Niemand heeft nog kunnen overtuigen waarom een oorlog tegen Irak nodig is. Geweld mag alleen gebruikt worden bij een dramatische escalatie van geweld. Echte helden strijden vreedzaam voor recht en vrijheid.
Jacques De Milliano en ikzelf waren in 1988 namens Artsen zonder Grenzen getuige van de vergassing door Saddam Hoessein van Koerdische burgers in Halabja (Noord-Irak). Zevenduizend mensen werden in enkele minuten gedood. Daarnaast werden duizenden mensen vergiftigd door mosterdgas, waarvan ze voor de rest van hun leven de gevolgen dragen. Ik stap dus niet mee in het discours van pacifisten die Saddams misdaden relativeren en al hun kruit verschieten op de VS en president Bush.
Saddam Hoessein is en blijft een misdadiger tegen de menselijkheid. Er moet een internationaal arrestatiebevel komen tegen die man, en hij moet voor het Internationaal Strafhof worden gebracht. En toch: een oorlog is nooit rechtvaardig, wat Thomas van Aquino en Hugo Grotius in hun tijd ook beweerden.
Oorlogen worden altijd op de een of andere manier gerechtvaardigd, door diegene die de oorlog uitlokt of door diegene die hem uitroept. In naam van enkele vaten olie of een handvol diamanten die heilig worden verklaard. Maar de afgelopen weken heb ik geen enkel betoog gehoord, uit de Verenigde Staten noch uit Europa of de Arabische wereld, waaruit ik de zin van de aangekondigde oorlog tegen Irak kon afleiden. Ook de vredesactivisten bieden geen vreedzame voorstellen.
Mijn verleden als oorlogschirurg en politicus bracht me dichter bij de geweldloze profeten uit de vorige eeuw: Gandhi, Merton, King, Müller, Patfoort. Doordat ik veel slachtoffers van oorlog heb geopereerd en tal van heftige politieke scheldpartijen en ondergrondse activiteiten heb meegemaakt, ben ik ervan overtuigd geraakt dat geweld alleen gebruikt kan worden om een dramatische escalatie van geweld te stoppen, zoals een genocide of etnische zuiveringen. En dat geweld mag dan alleen afradend zijn en niet offensief.
Ik kan wel de wraakgevoelens of agressiviteit begrijpen bij mensen, die diep vernederd of onderdrukt worden. Maar talrijker zijn diegenen, die ondanks deze repressie en uitbuiting, toch vreedzaam strijden voor meer recht en vrijheid. Die anonieme helden bewonder ik mateloos. Geweldloosheid is geen passieve houding. Actieve geweldloosheid getuigt van politiek realisme én van spirituele wijsheid: geweld veroorzaakt altijd wrokgevoelens bij de overwonnene en schuldgevoelens bij de overwinnaar. Ik ben ervan overtuigd dat een cursus over geweldloze onderhandelingen bijzonder nuttig zou zijn voor veel politici.
Dat betekent niet dat criminele leiders de absolutie moeten krijgen. In plaats van een oorlog te beginnen, moeten de pressiemiddelen worden opgevoerd. Ze kosten veel geld, maar die hoge prijs is niets in vergelijking met de tol die de Iraakse bevolking moet betalen als de oorlog uitbreekt. Die hoge prijs staat ook niet in verhouding tot de prijs die wij zullen betalen als een golf van rancune en misprijzen vanuit de Arabische wereld op ons afkomt. En dan heb ik het nog niet over de economische en sociale implicaties.
De partiële bezetting van het Iraakse luchtruim in het Noorden en Zuiden, om zowel de Koerden als de sjiieten te beschermen tegen repressies, moet gehandhaafd blijven zolang Irak niet serieus ontwapent. Embargo's daarentegen werken niet, ze verarmen de bevolking en verrijken een politieke en commerciële elite door corruptie. Het komt maar zelden voor dat door zo'n embargo een volk in opstand komt om het regime omver te werpen. Daar komt bij dat de hypocriete internationale gemeenschap geen efficiënt gecontroleerd wapenembargo toepast. Liever mensen uithongeren dan mensen ontwapenen.
De wapeninspecties liepen in de jaren negentig op een fiasco uit, maar nu maken ze een kans, door het massale neerstrijken van Amerikaanse en Britse troepen in de Golfregio. Zij zullen een tijdlang paraat moeten blijven, om in een paar uur operationeel te worden, indien Saddam Hoessein en zijn familie de macht niet overlaten aan een gematigde regering. Dat laatste is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan, want opvolgers voor Saddam moeten nog verrijzen en dan moeten ze ook nog internationaal krediet bekomen. Zo'n regering zou volgens mij ondersteund moeten worden door een belangrijke VN-vredesmacht: peacekeeping en peace-building.
Er moeten trouwens eindelijk eens permanente, professionele, internationale wapeninspectieteams worden opgericht. Irak én Noord-Korea hebben nu prioriteit, maar deze teams moeten ook aan de slag in Centraal-Afrika, Tsjetsjenië, Kashmir en andere explosieve gebieden. En de inspecteurs moeten rapporteren aan een vast panel van de permanente en niet-permanente leden van de VN-veiligheidsraad.
Ik zal wel een dromer zijn, maar waarom zou Bush Saddam Hoessein niet op een geweldloze manier kunnen overtuigen de macht over te dragen? Hij zal pas een groot staatsman zijn als hij Saddam kan verwijderen zonder een oorlog. Want de cyclus van oorlogscultuur, de natuurlijke drang van elk van ons om de meerdere te worden van de ander, zit ingebakken in de homo sapiens. Vrede en veiligheid blijven uitzonderingstoestanden, die we steeds opnieuw moeten verwerven.
Dat kan alleen als we de wil opbrengen om onze agressiviteit en machtsdrang in te tomen en om te zetten in dialoog, ook al koken we innerlijk van woede. De wil om de andere niet te vernederen en om, al was het maar even, ons in te leven in wat onze tegenstander denkt en voelt. Gerechtigheid volgt dan vanzelf, want er is geen verzoening zonder dat een minimum-recht is geschied.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.