vermoedelijk in 2005) voor een derde en laatste termijn als premier zal gaan. Maar rechtstreekse vragen daarover weigert hij te beantwoorden. En hij laat al helemaal niets los over de functie die hij over tien jaar wil bekleden, als hij zestig wordt. Dat is een leeftijd waar Blair nu even liever niet aan wíl denken.

mailIcon print |