*

 

Rouw om Sedar werkt helend

Hélène Butijn en John Hoogerwaard − 08/02/03, 00:00

Op het parkeerdek van het Rotterdamse metrostation Slinge werd de 13-jarige Sedar vorig weekeinde door een kogel in zijn hoofd getroffen, vermoedelijk omdat hij een sneeuwbal naar een passerende auto had gegooid. Hij zou de volgende dag overlijden. Sedar wordt vandaag begraven. De buurt ervaart zijn dood als een afschuwelijk incident, maar voor de mensen in de naoorlogse wijk kan hij ook veel betekenen. De rouw werkt helend, maar voor hoelang?

Auto's rijden onafgebroken in een lange kolonne voorbij, de brede Slinge af. Wanneer de deuren van het gelijknamige metrostation openschuiven, gaan alle blikken automatisch even naar rechtsboven. ,,Nog steeds mensen', verzucht een oudere vrouw die gearmd met haar man naar buiten stapt. De bloemen, een ballon en een fakkel voor de vermoorde Sedar komen net boven de donkerbetonnen rand van het parkeerdek uit.

Metrostation Slinge ligt ingeklemd tussen twee wijken: Pendrecht en Zuidwijk, de zuidelijke tuinsteden van Rotterdam. Het station zelf lijkt wat op een langgerekt veilinggebouw. De hal is grauw maar opvallend schoon, aangekleed met een kunstwerk van gewapend beton en roestig staal. Het station ligt op een druk punt. Bussen, auto's, vrachtwagens en metro's rijden voorbij. Op de stoepen lopen hier en daar slungelige scholieren, en een enkele gehaaste moeder met kinderwagen.

De woningen, ook pal naast het metrostation, lijken allemaal hetzelfde: drie of vier verdiepingen hoge flats met vierkante portieken en grote ramen. En alles in leverkleur, pastelroze of -blauw en geel. De kleuren van de jaren vijftig, die van de wederopbouw. De straten zijn opvallend breed. Tussen de huizen liggen grote lappen grasveld. Alles ademt, hoewel wat versleten, de sfeer van de jaren na de oorlog.

Bij de metro hangt een groepje jongeren rond. Bij het Shell-pompstation aan de overkant beschoten criminelen elkaar nog geen jaar geleden. Maar de schietpartij waarbij Sedar om het leven kwam, had overal in Nederland kunnen gebeuren, zegt iedereen in de buurt. Metrostation Slinge is geen magneet voor criminelen, eerder een wat onbestemde plek. Het is er de laatste jaren wel onaangenamer geworden, zeggen jong en oud, allochtoon en autochtoon. Niet alleen op het station, maar ook in de wijken eromheen.

Zuidwijk en Pendrecht zijn in de jaren vijftig gebouwd. Er woonden in die begintijd vooral gezinnen. ,,Het waren mooie, wat duurdere huurwoningen, lang niet iedereen kon het zich veroorloven hier te wonen', vertelt Jaap Ernst (45). Hij woont al zijn hele leven in Zuidwijk, op een steenworp afstand van het metrostation. ,,Om de grasvelden waren toen rozenperken, die zorgvuldig werden onderhouden. We speelden met alle kinderen veel buiten. Toen de televisie kwam, hadden drie mensen bij ons in de flat zo'n toestel. Wij waren tevreden met een bal en een springtouw. Voor jongeren van nu is dat niet meer genoeg.'

In Pendrecht en Zuidwijk is niks te doen, vinden jongeren. Ze noemen de wijken 'saai'. ,,Als we wat willen doen, gaan we met de metro naar Zuidplein', zegt Aisha (13). ,,Dan gaan we daar winkelen, gewoon wat kijken en zo. Hier in de buurt heb je niks.' En de sfeer is veranderd, zeggen alle bewoners. Ai sha: ,,Jaren geleden kon je nog gewoon buitenspelen. Als je nu iets zegt, krijg je meteen een grote bek. Ik ben ook buitenlander, maar het komt toch ook wel doordat er steeds meer mensen bij komen wonen.'

