*

 

Schouten

Rob Schouten − 24/01/03, 00:00

Als ik naar de snelweg rijd om Amsterdam achter me te laten maak ik om een of andere reden altijd een omweg via een straat waar ik vroeger gewoond heb.

Ik schrijf nu 'om een of andere reden' maar wat me drijft is wel duidelijk: nieuwsgierigheid en nostalgie naar mijn oude huis. Staat het er nog? Is het niet te veel veranderd? Er staat een pot in de vensterbank die ik nooit gekocht zou hebben en er hangen andere gordijnen, meer zie ik niet in de gauwigheid. Aanbellen en vragen of ik even mag komen kijken, zou verkeerd zijn voor mij en de nieuwe bewoners. Ik kom met de verkeerde ogen. Mijn vroegere woning zou getransformeerd zijn in iets wat helemaal niet bij me past en waar ik me nooit thuis zou hebben gevoeld. Ik zou me een beetje gestorven voelen en ten onrechte op aarde teruggekeerd. Nieuwe bewoners trekken zich nooit iets van de vorige aan, weet ik van mezelf. Van de dame die jaren door mijn huidige vertrekken heeft gelopen voel ik nooit iets en dat is goed. Wie wil nou een spookhuis bewonen? Ook langs mijn oude huis in Kranenburg, net over de Duitse grens, rijd ik wel eens. Hier zijn de veranderingen veel drastischer, het huis heeft wel wat weggekregen van een antiekwinkel en de tuin ligt er veel verzorgder bij, er staan zelfs een wagenwiel en een kabouter in. Diep binnen in me woont iemand die die troep allemaal weg zou willen halen en een bordje naast de deur spijkeren: hier leefde en werkte Rob Schouten. Mijn meest gefrequenteerde bedevaartsplaats is Haarlem, Kopsstraat 18. Een kleine straat met een onopvallend huis. Hier ben ik ooit onvermengd gelukkig geweest. Altijd scheen de zon er, bloeiden de acacia's of kreeg ik een ijsje van 10 cent. Dit is mijn paradijs. In de tussentijd hebben er allerlei andere mensen in die Hof van Eden gewoond maar je kunt zien dat ze niet wisten hoe ze dat moesten doen, ze misten er de juiste leeftijd, een jaar of zeven, voor. Een dezer dagen betrad ik zo'n huis waar ik ooit gewoond heb. Het was mijn oude studentenkamer op Uilenstede en het bleek dat ik volstrekt vergeten was hoe drie bij vier meter voelde. Nog afgezien van de inrichting was het een volstrekt onbegrijpelijke ruimte geworden en opgelucht stelde ik vast dat er geen post meer voor me arriveerde. Oude huizen, laat toch met rust.

mailIcon print |