Christiaan Mooij is met zijn zestien jaar een van de jongste studenten in Nederland. Sinds september studeert hij geneeskunde en psychologie aan de Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij heeft niet het gevoel dat hij anders is dan anderen: ,,Ik voel me geen zestien, ik voel me eerstejaarsstudent''.
Beneden in de kale studieruimte van de geneeskundefaculteit heeft Christiaan Mooij zijn rugzak achteloos op de grond gegooid. Met zijn donkere, verlegen oogopslag, gekleed in trui en spijkerbroek, lijkt hij eerder middelbare scholier dan student. ,,Op de basisschool heb ik twee klassen overgeslagen'', vertelt Christiaan bescheiden. ,,Daardoor kreeg ik vrienden die een paar jaar ouder waren dan ik. Dat was eigenlijk wel fijn. Met hen kon ik beter opschieten dan met leeftijdgenoten.'' Dat hij nog maar net tien was toen hij naar het gymnasium ging, vond hij geen probleem. ,,Op de basisschool had ik het wel gezien. Ik speelde niet meer op straat, zoals kinderen van mijn leeftijd. Ik was toe aan iets nieuws.''
Datzelfde gold aan het eind van de middelbare school. Een jaartje werken of reizen na het examen was niets voor Christiaan. ,,Ik wilde studeren'', benadrukt hij, ,,iets doen wat me écht interesseert.'' Het stond als een paal boven water dat dat geneeskunde was. ,,Biologie vond ik op de middelbare school het leukste vak, en dan vooral wanneer het over het menselijk lichaam ging. En ik wilde iets met mensen doen.'' Daarnaast studeert Christiaan, in navolging van zijn ouders, ook psychologie. ,,Dat is pure interesse'', zegt hij. ,,Ik wil leren hoe karakters van mensen in elkaar zitten.''
Studeren kost Christiaan, die nog bij zijn ouders woont, weinig moeite. Aan geneeskunde besteedt hij, inclusief colleges en practica, zo'n 22 uur, aan psychologie circa 6 uur per week. ,,In een tentamenperiode ben ik wel wat meer tijd kwijt'', nuanceert hij. ,,Maar ik zorg er altijd voor dat ik 's middags klaar ben.'' Standaard maakt hij van de tentamenstof een samenvatting. ,,Die typte ik altijd uit. Eigenlijk ken ik de stof dan wel. De avond voor het tentamen lees ik de samenvatting nog een keer door.''
Het lijkt Christiaan allemaal van een leien dakje te gaan. Vriendelijk maar gedecideerd vertelt hij dat eigenlijk niets in het leven hem tegenzit. ,,Ik kan het goed vinden met mijn ouders en mijn jongere broer Johannes, ben gezond, kan goed leren en heb veel vrienden'', aldus de eerstejaarsstudent.
Toch heeft het snelle leren hem niet altijd voordeel gebracht. ,,Op de basisschool heb ik een rottijd gehad'', wil Christiaan wel kwijt. ,,De stof was voor mij veel te makkelijk, maar ik had last van faalangst. Zo kon ik op school totaal niet rekenen, terwijl ik me dat thuis goed afging. De lerares dacht dat ik dom was of niet mee wilde doen. Ik ben toen naar een andere school gegaan, met een speciale klas voor snelle leerlingen.''
Tussen de snelle leerlingen voelde Christiaan zich helemaal niet thuis. ,,Ik heb nooit met extra intelligente kinderen opgetrokken. Dat doe ik nu ook niet. Ik heb totaal geen band met hen.'' Uiteindelijk kwam Christiaan terecht op een 'doodgewone dorpsschool'. ,,Daar had ik het eindelijk naar mijn zin.'' Toch verdween de faalangst pas op de middelbare school. ,,Tijdens de Cito-toets klapte ik nog helemaal dicht. Daar kwam zeker geen vwo-advies uit. Gelukkig steunden mijn school en mijn ouders me om wel naar het vwo te gaan.''
Christiaan vindt zichzelf niet anders dan zijn medestudenten. ,,Ik voel me geen zestien. Ik voel me eerstejaarsstudent. Misschien kan ik wat makkelijker studeren. Daar bof ik mee, want ik hou meer tijd over voor andere dingen.'' Die andere dingen bestaan vooral uit sporten. ,,Ik tennis veel met mijn vader en met Johannes. Zomers ga ik vaak fietsen in de bergen. Ik hou ook van televisie kijken: een paar keer per dag journaal, en verder sport. En ik ga soms naar een voetbalwedstrijd van Ajax of het Nederlands elftal.'' Een studentenvereniging trekt hem niet. ,,Ik ga wel gewoon wat drinken met vrienden, één of twee keer in de week.''
Studeren komt vooral neer op het goed plannen van tijd, vindt Christiaan. Een beetje lachend: ,,Maar daar hoef ik nooit moeite voor te doen. Dat gaat vanzelf.'' Hij ziet wel dat andere studenten daar moeite mee hebben. ,,Sommigen beginnen een dag vóór het tentamen pas met studeren. Die blokken de hele nacht door. Dat zul je mij nooit zien doen. Ik kom nooit in tijdnood en ben gelukkig ook nooit gestresst voor een tentamen.''
,,Ambitieus? Ja, dat ben ik geloof ik wel'', zegt Christiaan, die daar even over na moet denken. ,,Als ik mezelf een doel stel, wil ik dat halen. Maar ik ga niet per se voor hoge cijfers. Laatst ben ik gezakt voor het tentamen geschiedenis van de psychologie. Natuurlijk vind ik dat jammer, maar ik maak er geen drama van.''
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.