,,Samenleven met mensen uit verschillende culturen is een van de uitdagingen van Zuidwijk', staat op het bord waarop Woningbouwvereniging Vestia Rotterdam Zuid een renovatieronde aankondigt. ,,Iedereen werkt en is dus overdag niet thuis', zegt Jaap Ernst. ,,Daar komt het ook door. En als je thuiskomt doe je de deur op slot. Vroeger was ma altijd thuis. Zij praatte dan met de buurvrouwen in de portiek, als de groenteman of de melkman langskwam. Het is nu toch een beetje: onbekend maakt onbemind.'

Waar het aantal Nederlanders in de twee wijken al jaren daalt, neemt de stroom van Antillianen, Turken, Marokkanen en vluchtelingen toe. In Pen drecht en Zuidwijk woonden in 1997 zo'n 700 Antillianen. Nu zijn dat er bijna 2000. Gezinnen met twee opvoeders vinden de flatwoningen tegenwoordig vaak te klein. Het aantal eenoudergezinnen is toegenomen, vooral in Pen drecht. De wijk telt nu zo'n achthonderd gezinnen waar kinderen bij twee ouders wonen, naast ruim twaalfhonderd één-ouder-gezinnen.

Het zorgt voor een dubbel conflict. In de wijk wonen veel oudere Nederlanders naast jongere nieuwkomers. Hun leefwerelden hebben geen enkel raakvlak. Terwijl jongeren verveeld op straat rondhangen, is het in wijkcentrum De Larenkamp druk. Achter de vitrage hangt een grote Amerikaanse vlag. Grijs Zuidwijk doet aan line dancing.

De kloof is historisch gegroeid, vertelt opbouwwerker Frank Boerboom. Toen in de jaren zeventig de kinderen van de eerste bewoners volwassen werden en een huis in de wijk zochten, vingen ze bot. De huizen waren toen nog gewild en daardoor moeilijk verkrijgbaar. ,,Die kinderen schoven door naar Spijkenisse en Hellevoetsluis. Daardoor vergrijst de wijk nu in enorm tempo. Alles wat nu vrijkomt, wordt opgevuld met mensen die aan de onderkant van de markt zitten, omdat de woningen niet meer voldoen aan de eisen van deze tijd. Eigenlijk is een wijk als Pen drecht nooit volwassen geworden.'

Het is een mechanisme waaraan meer Rotterdamse wijken de laatste decennia ten prooi zijn gevallen. Een witte vlucht, direct gevolgd door de zwarte instroom. In de Zuidelijke Tuinsteden is dit proces in volle gang en dat doet de alarmbellen op het stadhuis aan de Coolsingel rinkelen. Pendrecht en Zuidwijk zijn geen achterstandswijken. Maar de potentie is aanwezig, al is het nog niet zover.

Op de smetteloze brede stoepen zijn schuursporen van de veegmachines te zien. Aan de Slinge, die beide wijken doorkruist, staan minstens vier kerken: allemaal hoekige jaren vijftig-bouw. In één van die kerken lag de afgelopen dagen het lichaam van de omgekomen Sedar Soares opgebaard. Familieleden, schoolkinderen en wie verder maar wilde, was van harte welkom om afscheid van hem te komen nemen. Om iedereen te kunnen ontvangen, hebben pastores Joop Visser en Harrie Tullemans de afgelopen dagen zelfs overnacht in een zijvleugel van de kerk. Visser: ,,We slapen hier boven, gewoon op de grond. Ik kende Sedar niet, maar nu heb ik hem echt leren kennen. Hij is bij ons gaan horen. Elke avond lopen we nog even naar hem toe. 'Welterusten jongen', zeg ik dan. Dit is voor ons allemaal zo bijzonder.'

Op het pleintje voor de kerk komen 's middags kleine groepjes jongeren schoorvoetend aangelopen. Pastor Visser veert voortdurend op, tikt vanachter het witgehaakte gordijn tegen het raam en gebaart naar de ingang. ,,Harrie, ga jij even naar ze toe?' Met een zucht: ,,Kijk naar de trouw van die kinderen. Zo geweldig, zo mooi.'

De dood van Sedar is natuurlijk een afschuwelijk incident, zegt Visser, maar voor de mensen in de wijk kan het ook veel betekenen, gelooft hij. ,,Het werkt ook helend. Ineens, zo lijkt het, is er de ruimte geschapen om ook de zachte kanten van de maatschappij een kans te geven. Voor iedereen die dit meemaakt, is dit zo intens. We leven op de toppen van gevoeligheid, er komen bij iedereen heel warme gevoelens boven. En we hebben ineens ook contacten met andere zorginstellingen: de politie, de brandweer, de EHBO. Het kille individualisme waar ik na 27 jaar missiewerk in Afrika zo van schrok, is voor even verdwenen.'

Uit het gangetje achter zijn kamer klinken schuifelende voeten en gesnik. Visser knikt: ,,Dat hoort erbij. Dat is het leven.' En even later: ,,Kijk, zo lopen ze weg, met de armen om elkaar heen. Wat een prachtig, ontroerend beeld.'

De kilte is even verdwenen, maar voor hoe lang? Want Visser erkent dat in Zuidwijk en Pendrecht onbegrip heerst. De kilte van het ik-denken, het langs elkaar heen leven. ,,Ik hoor de verhalen ook. Vuilniszakken die van driehoog naar beneden worden gegooid en op de stoep ontploffen. Dat kan toch niet.' Volgens de pastor zijn het deze dagelijkse dingen die een klimaat scheppen waarin een gewapende idioot zomaar een kind van 13 doodschiet. ,,Hoe is het nou mogelijk dat iemand een geladen revolver op zak heeft? Hij had het natuurlijk niet bij zich om op kinderen te schieten. Maar God weet hoeveel mensen zo rondrijden.'

Het is een angst die ook bij opbouwwerker Frank Boerboom leeft. Als je besluit niet deel te nemen aan het maatschappelijk leven, kun je in Pendrecht en Zuidwijk volstrekt anoniem wonen. ,,Begin van de week, toen er lijkenpikkers van de media rondliepen, riepen we allemaal in koor: 'Nee hoor, geen problemen hier'. Maar dat is natuurlijk onzin.'

Dat er in de wijk weinig te doen is voor jongeren, brengt voor hen een extra risico met zich mee, denkt Frank Boerboom. In verveling ligt volgens hem de kiem voor slechte ideeën. ,,Op straat hangen is een risico. Ze zien op tv dat mensen naar de disco gaan, de nieuwste spelcomputers hebben. Maar deze jongens hebben geen geld om op stap te gaan. Dan gaan ze soms toch manieren bedenken om wél aan geld te komen. Dat is absoluut geen sche ring en inslag, want de meeste jongens gaan gewoon netjes naar school. Maar het gevaar is wel degelijk aanwezig.'

Waar angst voorheen voorbehouden leek aan blanke senioren, houden nu ook de allochtone ouders hun kinderen binnen, vertelt Habib van Thuis Op Straat (Tos). De speelactiviteiten van deze organisatie zijn populair bij kinderen. ,,Ook Sedar deed vaak mee. Voetballen', zegt Habib. Terwijl hij kleumend op een straathoek staat, vertelt hij dat veel kinderen voorlopig niet meer naar buiten mogen. ,,Het is hartstikke stil, man. De ouders zeggen: 'Sorry Habib, maar het is te koud'. Maar een paar hebben mij verteld dat ze bang zijn.'

In het donker wordt het stil rond metrostation Slinge. Over de Slinge, de doorlopende weg, ligt een benauwde loopbrug. Aan de ene kant ligt het verlichte metrostation, aan de andere kant het donkere parkeerdek waar Sedar om het leven kwam. Drie jongeren praten met elkaar bij de fietsenrekken. Bij de bushalte staan groepjes wachtenden. Een vrouw buigt zich naar het portier van een taxi.

Op het parkeerdek staan in de avond nog maar weinig auto's. Tussen bewasemde bloemen in plastic bibbert kaarslicht voor een foto van Sedar. In het flatgebouw vlakbij schuift iemand het gordijn opzij. De auto's rijden voorbij. Geen dreunende bassen, geen lawaaiige uitlaten. Ze rijden gehaast door Zuidwijk en Pendrecht. Op doortocht naar iets anders.

mailIcon print |